Megastad

Hoe mijn huidskleur de prijzen in Nairobi omhoog stuwt

De fruit- en groentemarkt van de Keniaanse hoofdstad Nairobi. Beeld AP

Grote avocado’s lonken naar me vanaf een houten kraampje langs de kant van een drukke weg. Ik moet wel stoppen. Als ik de auto in de berm parkeer komt de jonge verkoper naar me toegesneld en vertelt hoe romig de avocado’s zijn. 

Rijp om gegeten te worden. Een avocado kost 100 shilling ofwel een euro, zegt hij met een pokerface. 

Ik weet zeker dat ze 30 shilling per stuk kosten in de supermarkten die in Nairobi straathandelaren steeds meer verdringen. Ik zeg tegen de verkoper dat het te veel is – duidelijk een mzungu-prijs. Hij lacht schalks terwijl hij heftig het hoofd schudt. 

Dolende zwerver

Het woord mzungu is de gangbare term in Kenia voor een (witte) buitenlander. Letterlijk betekent het in het Swahili ‘dolende zwerver’ – de aanduiding lijkt daarmee te dateren uit de tijd dat westerlingen op het continent arriveerden om Afrika ‘te ontdekken’. 

Witten hebben veel geld, is de heersende overtuiging bij het grootste deel van de bevolking. Ik wijs de verkoper op mijn twintig jaar oude auto die van de mecanicien niet meer buiten de stadsgrenzen mag, maar nog lang niet vervangen kan worden. Hij is niet voor een gat te vangen. “Je hebt thuis waarschijnlijk een echte auto”, reageert hij. 

Het heeft duidelijk geen zin hem van zijn overtuiging af te helpen, en ik zet het onderhandelingsproces in gang. Na veel heen en weer kom ik uit op nog altijd 60 shilling per stuk. Ik geef het op en stap zonder avocado’s in de auto. Hij komt me niet eens achterna om hoe dan ook zijn waren te verkopen. 

De mzungu-prijzen hebben me door de jaren heen geleerd dat ik het anders moet aanpakken. Als ik thuiskom, vraag ik manlief naar de verkoper te rijden en avocado’s voor me te kopen. Mijn man is een Nigeriaan die (anders dan ik) het Swahili niet beheerst, maar wel een huidskleur heeft die de prijs doet zakken. 

Hij komt later thuis met vijf avocado’s voor een euro. Het lukt hem echter nooit om succesvol te onderhandelen als ik erbij ben. Regelmatig word ik dan ook gesommeerd te verdwijnen omdat mijn huidskleur de prijs omhoogduwt. 

Rollenspel

De mzungu-prijzen gelden niet alleen op de markt. Als we een fundi, een klusjesman, nodig hebben, voeren mijn man en ik een rollenspel op. Hij is de heer des huizes en stelt mij voor als een bezoekster uit het buitenland, meestal een vriendin van zijn zus. Tijdens de werkzaamheden aan het huis sluit ik mezelf op in mijn kantoortje en laat ik me zo min mogelijk zien. 

Onlangs hadden we last van een lekkage en moest er een loodgieter aan te pas komen. Die vroeg aan mijn echtgenoot een veel te hoog bedrag, maar na enig heen en weer bieden werd een redelijke prijs afgesproken voor beide partijen. Toen de klus geklaard was en mijn man betaalde, kwam hij tien euro tekort. Hij viel uit zijn rol en sprak me aan met ‘darling, heb jij 1000 shilling?’. 

De loodgieter trok zijn wenkbrauwen op. Toen ik het geld overhandigde, kon ik niet nalaten om hem eveneens met darling aan te spreken. Dat leverde een beteuterd gezicht op bij de loodgieter, en een triomfantelijk gevoel bij mij.

Uitdijende metropolen bieden een groeiend deel van de wereldbevolking onderdak. Hoe houden de mensen het daar leefbaar? Trouw-correspondenten doen wekelijks verslag uit hun eigen megastad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden