Levenslessen

Hoe weddingplanner Wiesje Hallewas een bruidegom met koudwatervrees aanpakt

Beeld Merlijn Doomernik

Wiesje Hallewas (50) was een van de eerste weddingplanners van Nederland – BN’ers als Joël Veltman en Caroline Tensen trouwden onder haar leiding. Sinds enkele jaren doet ze ook ­uitvaarten. ‘Ik hoor vaak: Wiesje is er, dus het komt goed.’

1 Elk mens wil een stempel zetten

“Op maandag lees ik altijd als eerste de rubriek ‘Naschrift’ in Trouw, daar ben ik een groot fan van. Want sinds drie jaar heb ik met vriendin Jolanda Roos ook een bedrijf in uitvaarten. Bij een uitvaart moet alles snel, je hebt maar een week, er zijn emoties en je zit met veel mensen aan tafel – allemaal met een mening. Ook de koude kant. Boeiend, om daar soepel tussendoor te bewegen en de juiste keuzes aan te bieden. Dat heb ik in de loop der jaren als weddingplanner wel geleerd. Je weet nooit van tevoren welk verhaal je tegenkomt, soms is het groot, soms klein. Onze allereerste uitvaart was van een jongetje van vier. Dat is zoiets onvoorstelbaar groots, we dachten uiteraard: hoe gaan we dit ooit goed doen? Maar we vonden onze weg.

Het is mooi om te ontdekken hoe ieder mens in z’n leven ergens een stempel op heeft willen zetten, door vrijwilligerswerk of iets anders. Mensen willen betekenisvol zijn. Bij huwelijken komen die verhalen ook naar boven, op een andere manier.

Onze bruidsparen zijn doorgaans wat ouder – als het twintigers zijn, zijn het vaak voetballers. De meesten zijn tussen de dertig en de zestig en hebben al meerdere huwelijken of relaties achter de rug. Dat vind ik juist leuk, dat geeft een andere dynamiek. Vaak zijn er kinderen uit verschillende huwelijken, soms ligt het gevoelig, de relaties binnen de familie.”

2 Bouw aan mooie herinneringen

“Er wordt minder getrouwd blijkt uit de cijfers, maar ik vind het mooi dat het instituut trouwen er nog steeds is, die behoefte om iets te bezegelen. In ons gezin vieren wij alles, verjaardagen, maar ook een zonnige zondagmiddag, even naar een mooie plek, een glas wijn erbij. Ik denk dat daar je herinneringen zitten. Momenten markeren, dat is waardevol, los van verdriet en ellende die je in het leven tegenkomt.

De kerkelijke viering van ons huwelijk, in 1994, is voltrokken door mijn vader en mijn zwager, beiden zijn predikant. Ik heb destijds mijn man gevraagd, op oudejaarsavond in Amsterdam toen het vuurwerk afging. Bij mijn cliënten is het altijd andersom: man vraagt vrouw. En ik zie nog steeds vrouwen die de achternaam van hun man aannemen, ook als ze voor de derde keer trouwen. Kennelijk is er behoefte aan dat traditionele, zelf heb ik dat niet.

Ik had geen tot in alle details uitgewerkt plan voor onze trouwdag. We wilden vooral dat iedereen er van begin tot eind bij was met veel vuurwerk en melkbusschieten, op oudejaarsdagsdag dus. Ik ontmoet nu vrouwen die bij de eerste afspraak al zeggen: ‘Oh ik weet al welke jurk ik aan wil.’ Gek hè? Ik kan me daar nog steeds niets bij voorstellen.”

Beeld Merlijn Doomernik

3 Je thuis voelen zit in het contact met mensen

“Ik was een rustig kind. Vrolijk en creatief. Ik kom uit een Trouw-nest, een domineesgezin Mijn vader was luthers predikant. We zijn vroeger als gezin vaak verhuisd, ik had daar nooit veel moeite mee, met steeds weer opnieuw weggaan. Het maakt dat ik goed ben geworden in nieuwe contacten leggen en ik me snel ergens thuis voel. Ik heb twee broers, de ene is ook ondernemer, de ander geriatrisch arts. Mijn moeder was heel lang thuis, maar is later weer gaan werken. Ik had nooit verwacht dat ik ondernemer zou worden, ik had een heel mooi vak dat ertoe doet en nu verkoop ik een luxeproduct.

Ik ben opgeleid als verpleegkundige en werkte in de zorg, en een jaar of acht in de ­psychiatrie, als afdelingshoofd op een psychogeriatrische afdeling, ik werkte in de jeugdpsychiatrie en in gevangenissen. Dynamisch en stevig werk waar ik veel van geleerd heb. Maar ik vond het ook zwaar, de problematiek van de mensen met wie ik te maken had, en de beperkingen van de zorg.

Later, toen ik zwanger was van ons vierde kind, gingen wij voor de zoveelste keer verhuizen. Ik dacht: ik wil iets anders, en werd ondernemer, zonder dat ik wist wat dat inhield: boekhouden, acquisitie, netwerken. Ik ben gewoon begonnen. Weddingplanner werd ik, in 2006 een nog onbekend en vooral Amerikaans fenomeen, en nam me voor de beste van Nederland te worden.”

4 Ook perfectionisten kunnen leren loslaten

“Omdat ik een van de eersten was in Nederland ging het snel. We adverteerden veel en investeerden in onze naamsbekendheid. Toen de eerste bekende Nederlanders zich hadden gemeld ging het balletje rollen.

Ik organiseer maximaal 10 tot 15 bruiloften per jaar. Vaak zijn het meerdaagse huwelijken, in binnen- en buitenland. Dat zijn lange intensieve trajecten, we beginnen soms acht maanden van tevoren. Wij regelen alles, van cateraar en entertainment tot techniek en styling. En de ceremonie. Alles. De meeste bruidsparen zijn nogal perfectionistisch, lichtelijke controlfreaks. Ik moet het vertrouwen zien te krijgen en zorgen dat ze het loslaten. Het zijn mensen die de lat hoog hebben liggen, alles moet kloppen, logisch want ze geven heel veel geld uit. Ze willen vooral dat hun gasten verwend worden. Dat zit ’m in details, te beginnen met een mooie kaart waarvan iedereen zegt: ‘Oh, die ziet er prachtig uit, ik verheug me nu al’.”

5 Zorg voor een hart in het feest

“Er moet een hart in het feest zitten. Voor mij is dat de ceremonie, waar we veel tijd aan besteden met de juiste mensen en de juiste woorden – het gaat niet alleen om uiterlijk, om jurk, locatie en eten. Vervolgens is rust heel belangrijk. Op de dag zelf hoeven ze nergens aan te denken. Ik ben de bruid en de bruidegom steeds een stapje voor. Ja, ik ‘ontzorg’, weer zo’n vreselijk woord, haha, net als ‘weddingplanner’.

Van tevoren is er heus wat gesteggel, over gastenlijsten, tafelschikkingen, leveranciers, dat is niet altijd leuk. Maar tijdens de bruiloft moet dat allemaal weg zijn. Daarom is de meerdaagse bruiloft juist fijn, al vinden mensen dat klinken als een hoop gedoe. Integendeel! Als je na een drukke dag met dagelijkse beslommeringen, wassen draaien en boodschappen doen ’s avonds nog naar een feest moet, dan kom je al met het zweet op de rug aan en voelt het als een verplicht nummer. Terwijl als je op vrijdag gaat rijden of op het vliegtuig stapt, en er staat als je aankomt een wijntje klaar maar je hoeft nog niks, dan zie ik iedereen al ontspannen.

Ik bedenk graag iets met een knipoog, iets wat bij een stel past. We hadden een keer een bruid die een goede visagist wilde. Dat werd Leco (van Zadelhoff, red.) en we hebben toen een ‘Salon Leco’ gemaakt waar alle dames ’s ochtends nog even hun haar en nagels konden laten doen.”

6 Met een glimlach los je veel op

“Ik ben er de hele bruiloft bij, van begin tot eind, tot het laatste glas op de dansvloer bij elkaar wordt geveegd. Bij het afbouwen in de nacht tot 4 uur, ook als ik om 8 uur ’s ochtends al present was. Ik heb twee koffers bij me: een met verschillende schoenen om te wisselen tijdens de dag en een met praktische zaken als vlekkenspray, een strijkbout en blarenpleisters. Mijn stappenteller maakt vaak overuren.

Er kan altijd iets fout gaan. Bij mijn eerste bruiloft was de taart zoek. Een van mijn grootste nachtmerries was toen een bruidegom twee maanden van tevoren zei: ik wil niet meer. Hij kreeg de bibbers. Uiteindelijk zijn ze wel getrouwd hoor, maar af en toe ben ik een halve therapeut.

Als iemand in de stress schiet, dan bedenk ik meteen dat rust en een glimlach beter werken. Dat mensen zeggen: maar Wiesje is er, dus het komt goed. Terwijl ik ook echt weleens denk: ik weet het even niet.”

Beeld Merlijn Doomernik

7 Het hoeft niet altijd duur te zijn, maar het mag wel

“Soms komen de bizarste wensen voorbij. Dan hoor ik: we komen met een helikopter. Ja, prima, maar als puntje bij paaltje komt, wordt het vaak toch wel een beetje anders. Ik had een keer een stel met vier kinderen, en de bruidegom wilde heel graag met zijn Rolls-Royce de kerk in rijden, de Hooglandse kerk in Leiden. Ik dacht echt: dat mag vast niet! We zijn er heen gegaan en hebben gemeten: bleek er aan weerszijden van de deur precies twee centimeter over te zijn. En bij de kerk vonden ze het goed. Vroeger reed men ook met paard en wagen de ene deur in en de andere uit, zeiden ze. Dus hup, grote witte loper en daar reed die auto de kerk in. Bizar en bijzonder!

Het hoeven niet altijd dure dingen te zijn, soms zijn het dat wel. We hebben in de Vondelkerk in Amsterdam, en ook een keer in de Orangerie in Den Bosch, bloemenwanden gemaakt, daar zijn dan tien- tot vijftienduizend rozen mee gemoeid. Zo’n wand wordt ’s nachts met de hand opgebouwd en ingestoken, het staat een dag en wordt dan weer afgebroken. Soms sta ik daar wel bij stil, ja, dat we heel intensief werken aan iets wat zo weer voorbij is. Dat geldt zowel voor huwelijken als voor uitvaarten. Maar hoe dan ook maken we mooie herinneringen.”

8 ‘De mooiste dag van je leven’ is een cliché

“Je wilt niet weten aan hoeveel dingen je tegelijk moet denken. Aan parkeervergunningen als het in Amsterdam is, aan dat de veilingkarren van de bloemen zachte banden moeten hebben omdat je ’s nachts bij het afbreken niet te veel herrie wil maken...

De bruiloft van Caroline Tensen was op Vlieland. We mochten niet met de auto erheen en alles wat naar het eiland moest, werd in de haven van Harlingen neergezet, maar daar gaan levensmiddelen altijd voor. Het was dus spannend of onze spullen op tijd over zouden zijn. Ook wilden ze graag op het strand trouwen, maar het weer was dramatisch slecht. Uiteindelijk is het allemaal gelukt en was het super. Het zijn ook gewoon heel leuke mensen, Caroline en Ernst-Jan zijn zo blij met elkaar. Dat is fijn aan die wat oudere doelgroep, ze zijn wat minder met zichzelf bezig, het gaat om het samenzijn, delen. Je trouwdag als ‘de mooiste dag van je leven’, daar kan ik helemaal niets mee, met dat cliché. Natuurlijk mag het een bijzondere dag zijn, maar de mooiste? Ik hoor ’m vaak voorbijkomen hoor, maar eigenlijk altijd wel een beetje gekscherend.”

Wie is Wiesje Hallewas?

Wiesje Hallewas (Weesp, 1968) groeide op in een predikanten­gezin. Het gezin verhuisde vaak. Na de havo in Overveen en Rotterdam volgde ze in Amsterdam de HBO-V-opleiding, en begon in 1992 als verpleegkundige in de jeugdpsychatrie. Later werkte ze als stafverpleegkundige in het Penitentiair Psychiatrisch Centrum van de Bijlmerbajes, was teamleider en vervolgens afdelingshoofd bij verpleeg- en verzorgingshuizen. Ook was ze wijkverpleegkundige in de ouder- en kindzorg in Den Haag. In 2006 begon ze haar bedrijf Wedding&planning en werd al snel weddingplanner van diverse bekende Nederlanders. Sinds drie jaar doet ze ook uitvaarten. Ze wordt regelmatig gevraagd voor tv- programma’s zoals RTL’s ‘Weddingplanner’, ‘In de ban van de trouwring’, ‘RTL Boulevard’ en ‘Shownieuws’. Wiesje Hallewas woont met haar man en vier kinderen (14, 17, 19 en 21) in Barendrecht.

Trouw vraagt wekelijks een bekende of minder bekende Nederlander: welke levenslessen heeft u geleerd? 
Eerdere afleveringen vindt u op trouw.nl/levenslessen.

Lees ook:

Alles uit de kast of houden we de bruiloft klein?

Een ‘Big Fat Turkish Wedding’ of een lastminute- homohuwelijk? Freelance-journalist Pinar Besli-Bakirhan vierde haar bruiloft met 1100 gasten in een congrescentrum. Tijd-redacteur Harmen van Dijk en zijn man traden op een vrijdagochtend in het huwelijk, twee weken nadat ze bedacht hadden te trouwen. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden