Hollywood in de ban van belaagde blondjes

De oude grieken zagen blond haar al als teken van vruchtbaarheid en jeugd. Blonde godinnen van het witte doek zetten die traditie voort. En van Mae West tot Madonna, ze weten: gentlemen prefer blondes.

'Does she...or doesn't she?' Een halve eeuw terug ging deze reclameslogan niet over botox maar over blondeercreme. Copywriter Shirley Polykoff van Foot, Cone & Belding (ze stond model voor Peggy in 'Mad Men') verzon de slogan voor het Amerikaanse haarverfmerk Clairol, en stuwde zo de omzet van de haarverfgigant naar anderhalf miljard dollar per jaar.

Het betekende een stap omhoog voor het nepblondje dat niet meer, gelijk geliefde filmgodinnen als Jean Harlow en Marilyn Monroe, met waterstofperoxide, chloor, ammoniak en vlokken zeep aan de slag hoefde, maar dat het begeerde blond nu gewoon uit een potje kon halen. Met de belofte van een natuurlijke uitstraling bovendien. 'Alleen haar kapper weet hoe het zit', vervolgde de advertentietekst. Een vrouw wilde dan wel liefst blond zijn in de jaren vijftig, het moest wel in het nette blijven.

Tegenwoordig komen vrouwentypes meestal in vier of vijf haartinten tot ons (van de Spice Girls tot aan Gooische Vrouwen) maar in de jaren dertig, veertig, en zeker vijftig, van de vorige eeuw heerste het blondje. Filmhuis Den Haag grijpt de vijftigste sterfdag van het beroemdste blondje, oftewel Marilyn Monroe, nu aan voor een terugblik op die hoogtijdagen van de blondine, toen in Hollywood blond niet alleen een haartint was, maar een karaktertrek, meerdere tegenstrijdige karaktertrekken zelfs.

Met het blondje en de brunette in de zwijgende film was het nog als met de witte en zwarte hoeden in de western: witte hoed goed, zwarte hoed fout. Maar met de komst van geluid en sensuele blonde actrices als Jean Harlow en Mae West, onderging de engelachtige blondine van regisseur D.W. Griffiths en King Kong een metamorfose. Het programma 'Hollywood Blondes' onderscheidt drie types: de sexy blondine (zoals Harlow, Mansfield, Monroe), de koele blondine (Grace Kelly, Kim Novak) en het blonde buurmeisje (Ginger Rogers, Doris Day).

In haar standaardwerk 'On Blondes' herleidt journaliste Joanna Pitman de in de 21ste eeuw tot in Japan gedeelde obsessie met blond haar terug tot aan Homerus, die liefdesgodin Aphrodite gouden haren gaf; het symbool van jeugd en vruchtbaarheid, goddelijkheid en schoonheid. De Griekse 'heretai' (hoeren van stand) imiteerden de godin door hun haren te verven met saffraanpoeder en gele, stinkende modder.

Zoiets gebeurt er eeuwen later ook met Jean Harlow, de eerste platinablonde filmgodin. Zwoele, ondergoed weigerende Harlow vergoddelijkte en versekste het blondje in films die hun titels niet zelden ontleenden aan haar haarkleur: 'Platinum Blonde', 'Goldie', 'Red Headed Woman' - geen vergissing maar aanleiding voor een blondeerbeurt ín de film waarna Harlow lachend recht in de camera de historische zin uitspreekt: 'So gentlemen prefer blondes!'; twee decennia later goed voor de film met Marilyn Monroe.

Jean Harlow liet de verkoop van waterstofperoxyde in de jaren dertig een grote vlucht nemen, maar hield ondertussen zelf vol dat haar haar, dat in de zwart/wit-films als een lichtgevende 'halo' om haar hoofd hing, helemaal van haarzelf was. Niet dat iemand haar geloofde. Toen ze in 1937 op haar 26ste bezweek aan een acute nieraandoening schreven kranten dat het een peroxidevergiftiging was. In werkelijkheid droeg de actrice al enige tijd een pruik omdat haar haar het wekelijks gebruik van bleek en ammoniak niet had overleefd.

Jean Harlow en Mae West speelden brutale sexy blondines, die in hun latere films de in 1933 ingestelde Production Code (geen hoeren meer, geen gevloek, in slaapkamers altijd een voet op de vloer) omzeilden in suggestieve dialogen. Hun vrijgevochten personages weerspiegelden de grotere vrijheid van vrouwen in de samenleving. Marilyn Monroe en haar domme blondje dat seks en onschuld in zich verenigde, betekende na de Tweede Wereldoorlog eigenlijk een stap terug, al zijn er ook Monroe-fans die in haar komische talent een stap voorwaarts zien: beter een geestig blondje dan een heilig blondje.

Naast die wulpse, bewust blonde, begeerde Monroe ('I'd like to feel blonde all over') stond in de jaren vijftig de gelaagde, belaagde blondine uit de films van Alfred Hitchcock, de regisseur die zijn obsessie met blond uitleefde in bijvoorbeeld het onlangs nog tot beste film aller tijden gebombardeerde 'Vertigo' waarin de held zijn donkerharige geliefde letterlijk omvormt naar zijn blonde ideaalvrouw. Vrouwenkweller Hitchcock zag in blondines het beste slachtoffer: 'Ze zijn als de maagdelijke sneeuw waarin de bloederige voetstappen duidelijk staan afgebeeld.' Hitchcocks droomactrice was Grace Kelly, de latere prinses Gracia, de koele blondine die in haar laatste film 'To Catch a Thief' louter zwoel spreekt, waardoor zelfs de verdeling van de kip ('borst of been?') dubbelzinnig klinkt.

Maar goed, onze blik is niet helemaal meer die van Hitchcock. Kijk je nu naar de klassieke filmblondines in dit filmprogramma, dan is het toch niet hun haarkleur maar meer hun kapsel dat opvalt. Zie de wrong van de champagneblonde Melanie Daniels (Tippi Hedren) in Hitchcock's 'The Birds', die niet alleen perfect gestijld is maar ook Freudiaans identiek is aan de grijze wrong van de wantrouwige moeder van Mitch, de man op wie Melanie haar oog heeft laten vallen; een grapje van de regisseur. Als de eerste boosaardige meeuw in de film Melanie in het voorhoofd hapt, vallen er even blonde pieken voor haar ogen; een onheilspellende voorbode van het bloed, de dood en de gruwelijk verwarde haardos die nog gaan komen.

Even beheerst oogt het bobkapsel van de half-Duitse, brave, doortastende Doris Day, die in de komedie 'Pillow Talk' door buurman Rock Hudson over de drempel wordt gedragen, en dan in zijn armen komisch stokstijf met de armen over elkaar rechtop blijft zitten. Of het gouden pagekopje van Grace Kelly in 'To Catch a Thief', waarin juwelendief Cary Grant Kelly's klassieke coupe zonder kwalijke gevolgen in de bank drukt.

Na Hitchcock en Doris Day raakt blond alsnog lang uit de mode, zo'n beetje tot het anarchistische blond van Blondie (wit haar, zwarte wortels) in de late jaren zeventig, het ambitieuze blond van Madonna in de jaren tachtig en het 'power blonde' van Hillary Clinton in de jaren negentig. Nepblond paste niet meer bij de vrijheid-blijheid van de hippies en ook niet bij de behoefte aan authenticiteit onder de tweede golf feministen. L'Oreal haakte handig in op die nieuwe tijdgeest met haar nu al veertig jaar oude succescampagne 'Because I'm worth it'. Dezer dagen is de blonde Jennifer Aniston evenveel 'goud' waard als brunette Penelopé Cruz en roodharige Julianne Moore.

Het verhaal wil dat in de beginjaren Brigitte Bardot werd ingehuurd om de nieuwe L'Oreal-slogan uit te spreken, maar dat de deal niet doorging omdat Bardot het niet geloofwaardig ferm uit haar mond kreeg. Die was toen nog niet aan het nieuwe blond toe; nog in oud blond blijven steken.

'Hollywood Blondes' bestaat uit achttien films die tot december in zestien filmhuizen in het land te zien zullen zijn. Info: www.filmhuisdenhaag.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden