Hoe we tegen de dood aankijken, bepaalt hoe we in het leven staan

Bekende en minder bekende Nederlanders kiezen hun persoonlijke motto, leefregel of ultiem inspirerende zin.

’Elke dag krijg ik tien tot vijftien reacties op mijn boek ’Eindeloos bewustzijn’. Vaak van mensen die zelf een bijzondere ervaring hebben gehad – contact met een overledene, een ervaring van verruimd bewustzijn, een bijna-doodervaring. Zij blijken daarvoor in het boek erkenning te vinden. Dat is belangrijk, omdat ze door hun ervaring vaak een heel ander mens zijn geworden. Zozeer zelfs, dat de helft van hen terechtkomt in een echtscheiding. Voor hun partner zijn ze niet meer dezelfde als daarvoor. Want, zoveel is mij duidelijk geworden, hoe we tegen de dood aankijken, bepaalt hoe we in het leven staan.

Die zin is afkomstig uit het boek ’Merkstenen’ van Dag Hammarskjöld, de in 1961 verongelukte secretaris-generaal van de Verenigde Naties. Ik las het voor het eerst in de jaren tachtig. Deze zin heeft steeds meer betekenis voor me gekregen sinds ik twintig jaar geleden begon met onderzoek naar bijna-doodervaringen. Wie zo’n ervaring heeft gehad, is niet meer bang voor de dood, en begint aan een heel andere manier van leven. Zo iemand heeft gemerkt dat datgene wat in onze maatschappij zo belangrijk lijkt – uiterlijkheden, materialisme, een jong lijf – niet de essentie is. Het gaat erom hoe je omgaat met anderen. Want, zo merken mensen tijdens een bijna-doodervaring, elke gedachte die je hebt over anderen blijft bewaard en heeft invloed op jezelf en anderen.

Tijdens een bijna-doodervaring kan dit inzicht je plotsklaps overvallen, maar ik ben mij er zelf ook steeds meer van bewust geworden. Als je de samenleving wilt veranderen, moet je eerst jezelf veranderen. Ik probeer bewust om te gaan met de natuur, beter te luisteren naar anderen, gezonder te eten, minder vaak de auto te nemen. Kleine dingen, maar bij elkaar maakt het misschien verschil.

Mijn boek slaat aan bij allerlei mensen: bij christenen en antroposofen, bij soefies en boeddhisten. Ik krijg reacties van verpleegkundigen, van filosofen en predikanten. Volgende week spreek ik voor de Bond van Nederlandse Predikanten. Of het opmerkelijk is dat er ook in christelijke kringen aandacht is voor bijna-doodervaringen? Vind ik niet. Het idee dat dit onderwerp te maken heeft met paranormale gaven, komt niet van mij. In mijn boek gebruik ik ook bijbelcitaten, bijvoorbeeld 2 Korintiërs 12. Daar staat: ’Ik ken een volgeling van Christus die veertien jaar geleden tot in de derde hemel werd weggevoerd – in zijn lichaam of buiten zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen. Maar ik weet dat deze man – in zijn lichaam of zonder zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen – werd weggevoerd tot in het paradijs en dat hij daar woorden hoorde die door geen mens mogen worden uitgesproken.’

In het christendom wordt zoiets ’mystiek’ genoemd, maar het klinkt als een bijna-doodervaring, nietwaar? Met zo’n citaat wil ik laten zien dat zulke ervaringen van alle tijden en plaatsen zijn.

Omdat die ervaringen zo universeel zijn, is er geen reden om er laatdunkend over te doen, of ze te veroordelen. Ik ken een voorbeeld van een kerkgangster op de Veluwe die van haar dominee niet meer in de kerk mocht komen nadat ze had verteld over haar bijna-doodervaring. Dat lijkt me onterecht. De een of twee minuten dat mensen met een hartstilstand bijna-dood zijn, betekenen een existentiële crisis. Bij het verwerken daarvan kunnen zij de pastorale hulp van een dominee goed gebruiken.

Wat je veel ziet, is dat mensen na een bijna-doodervaring religieuzer zijn dan ervoor. Maar het belang van de kerk neemt voor hen af. Bij wat een dominee verkondigt, denken zij: ’ik weet het beter, ik heb het aanschouwd’.

Inmiddels ben ik genomineerd voor de NS Publieksprijs. Mocht het publiek mijn boek kiezen, dan betekent dat dat het voor veel mensen belangrijk was voor hun leven. Zo’n groot publiek – dat had ik nooit voorzien. Het is ook nooit mijn doel geweest, wat ik hoop is dat mensen anders gaan nadenken over leven en dood.

Of ik nog wel eens wat van Hammarskjöld lees? Heel af en toe. Ik geef overal ter wereld lezingen, mijn agenda is nogal veranderd, om het subtiel uit te drukken. Misschien moet ik eens leren om beter ’nee’ te zeggen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden