Hoe staat het met het wonder van de Trumponomics?

Een kilometerlange vrachttrein met containerwagens gevuld met steenkolen passeert een spoorwegovergang in de stad Ashland in Kentucky. Beeld Ellen Kok

De Amerikaanse president Trump hoopt dinsdag bij de congresverkiezingen te worden beloond voor de economische groeicijfers, waar hij ‘persoonlijk voor heeft gezorgd’. Maar op die claim valt veel af te dingen. De cijfers vallen bij nadere beschouwing ook tegen.

Als automobilist in Ashland besef je dat het kolentijdperk nog niet voorbij is. Daar heb je ruim de tijd voor terwijl je wacht op een trein van zeker een kilometer lang die door het dal van de Ohio-rivier tuft. En als je iets voor onderweg gaat kopen in de Maggard’s Cash Store in Eolia­­, tegen de grens met Virginia, dan zal Ellis Maggard het je nog sterker vertellen: de steenkool komt terug. Niet ver van zijn historische winkel wolkt stof op aan de voet van een grotendeels kaalgegraven berg: daar is de steenkoolwinning deze zomer hervat.

Maggard weet zeker dat president Donald Trump daarvoor heeft gezorgd en daarmee indirect de Cash Store van de ondergang redde. “Eerst gingen de mijnen dicht, toen de winkels. Als ik geen spaargeld had gehad om in de zaak te steken, was die allang dicht. Nu merk je dat er weer mensen komen, en ze hebben geld om iets te kopen.”

Schone steenkool

Het klopt dat Trump tijdens de verkiezingscampagne in 2016 beloofde dat steenkool – ‘Prachtige, schone steenkool!’ – weer in de gratie zou komen. Dat het heropenen van enkele mijnen in Oost-Kentucky (met werk voor 150 mensen) direct aan hem te danken is, valt te betwijfelen. Pas afgelopen augustus heeft het milieuministerie, de EPA, formeel een versoepeling voorgesteld van de eisen aan wat er aan vervuiling uit de schoorstenen van elektriciteitscentrales mag komen. De gestegen vraag is eerder te danken aan de gestage bouw van kolencentrales in onder andere China.

Braidy Industries wil een aluminiumfabriek bouwen in Ashland, Kentucky, en zo banen scheppen. Maar voorlopig is de financiering niet rond en staat er alleen een reclamebord bij de beoogde bouwplaats. Beeld Ellen Kok

En voor de lange termijn zijn de voorspellingen van zowel energiebedrijven in de VS als deskundigen in de internationale energiemarkt eensluidend: duurzame energiebronnen hebben de toekomst. Overheden wereldwijd stimuleren ze, de prijzen van duurzame energie dalen nog voortdurend, op den duur gaat steenkool het afleggen. Maar Kentucky heeft nog meer pijlen op zijn boog. Even buiten Ashland ligt een terrein van vier vierkante kilometer klaar voor de vestiging van bedrijven. EastPark is een erfenis van de kolenwinning, de staat Kentucky kreeg het cadeau van het bedrijf dat het afgroef. Deze zomer ging daar de eerste spade de grond in voor de bouw van een aluminiumwalserij die over twee jaar aan zeshonderd mensen werk biedt.

En ook hier moet Trump hartelijk voor bedankt worden, zei diens economische adviseur, Peter Navarro, meteen: “In Ashland, Kentucky, in het hart van de armoede in Amerika, Appalachia, komt een aluminiumwalserij van 1,5 miljard dankzij het belasting- en invoerrechtenbeleid van de president.”

Maar die toeschrijving klopt niet, zocht de Washington Post meteen uit. Tot de bouw van die fabriek was al besloten voordat Trump, uit ongenoegen over de negatieve handelsbalans van de VS, de import van aluminium en staal ging belasten. De staat Kentucky leverde startkapitaal en wetgeving die het gemakkelijk maakt om vakbonden buiten de deur te houden.

Regelgeving

Over de Amerikaanse economie als geheel is er al evenmin eenstemmigheid. Is die na de crisis van 2008 weer op de rails gekregen door de vorige president, Barack Obama en plukt zijn opvolger Donald Trump daar nu de vruchten van? Of hebben Trump en de Republikeinen de economie verder laten opleven dankzij het opschonen van een verstikkend woud aan regelgeving en een forse verlaging van de belastingen voor rijke Amerikanen, bedrijven, kleine ondernemers en ook een beetje voor gewone verdieners?

Neem de economische groei, zoals die elk kwartaal wordt vastgesteld en omgerekend naar een groei op jaarbasis. Trots stelde president Trump vast dat die over het derde kwartaal van dit jaar uitkwam op 3,5 procent. Daarmee is het hele jaar 2018 aardig op weg om in de buurt van de 4 procent te komen. Dat is niet zo hoog als de 5 of 6 procent die Trump in zijn verkiezingsroes voor mogelijk had gehouden, maar altijd nog een prima cijfer voor de economie van een niet-ontwikkelingsland.

Ook over de werkloosheid lijken de Amerikanen niet te mogen klagen, die ligt met 3,7 procent op een niveau dat praktisch niet lager lijkt te kunnen omdat in een normaal functionerende economie er altijd mensen zijn die net even tussen twee banen zitten.

Maar niet iedere econoom ziet daar een zegetocht in van ‘Trumponomics’. De werkgelegenheid neemt niet sneller toe dan onder Obama. En die recente stevige groei lijkt deels te danken aan bedrijven die vooruitliepen op de handelsoorlog die de president begon te voeren met China. Want, als je weet dat importen daarvandaan duurder zullen worden, laat je natuurlijk snel nog even een paar containers komen met spullen die je hoe dan ook nodig hebt. De gestegen olieprijs speelt ook mee: die leidde de afgelopen maanden tot hogere investeringen door oliebedrijven in installaties om olie en gas uit de grond te halen.

Als je die twee tijdelijke factoren wegstreept, hou je een economie over die een beetje voortsukkelt, niet een die de turbo-versnelling doormaakt die de regering-Trump in de cijfers ziet.

Uiteraard hopen Trump en de Republikeinen, dat kiezers dinsdag het gunstige verhaal over de economie accepteren en belonen. Volgens een ­ enquête van tv-netwerk CBS vindt driekwart van de Amerikanen inderdaad dat het economisch goed gaat met het land.

Maar die groei- en opiniecijfers zijn een gemiddelde, waarachter zich hardnekkige problemen verschuilen, zegt econoom David Blanchflower van de Dartmouth Universiteit in Hanover, New Hampshire. Net als in 2016 zullen grote groepen helemaal niet zo tevreden zijn. “Wat er gebeurt met de meest verdienende mensen, en in de grote steden, gebeurt niet in Kansas of in North Dakota, in het midden van het land. Daar zijn de lonen niet gaan stijgen, en goede banen vind je daar niet. Als je met gewone mensen praat, heb je dan het idee dat ze van alle kanten banen aangeboden krijgen? Dat de economie als een tierelier gaat? Absoluut niet. Waar ik woon, is net het benzinestation dichtgegaan, er staan hier in Hanover winkels leeg in de hoofdstraat. In onze staat is de werkloosheid maar 2 procent, zeggen ze. Ik geloof er niks van.”

Werkgelegenheidstekort

In feite, zegt Blanchflower, heeft de Amerikaanse economie de klap van de afgelopen recessie nog helemaal niet verwerkt. Dat is te zien aan een statistiek die niet elke maand de aandacht krijgt, maar volgens hem veel meer zegt dan het werkloosheidspercentage: het ‘werkgelegenheidstekort’.

Daarmee bedoelt hij het percentage werknemers dat wel werk heeft, maar aangeeft graag meer uren te willen werken. Zolang dat cijfer nog hoog is, vindt hij, kun je niet spreken van volledige werkgelegenheid, hoe laag de werkloosheid ook is. En dat verklaart waarom in de VS de lonen maar niet echt willen stijgen. “Voor 2008 zag je in de cijfers duidelijk verband tussen de werkloosheid en de lonen. Na 2008 is dat weg.”

De stagnatie van de lonen laat volgens Blanchflower zien dat de VS nog steeds niet helemaal zijn bekomen van de crisis van 2008. In de statistieken ziet hij werknemers verdwijnen uit de categorie ‘werkloos’, maar vervolgens opduiken in de categorie ‘wil graag meer werk’. En dus, concludeert hij, moet de economie nog een flink stuk doorgroeien voor gewone Amerikanen werkelijk de vruchten ervan kunnen plukken.

Met zijn artikelen daarover heeft Blanchflower tot zijn frustratie de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, nog niet kunnen overtuigen. De ‘Fed’ ziet de lage werkloosheid als signaal om geleidelijk de rente te verhogen. Dat gebeurt onder protest van president Trump – die wil zo hoog mogelijke groeicijfers, zeker in de aanloop naar de verkiezingen van 2020. Maar de Fed hoeft zich daar niets van aan te trekken en vindt het tijd om te gaan bijremmen.

Blanchflower: “Ze hebben zich in het hoofd gehaald dat de economie anders ontploft. Maar als ze het mis hebben, dan maken ze een voortijdig einde aan het herstel, net op een moment dat de olieprijzen stijgen en er nog helemaal geen inflatie is.”

Hij vreest voor een herhaling van het scenario uit 2008. “In de notulen van vergaderingen in dat jaar lees je dat de Fed nog geen idee had dat de Amerikaanse economie al sinds 2007 in een recessie verkeerde. Vandaag de dag gebruiken ze nog steeds hetzelfde economische model en vinden ze unaniem dat ze de rente moeten verhogen. Terwijl de cijfers daar helemaal geen aanleiding toe geven.”

Lees ook:

Trumps handelsoorlog: stuiptrekking van een grootmacht in verval?

Amerika werd ooit economisch sterk dankzij hoge invoerheffingen op allerlei producten. Maar het paniekerige protectionisme waar Trump nu op terugvalt, doet sommige Amerikanen vrezen dat hun economische hoogtijdagen langzaamaan geteld zijn.

Trumponomics klinkt als werk voor de Amerikanen

In de eerste dagen van Trumps presidentschap groeide de hoop bij de arme middenklasse dat ze door ingrijpen van Trump weer aan (beter) betaald werk kunnen komen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden