Hofnar van het koningshuis: expositie over twee eeuwen satire.

Wat is een passender omgeving voor een tentoonstelling over tweehonderd jaar satire en de Oranjes dan het Ferdinand Domela Nieuwenhuis Museum in Heerenveen? Nieuwenhuis , de dominee, socialist, anarchist die in 1887 een halfjaar celstraf uitzat vanwege plaatsing van een bijtend, satirisch artikel over koning Willem III in zijn lijfblad Recht voor Allen.

„Een beetje koning kon vroeger wel tegen een stootje en nam een hofnar in dienst. De komende maanden zijn wij de hofnar van het koningshuis”, zegt museumdirecteur Minnette Albers. „Eigenlijk hadden we volgend jaar iets met het Oranjehuis willen doen, omdat het dan honderdtwintig jaar geleden is dat het beruchte artikel in Recht voor Allen verscheen. Maar dat hebben we vervroegd vanwege het 25-jarig regeringsjubileum van de koningin”, aldus Albers.

De bezoekers van het museum hoeven dan ook geen compleet en systematisch overzicht te verwachten van twee eeuwen satire over het Oranjehuis. Albers: „We hadden niet veel voorbereidingstijd. Bovendien is er ook nooit echt wetenschappelijk onderzoek gedaan naar dit onderwerp. We waren afhankelijk van wat iedereen zich kon herinneren aan onderwerpen en materiaal. Veel hebben we gehad aan de twee historici die in de Stichting Domela Nieuwenhuis Fonds zitten. Die weten goed hoe er vanuit linkse hoek naar de Oranjes werd gekeken.” De stichting is de eigenaar van de Domela Nieuwenhuis collectie in het museum.

Op de tentoonstelling passeren alle Oranjevorsten de revue vanaf koning Willem I. Bovendien wordt nog een klein uitstapje gemaakt naar de Patriottentijd aan het einde van de 18de eeuw. De Patriotten hadden het beschimpen en bespotten van Willem V, de laatste stadhouder, tot een ware kunst verheven. In een van de vitrines ligt uit die tijd een prachtig boekje, getiteld ’Het gestoorde naaypartijtje van Willem V’, een kluchtspel over de vreemdgang van de Oranjeprins met boerendochter Klaartje.

Overigens houdt het materiaal over de eerste Oranjekoningen niet over. Ten tijde van de Belgische afscheiding wordt Willem I het voorwerp van spot. Ook zijn huwelijk met de katholieke, Belgische gravin Henriëtte d’Oultremont is een dankbaar onderwerp. Willem II moet het vooral bezuren vanwege de enorme schulden die hij had gemaakt.

Met de opkomst van de socialistische beweging vanaf de jaren zeventig van de 19de eeuw komt de Oranjesatire tot bloei. De opmars van de dagbladpers – na afschaffing van het dagbladzegel (een belasting op kranten) – hielp daarbij een stevig handje.

Uit die tijd dateert het wetsartikel waarin Majesteitsschennis strafbaar wordt gesteld. Domela Nieuwenhuis was bij lang na niet het enige slachtoffer van dat wetsartikel. Alexander Cohen werd veroordeeld vanwege zijn artikel ’Koning Gorilla’ over Willem III. In 1885 verdween Bart van Ommeren achter de tralies nadat hij een nepproclamatie had gemaakt, waarin de koning zijn aftreden aankondigde en het aan het volk overliet een nieuw politiek stelsel te ontwerpen.

Nog in de jaren zestig van de vorige eeuw werd de tekenaar Willem vervolgd vanwege een satirische strip over prins Bernhard. In 1966 moest het Lurelei cabaret eraan geloven vanwege het programma ’Reldelderel’. Gerard Cox zong daarin ’Arme Ouwe’, een meewarig maar daardoor des te dodelijker lied over koningin Juliana. Hij werd bij een try-out opgepakt, evenals Guus Vleugel en Erik Herfst. Er volgde geen veroordeling, maar vanaf dat moment zat er bij elke uitvoering politie in de zaal, aldus Albers.

Een opmerkelijk episode vormt de Tweede Wereldoorlog, omdat de satire nu eens niet van links kwam maar vanuit de fascistische hoek. Albers: „In de aanloop naar de oorlog probeerde de NSB de Oranjes nog voor haar karretje te spannen. De eerste fascistische satire kwam uit Duitsland. Bernhard was het mikpunt. Hij werd neergezet als landverrader en operettefiguur. Fascistische satire was overigens door de overheid gestuurde ’staatssatire’.

Zo werd Wilhelmina in de loop van de oorlog voorgesteld als een communist die het land als een soort Stalin zou gaan regeren, als ze weer de kans kreeg. Vanuit het NSB- kamp kwam in de oorlog veel kritiek op Wilhelmina los, omdat ze naar Engeland was gevlucht. ’Heb dank, o Majesteit’ zong Ceesje Speenhoff op tekst van Jacques van Tol, vanwege de Engelse bombardementen op onschuldige burgers.

Van de jaren zestig van de vorige eeuw en daarna is veel materiaal beschikbaar. Naast pamfletten, affiches en spotprenten zijn nu ook radio en tv dankbare media voor het overbrengen van de satirische boodschap. Te beginnen met ’Zo is het toevallig ook nog eens een keer’ via de ’Barend Servet Show’ (waarin een spruitje-schillende Juliana) en Wim Sonneveld tot Jack Spijkerman en zijn team. Videofragmenten zijn op de tentoonstelling te zien.

Albers meent een aantal constanten in de Oranjesatire te kunnen ontwaren. Zo zijn de huwelijkspartners vaak de pineut, ook vanwege hun rol (of liever: het ontbreken daarvan) in het staatsbestel. Vermoede geldverslinderij, het idee dat de Oranjes zich van alles kunnen permitteren en er telkens weer mee wegkomen is ook zo’n constante.

Albers: „De Oranjes staan symbool voor alles wat er maar mis kan gaan in het land, omdat ze onderdeel zijn van de macht. Zij worden erop aangekeken. Neem de leus: ’Geen woning, geen kroning’, de krakersleus toen Beatrix de troon besteeg.” Volgens Albers is de grens tussen satire, propaganda en plat vermaak niet altijd goed te trekken. „Zo’n tv-programma als ’Egoland’ van BNN zou je kunnen zien als plat vermaak, pure sensatie. Satire moet altijd een boodschap hebben. En dat is niet bij alle humor over de Oranjes het geval.”

Ook koningin Beatrix heeft ruim haar deel gehad in de Oranjespot. Hoe haar dat bevalt is onbekend. Enkele jaren geleden uitten premier Balkenende en minister Donner van justitie kritiek op de schaal waarop en de toon waarmee de huidige Oranjegeneratie in de media op de hak wordt genomen. Albers: „Beatrix zou Balkenende toen in bedekte termen hebben bekritiseerd. Sanne Wallis de Vries heeft daar in haar rol van Beatrix nog een nummertje over gemaakt.”

Dat de overheid grenzen stelt aan de Oranjespot wordt op een aparte afdeling van de tentoonstelling belicht. Opmerkelijk is dat de museumdirecteur bij het samenstellen van de tentoonstelling zelf ook grenzen heeft gesteld: „De meest scabreuze tekeningen van Aatje Veldhoen hebben we maar niet opgehangen. Ja, ik weet het, dat is zelfcensuur. Maar je kunt je bezoekers toch niet alles aandoen.”

Oranje in satire

’Lang leve de monarchie! oranje in satire”, t/m 6 november in het Ferdinand Domela Nieuwenhuis Museum in Heerenveen. Openingstijden: dinsdag t/m vrijdag van 11.00 tot 17.00 uur. Weekeinde: 13.00 tot ’17.00 uur. Entree €4, t/m 17 jaar €2.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden