Hoe Sylvie's perfecte glimlach satanisch werd - voor hem

Schrijver Ernest van der Kwast spit kranten door, op zoek naar berichten over de liefde, en maakt zijn eigen verhaal. Dit keer: hoe Rafaël van der Vaarts liefde voor zijn Sylvie vervaagde.

Het begon met een klap. In een huis vol gasten sloeg Rafael van der Vaart op Oudejaarsavond zijn echtgenote in het gezicht. Ze was een mooie vrouw, blond met een brede mond, een glimlach die fonkelde en de deuren van de grote vertrekken opende, maar hij hield niet meer van haar. Het was langzaam gegaan, als een ziekte. Eerst dacht hij dat het over zou gaan, dat het lag aan hun drukke leven, aan het kleine kind dat krijste in de nacht. Het zat dieper. Als ze met haar gladde, gebruinde benen in bed stapte, een satijnen hemd om haar ranke meisjeslichaam, dan kuste hij haar op haar mond en zei: slaap lekker. Hij voelde steeds minder voor haar, en toen voelde hij afkeer. Er waren natuurlijk de ruzies die vele jonge ouders verdelen. Hoe je een kind corrigeert, hoe je het toespreekt. Ze wist het altijd beter. Maar de buren konden hen ook horen schreeuwen na tienen.

Op een dag was hij naar andere vrouwen gaan kijken, op straat, in cafés. Het was herfst en hij had honger, hij wilde dat het kapot ging. Hun relatie, dat ook, maar eerst iets binnen in hem. Laten we het zijn integriteit noemen - nog nooit had Rafael van der Vaart iemand bedrogen. Als jongetje van zeven had hij een lucifersdoosje met een zwevende zwarte zwaluw gestolen van de buurvrouw, maar hij had het na enkele uren weer door haar brievenbus geduwd. Twee lucifers had hij durven afstrijken, meer niet. Hij had niet alleen de naam van een engel.

Nu keek hij meerdere keren per dag een vrouw na. Ze hadden soms niet eens betere billen dan zijn eigen vrouw, die zo begeerlijk was dat zijn beste vrienden fantasieën over haar hadden.

Ze waren tien jaar samen en hadden net een appartement betrokken in de Hamburgse wijk Eppendorf. Ze hadden er lang naar gezocht. Het was modern, strak en wit, met een waanzinnig uitzicht. Het was haar keuze geweest. Terwijl ze met de makelaar door het appartement liepen, deelde zij de kamers al in.

"Dit wordt de slaapkamer", zei ze.

Hij geloofde er niet in. Hij wist dat het een mogelijkheid was, zoals alles in hun leven een mogelijkheid was. Ze konden op en neer vliegen naar Doebai voor een nieuwe jurk of een sjaal, ze konden 's ochtends een auto kopen en 's middags een zeilboot. Het kostte geen moeite. Zo was het appartement ook in zijn leven gekomen, omdat er geen reden was om het niet te doen.

Het was precies geworden zoals zij het had gedroomd, maar het was geen droom die werkelijkheid was geworden. Het was surreëel. Hij liep door het appartement en bekeek de meubelen, de glazen en vazen, en de led-verlichting in het plafond. Hij had moeite met het vinden van de juiste schakelaars. De koelkast bleef drie weken lang leeg.

Toen was het einde van het lange jaar in zicht en wilde zij een feestje geven. Wat ze eigenlijk wilde, was alles laten zien. Hun appartement, hun geluk, hun zoontje in een overhemd met de bekende ruit van Burberry subtiel maar toch goed zichtbaar in zijn boord.

Er waren de beste hapjes van de stad, Dom Perignon en muziek van een dj die ze persoonlijk kende.

Hij had speciaal voor haar een playlist gemaakt.

Sabia, haar beste vriendin, was ook aanwezig. Ze had grote borsten en droeg een strakke, paarse jurk en al enige tijd geen trouwring meer. Wel gebruikte ze nog de achternaam van haar man; de scheiding was slechts een formaliteit.

Als ze ergens met Sabia kwam, dan keken alle mannen naar hen. Naar háár glanzende benen en strakke kont, en naar de borsten van haar beste vriendin.

Ik zou ze wel voor een dag willen hebben, had ze een keer tegen Sabia gezegd. "Dan zou ik ze de hele tijd betasten."

Haar man zou er ook wel raad mee weten. In het appartement hingen grote abstracte doeken, er stonden enorme vazen op de vloer en bronzen beelden in de vensterbanken. Maar naar niets in zijn appartement had hij zo vaak gekeken als naar de borsten in het paarse jurkje. Hij zag dat zijn vrouw zag dat hij keek, maar ze bleef lachen. Haar glanzende rode lippen toonden haar witte, rechte tanden - het was een perfecte glimlach, onbreekbaar. Satanisch, vond hij.

Als we de anatomie van de klap bestuderen, dan zien we een vlakke hand die opeens door de ruimte schiet, alsof het een vogel is die ontsnapt. De hand mindert geen vaart, hij wordt wel iets gekanteld zodat de rechterwang goed wordt getroffen. Zeven van de tien gasten zien het gebeuren, hun blik vol ongeloof, luttele seconden later volgt ook afschuw. Iedereen hoort de klap, een droog, hard geluid, als de knal van een trektouwtje.

Hij wist meteen dat het gelukt was. Ze lachte niet meer. Alle stemmen verstomden ogenblikkelijk, alleen de gemixte vocals en beats van de bevriende dj waren te horen. Er zat geen bloed aan zijn hand, wel lippenstift.

Het was Sabia geweest die haar naar een andere kamer had geleid en haar had getroost. Het komt allemaal goed, zei ze steeds. "Alles komt weer goed."

Het was ook Sabia geweest die in het voorjaar was gezien met Rafael van der Vaart. En het was Sabia geweest die in het najaar zwanger van hem was.

Zijn ex-vrouw wilde alles laten zien, maar de mensen hadden veel meer gekregen. Ze voelde zich dubbel bedrogen, door haar man en door haar beste vriendin.

Er was een tijd dat ze zich diep schaamde en het verdriet als een mes in haar buik zat, maar ze kwam eroverheen. Ze was een mooie vrouw, blond met een brede mond. Als ze lachte, ook al moest ze zich daar voor inspannen, gingen de deuren van de grote vertrekken in het leven open.

Hij zou de lichtschakelaars van het nieuwe appartement nooit leren kennen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden