Hoge gebouwen vangen veel wind, lees: energie

Windmolens in het groen hoeven niet. In steden valt genoeg energie te winnen.

Leo Q. Onderwater en architect

Minister Cramer heeft terecht een streep gezet door het plan windmolens te bouwen bij Woerden, in het Groene Hart. De minister krijgt het verwijt dat ze tegen haar eigen belangen ingaat. Ze is immers een voorvechtster van het milieu en het terugdringen van de kooldioxide-uitstoot. Maar er zijn genoeg alternatieven om duurzame energie binnen de gebouwde omgeving van het stedelijk gebied te realiseren. Kijk bijvoorbeeld naar hoge gebouwen, die vangen veel wind en zijn bij uitstek geschikt om te voorzien in duurzame energie.

Op tal van plekken in het Groene Hart is de vervaging van het oorspronkelijke contrast tussen landelijk en stedelijk gebied waar te nemen als gevolg van een voortgaande overwoekering van de groene open ruimte door woningbouw en bedrijventerreinen. Daar komt sluipenderwijze het toelaten van almaar meer windmolens bij. Voordat men het zich realiseert, is er sprake van een situatie zoals in delen van Flevoland; waar je door een enorm windmolenpark rijdt.

Meer nog dan veel onooglijke bedrijventerreinen hebben windmolens, mede door hun enorme hoogte, een negatieve impact op het landelijk gebied, in casu het Groene Hart. Op tientallen kilometers afstand springen ze in het oog, en ze verstoren broedende weidevogels.

Hoog tijd te zoeken naar bruikbare alternatieven. In de regio Rotterdam staan tientallen gebouwen met een hoogte van honderd meter of meer. Ook in Den Haag, Amsterdam en zelfs provinciesteden als Tilburg, Eindhoven, Groningen en Leeuwarden verschijnt steeds meer hoogbouw. Er is evenwel niet één gebouw voorzien van windenergie.

De Zürichtoren alias ’de citruspers’ van Cesar Pelli in Den Haag komt op afstand over alsof er een windturbine met een horizontaal draaiend schoepenwiel in is opgenomen, doch hier is slechts sprake van een postmodernistisch ontwerp zonder verdere functie.

Het moet toch een koud kunstje zijn om hoge gebouwen te voorzien van een windturbine die wordt aangedreven door zo’n schoepenwiel.

In tegenstelling tot de standaard windmolens behoeft bij het integreren van windenergie met gebouwen niet te worden gevreesd voor eenvormigheid. Windenergie op basis van een horizontaal of verticaal draaiend schoepenwiel is immers te integreren met de meest uiteenlopende bouwstijlen. Windenergie in torens zal extra investering vergen in de draagconstructie en de geluidsisolatie, maar het is goedkoper dan de separaat gebouwde windmolens.

Ook de overige daken in het stedelijk gebied moeten worden benut voor duurzame energieproductie door er zonnepanelen op te bouwen. Een goede stap is gezet om de eerder afgeschafte subsidie op zonnepanelen weer in te voeren.

Wereldwijd wordt een enorme ruimte in beslag genomen voor de teelt van gewassen ten behoeve van biodiesel. Inmiddels is vastgesteld dat daarmee het milieu eerder schade wordt berokkend dan dat het wordt gediend. Zonnepanelen zijn een duurzamer alternatief en sparen ruimte.

Naast mobiliteit zijn stedenbouw en architectuur de grootste veroorzakers van het milieuprobleem. De stad kan evenwel ook de grootste bijdrage leveren in het terugdringen van de CO2-uitstoot. Derhalve moeten miljoenen vierkante meters dakoppervlak in het stedelijk gebied worden aangewend voor duurzame energieproductie, teneinde het landelijk gebied te beschermen tegen onnodige aantasting.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden