Zelfgemaakt

Hoe twee Zeeuwse slagerszonen in de kroepoekbusiness terechtkwamen

null Beeld Marcel en Frank Wilthagen
Beeld Marcel en Frank Wilthagen

Waar is Zeeland goed in? ‘Nou, we hebben de Noordzee en de Oosterschelde voor de deur!’ Zo ontstond Zeeuwse Kroepoek.

Om te begrijpen hoe de twee Zeeuwse slagerszonen Marcel (52) en Frank Wilthagen (48, links op de foto met zijn vader) in de kroepoekbusiness terechtkwamen, moet je eerst het verhaal van hun vader Adrie kennen. Die had in de jaren zeventig een slagerij in het Zeeuwse Krabbendijke. “Een dorp van drieduizend inwoners, maar wél met vier slagers en vier boodschappenwinkels, voor elke kerk één”, vertelt zoon Frank. Het was sappelen, de boekhouder drukte vader Wilthagen op het hart er ‘iets bij te doen’ om te overleven.

Adrie Wilthagen slachtte zijn vlees zelf, er bleven dan repen varkensvet en -zwoerd over. “Een vrouw uit het dorp gaf mijn vader de tip: Dat moe je es úut bakk’n, da’s lekker”, vertelt Frank Wilthagen. Zijn vader ging diezelfde avond nog met ‘de juspan van moeders’ in de weer, en bakte de spekjes tot ze knapperig waren. Zijn knabbelspek werd een begrip in het dorp, en ver daarbuiten. Tien jaar later verkocht hij zijn slagerij om zich als grootleverancier volledig te richten op knabbelspek en andere vleeswarenproducten. “In het dorp vonden ze het maar vreemd dat hij die stap aandurfde. Mijn vader was voor zijn tijd echt een pionier.”

Ruim twintig jaar later zien zoons Marcel en Frank, inmiddels eigenaren van het bedrijf, de populariteit van vlees afnemen. Ze leveren hun knabbelspek weliswaar in heel Europa, maar kunnen ze daarmee ‘de volgende generaties ook nog aan werk helpen’? De broers sloegen aan het brainstormen. “We wilden iets met plantaardige producten, als we maar gebruik konden blijven maken van de technieken die we hadden. Waar zijn wij goed in? Drogen, frituren en verpakken. Waar is Zeeland goed in? Nou, we hebben de Noordzee en de Oosterschelde voor de deur!” Zo ontstond Zeeuwse Kroepoek.

null Beeld

“Het is misschien een achterhaalde eigenschap”, zegt Frank Wilthagen met enige schroom, “maar ik hou van ‘ons kent ons’. We doen al jaren internationaal zaken, maar liever regel ik de boel niet via e-mail. Ik ben meer van een goed gevoel hebben met elkaar: proeven en voelen met wie je handel drijft.” Dus vroegen ze ‘Jan de Zeewierman’ van een paar dorpen verderop wat verschillende soorten wier mee te nemen uit de Oosterschelde, en klopten ze bij een visser uit hun eigen stad Tholen aan voor Hollandse garnaaltjes uit de Noordzee. Een ander familiebedrijf uit de omgeving levert uien. Zoals voor de uienkroepoek: heerlijke zoete smaakbommetjes, volgens de Wilthagen-website.

Met die drie smaken sloeg Frank Wilthagen - behalve slagerszoon, ook fervent hobbykok en ooit opgeleid als banketbakker - aan het experimenteren in het fabriekskeukentje. Zo ontdekte hij dat hij de garnalen het best met schaal en al kon verwerken, en dat knotswier het geschiktste zeewier is voor kroepoek, omdat het bij verhitting niet zijn zilte smaak verliest. Drie jaar sleutelden de broers aan de receptuur. Familieleden en de twintig fabrieksmedewerkers fungeerden als testpanel. “Ik heb een flink gezinnetje: vier zoons en vier dochters - dat zijn een hoop kritische monden.”

Te bestellen via wilthagen.nl of zeeuwse-producten.nl

In deze rubriek vertellen mensen hoe ze van hun ambacht hun beroep gemaakt hebben. Lees andere afleveringen op trouw.nl/zelfgemaakt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden