Hoe vind ik een goed kinderboek?

Een door ouders veel gevraagde klassieker is ‿Kruistocht in spijkerbroek‿ van Thea Beckman. „Verouderd‿, aldus het hardvochtige oordeel van Margriet Obers (rechts) (KOEN VERHEIJDEN)

Ouders en opa’s & oma’s grijpen nogal eens terug op klassiekers uit hun eigen jeugd. Maar er is méér. Kinderboekendeskundigen geven Sinterklaastips.

Boeken zijn geen pannekoeken die elk kind wel lust. „Hét leuke kinderboek bestaat niet,” zegt Margriet Obers, bevlogen verkoopster van kinderboekwinkel Benjamin in Apeldoorn.

Wie haar om een Sinterklaas- of Kersttip vraagt, krijgt meteen een serie vragen op zich afgevuurd: hoe oud is Sanne, is ze een prinsessenmeisje of van het stoere slag? Leest Richard veel of alleen maar strips en Harry Potter? Is hij een doorzetter, voetbalt hij graag, heeft hij toevallig een fascinatie voor de sterren?

„Kijk naar je kind”, luidt Obers’ belangrijkste advies voor kinderboekenzoekers.

Tip 1: Verstop ’Sinterklaas’ als je hem beu bent.

Het ideale boek sluit naadloos aan bij de ontwikkeling en interesses van het individuele kind. Maar er zijn, zeker voor de jongsten, ook gegarandeerde succesnummers. Voor 2- tot 4-jarigen trekt Obers bijna altijd ’Waar is de taart?’ van Thé Tjong-Khing uit de kast. In dat geestige, gedetailleerde prentenboek stelen twee ratten de taart van meneer en mevrouw Hond, die meteen een wilde achtervolging inzetten.

Ook altijd goed is ’Sinterklaas’ van Charlotte Dematons, dat dit jaar werd bekroond met het Gouden Penseel. Maar pas op, zegt Maria Postema, vertaalster van jeugdliteratuur en verkoopster bij de Utrechtse Kinderboekwinkel: „Dat boek is verslavend. Ik ken ouders die het in februari maar hebben verstopt voor hun kinderen.”

Tip 2: Kies (g)een prinses voor een jongetje.

Klassieke peuter- en kleuterthema’s zijn op het potje of naar bed gaan, een broertje of zusje krijgen, bang zijn in het donker, samen spelen (en samen delen), en natuurlijk de eerste schooldag. Daarna volgen al gauw de ridders en prinsessen; de jongens- en de meisjesboeken dus.

Peuters en kleuters zijn nog helemaal niet seksegevoelig, zegt Postema: „Die identificeren zich ook prima met een beer of een muis.” Maar iets oudere kinderen – en dan vooral jongetjes – vinden het vaak fijn om zich in een hoofdpersoon van dezelfde sekse in te leven. Al zijn er ook lieve kleuterjongetjes die zeer kunnen genieten van de avonturen van een ondeugende prinses.

Voor 4- en 5-jarige jongetjes (en stoere meisjes) heeft Postema een geheimtip: ’Tim op de tegels’ van Tjibbe Veldkamp, over een jongetje dat van zijn vader op de stoeptegels moet blijven. Dat doet hij braaf, maar intussen worden die stoeptegels wel opgetild door stratenmakers, een vrachtwagenchauffeur, havenwerkers en een hijskraan, tot grote schrik van zijn vader...

Tip 3: Koop die hond toch.

Hoe ouder het kind, des te specifieker zijn boekensmaak, zegt Judith Stoep, die dit jaar promoveerde op een onderzoek naar de taal- en leesvaardigheid van jonge kinderen. Daaruit bleek dat kinderen die in hun peuter- en kleutertijd veel zijn voorgelezen, op de basisschool makkelijker leren lezen en schrijven.

Stoep heeft zelf een achtjarige zoon Mart, die dol is op voetbal en bovendien een diepe wens koestert: hij wil een hond. Stoep vond een boek dat perfect bij zijn profiel aansluit: ’Koen Kampioen krijgt een hond’ van Fred Diks.

„De les uit het boek is: voor die hond moet je heel erg hard zeuren bij je moeder”, zegt Stoep, die zelf geen groot hondenliefhebber is. En dus gooit Mart, in navolging van zijn held Koen, nu alles in de strijd om zijn zin te krijgen. Wat Stoep tot de verzuchting brengt: „Ik weet niet of we met alle boekenwijsheid even blij moeten zijn...”

Tip 4: Lees ook een negenjarige voor.

Wat kies je voor een kind uit groep 3 of verder: een boek dat het zelf kan lezen, of een voorleesboek? Allebei is goed, zegt Postema, al wil ze wel benadrukken dat kinderen tot een jaar of tien het fantastisch vinden om voorgelezen te worden.

Een mix kan ook: er zijn samenleesboeken (onder meer van uitgeverij Zwijssen en uitgeverij Delubas), met titels als ’De jurk van Jan’ en ’Help, een nijlpaard’. Daarin wordt eenvoudige tekst op verschillende AVI-niveaus afgewisseld met gewone lopende tekst die papa of oma kan voorlezen.

Tip 5: Koop ’De brief voor de koning’ (niet).

Zijn Gouden en Zilveren Griffels een handige gids bij de zoektocht naar een goed kinderboek? Deze belangrijkste literaire kinderboekenprijs van Nederland had lange tijd een nogal elitair imago. „Er zat inderdaad een bijsmaak aan de Griffelboeken,” zegt Bas Maliepaard, kinderboekenrecensent van Trouw en oud-lid van de Griffeljury. „Het idee was: die zijn per definitie niet leuk voor kinderen. Maar dat is de laatste jaren wel veranderd.”

Literaire boeken kunnen ook toegankelijk zijn voor een groot publiek, aldus Maliepaard: „Kijk maar eens naar de bekroonde jeugdroman ’Een kleine kans’ van Marjolijn Hof. Die is briljant goed geschreven, en er zijn 18.000 exemplaren van verkocht. Verkoopcijfers hebben hun eigen gelijk.”

Niet alle kinderen zijn Griffelkinderen, weet Margriet Obers van kinderboekwinkel Benjamin. Zij raadt enthousiaste (groot)ouders wel eens af om hét Griffelboek allertijden, ’De brief voor de koning’ van Tonke Dragt, te kopen. „Dat is nog steeds schitterend, maar traag; wel geschikt voor lettervreters, niet voor kinderen die zelden of nooit lezen.”

Tip 6: Laat ’Jip en Janneke’ en ’Kruistocht’ liggen.

Omdat (groot)ouders doorgaans weinig van kinderboeken weten, grijpen ze vaak terug op klassiekers uit hun eigen jeugd, merkt Obers. Met ’Jip en Janneke’ van Annie M.G. Schmidt komen ze dan bedrogen uit, want die verhaaltjes blijken bij herlezing toch wel erg braaf en zoet.

Obers zet haar klanten liever op een nieuw spoor: „Jip en Janneke zijn passé, er zijn tegenwoordig zoveel leuke andere boeken.” Bijvoorbeeld ’Het rode kippetje’ van Max Velthuijs, een verzameling prachtig geïllustreerde en geestige fabels.

Nog zo’n door ouders veel gevraagde klassieker is ’Kruistocht in spijkerbroek’ van Thea Beckman. ’Verouderd’, zo luidt Obers’ hardvochtige oordeel: „Ik beveel liever Simone van der Vlugt aan: die schrijft ook spannende historische romans, maar dan in de taal van nu.”

Tip 7: Een goede Potter- kloon.

En dan zijn er natuurlijk bosjes kinderen die zelden lezen, maar wél (net als de kinderen van Barack Obama) verslaafd zijn aan de avonturen van Harry Potter. Er zijn nogal wat matige en slechte Potter-klonen verschenen, zegt Obers, maar gelukkig ook een paar goede. Daaronder schaart zij ’De negen levens’ van D.W. Jones, ’Tunnels’ van Roderick Gordon (allebei voor 8/9+) en ’De alchemist’ van Michael Scott (12+). De hoofdpersonen van deze magische boeken kunnen de concurrentie met de beroemde tovenaarsleerling wel aan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden