Hoe twee Mexicaanse broers succesvolle zakenmannen werden met handel in fietswrakken

De broers Francisco (r) en Fernando Lujano Benavides. Hun bedrijf My Hotel Bike is inmiddels Nederlands grootste fietsverhuurbedrijf voor hotels. Beeld Jean-Pierre Jans

De broers Francisco en Fernando Lujano Benavides begonnen acht jaar geleden met het opknappen van aftandse fietsen en verhuurden ze aan hotels. Nu is hun bedrijf actief in drie landen.

Ruim 3300 fietsen staan bij 297 hotels in dertig Europese steden, gevestigd in drie landen. Van Antwerpen tot Berlijn. Hotelbezoekers grissen er een fiets uit de stalling en trekken kriskras deze steden door. Als (ramp)toerist op een tweewieler of als zakelijke gast die snel bij zijn volgende afspraak wil zijn. 

MyHotelBike is inmiddels Nederlands grootste fietsverhuurbedrijf voor hotels en maakt ook voorbij de landsgrenzen furore. De 30-jarige Francisco Lujano Benavides − “Noem me maar Pancho, alle Francisco’s in Mexico noemen ze Pancho” − glundert als hij erover vertelt.

Zesdehands fietsen

Terug naar 2011. Pancho is iets voorbij de 20 als hij samen met zijn twee jaar oudere broer Fernando door de straten van zijn Amsterdam struint en voor de zoveelste keer afgedankte fietsen passeert. Vastgeketend aan bruggen, opgehoopt bij stations, verkeerd geparkeerd voor supermarkten en portiekwoningen. Soms al maanden onaangeroerd en wachtend op de gemeentelijke ophaaldienst die ze naar de schroothoop verplaatst. Daar moeten we iets mee, besluiten de twee.

Het begint met het opknappen van die (zoals ze ze zelf noemen) zesdehands fietsen. Om ze aan de man te brengen. Aanvankelijk bij particulieren. Maar de gebroeders Lujano Benavides zien uiteindelijk meer heil in een langdurige relatie dan in die met de vluchtige forens die een week later alweer een andere fiets scoort. Er komt weer een broer in beeld: Ruben deze keer. Die werkt bij een hotel en regelt dat ze daar hun eerste fietsen aan kunnen verhuren.

Berging als fietsenopslag

Fastforward. Pancho en zijn broer zijn dik drie jaar bezig. Ze hebben een handjevol ‘mechanics’ ofwel fietsenmakers in dienst, maar geen eigen pand. De krakkemikkige tweewielers repareren ze, bij gebrek aan beter, in de bergingen van buren. “Als jij jouw berging aan ons ter beschikking stelt, betalen wij jouw telefoonrekening”, zeggen de broers tegen hun buren. En zo komt het dat ze in verschillende bergingen tientallen te repareren en opgeknapte fietsen hebben staan.

Ook die bergingen worden te klein. In krap acht jaar tijd breiden ze hun fietsenaantal uit van 4 naar 3358 stuks. Van 1- en 2-sterren­hotels die hun gasten tegen spotprijzen huurfietsen aanbieden klimmen ze op tot 4- en 5-sterrenhotels als Mövenpick en Pestana. Naast de zesdehands fietsen staan inmiddels ook spiksplinternieuwe exemplaren. Er komt een pand in de buurt van de Amsterdamse Overtoom. Er is een samenwerking met grote fietsfabrikanten en een overname. Door een concurrent uit de markt te kopen wordt MyHotelBike in één klap ’s lands grootste speler.

Allemaal met als onderscheidende factor: duurzaamheid. Niks geen plastic en grote hoeveelheden karton om de nieuw geleverde fietsen. Ook geen bestelbusjes om fietsen te verplaatsen of te repareren. Te repareren fietsen halen ze op met een bakfiets. Of een mechanic fietst naar het hotel om fietsen af te leveren. Ook als dat dertig kilometer verderop ligt.

Eerste onderneming

Pancho blikt nu zelf terug. Ondernemen zit in zijn bloed, vertelt hij terwijl hij in de garage bij de Overtoom loopt. Zijn ouders hebben jaren op de markt gestaan. Als klein jochie hielp hij weleens mee met het verkopen van Mexicaanse kunstnijverheid.

Hij vertelt ook over zijn allereerste ‘onderneming’. Een jaar of tien was hij toen hij samen met zijn broer en een vriendje bij de buren aanbelde om te vragen of ze hun auto mochten wassen. Voor een tientje. Ja, zeiden de buren dan. Maar de drie hadden alleen een emmer. “Mogen we wat water en sop lenen dan? Om te wassen?” De buren stemden toe. Was het tientje verdiend, dan wilden ze ook wel stofzuigen. “Maar dan willen we wel uw stofzuiger lenen. En dat kost dan weer een tientje.” Lachend: “Het bedrijfje hield geen stand. Helemaal toen er een autowasstraat kwam voor de helft van het geld.”

Wat ooit begon als een manier om geld te verdienen, heeft nu zijn ‘way of life’ compleet veranderd. Pancho doet alles op de fiets. Gaat hij naar een andere stad, dan pakt hij ook de fiets. Of de trein. Nooit de auto. In hun pand aan de Overtoom scheiden ze afval. Sinds kort doet hij thuis hetzelfde.

Fietsen, zo hoopt hij, moet een cultuur worden. Een verbindende factor. Hij droomt hardop: “We hopen de hele wereld te kunnen inspireren met de fiets.” Hoe zit het dan met die toeristen die wiebelend en wankel door Amsterdam struinen, tot ergernis van menig Amsterdammer? Pancho: “Maar als ze vaker fietsen worden ze er toch alleen maar beter in?”

Lees ook:

Deze jongeren hebben een eigen bedrijf naast hun studie of school: ‘Al mijn geld stop ik in de onderneming’

Een eigen bedrijfje wordt steeds populairder bij jongeren. De jongste ondernemer van Nederland is 9 jaar, blijkt uit cijfers van de Kamer van Koophandel. Ze zijn vooral te vinden in de detailhandel, zakelijke dienstverlening, ICT en media. In 2014 waren er nog maar 1943 ondernemers tot en met 18 jaar, vorig jaar waren dat er al twee keer zoveel: 3867. Jongens ondernemen opvallend vaker dan meisjes, met 78 procent tegenover 22 procent. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden