Column

Hoezo is pesten ineens een probleem dat om wetgeving vraagt?

Staatssecretaris Sander Dekker (L) van Onderwijs en Kinderombudsman Marc Dullaert (R) op het Heldring-VMBO tijdens de presentatie van hun plan van aanpak tegen pesten. Beeld anp
Staatssecretaris Sander Dekker (L) van Onderwijs en Kinderombudsman Marc Dullaert (R) op het Heldring-VMBO tijdens de presentatie van hun plan van aanpak tegen pesten.Beeld anp

Sander Dekker, staatssecretaris van onderwijs, kondigde deze week wettelijke maatregelen aan tegen het pesten op scholen. De recente zelfmoorden van Fleur Bloemen en Tim Ribberink, beiden het slachtoffer van pesterijen, brachten volgens hem de noodzaak tot bestrijding op schrijnende wijze onder de aandacht. "We voelen", schrijft de staatssecretaris, "allemaal de morele plicht om te kijken naar onze bijdrage hieraan".

Het resultaat is een robuust 'plan van aanpak'. Ruiterlijk erkent de staatssecretaris dat het 'niet realistisch' zou zijn om te denken dat je aldus pesten 'volledig' kunt uitbannen. Maar dat ontslaat ons volgens hem niet "van de verantwoordelijkheid om te doen wat in onze macht ligt".

Op het eerste gezicht lijkt het plan alleszins sympathiek. Inderdaad, waarom zou de wetgever niet zijn uiterste best doen om kinderen zoveel mogelijk te beschermen tegen het afgrijselijke kwaad dat pesten heet?

Toch is er iets merkwaardigs aan de hand. Welbeschouwd weten we bitter weinig over de omvang van de pestproblematiek. Je zou zeggen dat je die éérst in kaart brengt alvorens er wetgeving op los te laten. Maar nee.

De cijfers variëren van onderzoek tot onderzoek. Het ene meldt dat 6 procent van de kinderen wordt gepest, het andere houdt het op 10 procent, het derde op 35 procent, en er zijn ook deskundigen die beweren dat liefst 65 procent van de schooljeugd ermee te maken krijgt. Zij reppen onbekommerd van pesten als 'een zeer ernstige volksziekte'.

Zonder wet
Waarom juist nu wettelijke maatregelen noodzakelijk zouden zijn, is al even raadselachtig. We horen er veel over, maar dat het fenomeen hand over hand toeneemt, blijkt nergens uit. Integendeel. Volgens het Nederlands Jeugd Instituut zei in 2001 nog 10 procent van de jongeren in het voortgezet onderwijs last te hebben van pesterijen, in 2009 was dat gedaald naar 6 procent. Zonder dat er een wet aan te pas kwam.

Ook over de effecten van pesterijen is geen duidelijkheid. Weliswaar meldt hetzelfde instituut dat uit 'verschillende onderzoeken' blijkt dat pesten "gevoelens van eenzaamheid en depressie vergroot en bestaande problemen verergert". Maar voor zover mij bekend is er naar de gevolgen op de lange termijn slechts één (Amerikaans) onderzoek gedaan. Daaruit zou blijken dat gepeste kinderen vier keer zoveel kans lopen om als jongvolwassene 'angststoornissen' te krijgen. Eén onderzoek - en toch beweert menig deskundige dat elk gepest kind per definitie een beschadigde volwassene oplevert.

Het enige wat vrees ik vaststaat is dat de antipestindustrie in Nederland floreert als nooit tevoren. Talloze bureautjes verdienen inmiddels hun boterham met het bedenken van methoden om scholen bij te staan in de strijd tegen het pesten.

Nederland is trouwens niet het eerste land dat zijn heil zoekt in wetgeving. Zo namen negenenveertig van de vijftig Amerikaanse staten de afgelopen vijftien jaar strenge tot zeer strenge anti-bullying legislation aan - niet zelden na schokkende zelfmoorden die ruimschoots aandacht kregen in de media. In Canada zie je dezelfde tendens. Critici wijzen er evenwel op dat de wettelijke aanpak nauwelijks effect sorteert.

Het maakt het plan van de staatssecretaris niet minder sympathiek. Maar wat zou ik graag geloven dat het ook slaagde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden