'Hoe lang is acht meter?'

Veel minder dan in andere landen, laat de Nederlander zijn huis zelf bouwen. Dat moet anders, vindt staatssecretaris Remkes, die het percentage 'eigenbouw' in de komende jaren naar de dertig procent wil tillen. In Trouw de ervaringen van bewoners die al zelf het initiatief namen.

tekst: Gonny ten Haaft

Vandaag deel 3: een moderne kubus te Leeuwarden.

Tientallen ontwerpen belandden in de prullebak voordat Cees en Jeanet Klomp hun ideale huis hadden gevonden. Tot hun eigen verrassing werd het een 'moderne kubus', nadat ze eerst maanden naar een jaren-dertig pand hadden gezocht.

Het was de makelaar, herinnert zich Cees Klomp (49), die hen op de mogelijkheid wees een nieuw huis te laten bouwen. Weinig hoopvol reden ze naar het stukje kale grond waarop hun villa zou kunnen verrijzen. ,,We zagen wat tekeningen en het ging leven. Sindsdien zijn we verkocht.'

Al lang voordat staatssecretaris Remkes (meer) macht voor de 'woonconsument' bepleitte, reserveerde de gemeente Leeuwarden grond voor acht vrijstaande villa's, die de kopers naar eigen inzicht konden ontwerpen. Samen met zes geschakelde en acht rijtjeshuizen vormen deze het Troelstrapark, een kleine wijk waarvan het stedebouwkundig plan vastlag.

Voor de kopers betekende dit dat zij uit een geselecteerde club architecten er één moesten kiezen. Ook de vorm van het huis lag al vast: een kubus van minimaal 8x8x8 en maximaal 9x9x9 meter. ,,In het begin konden we ons niet voorstellen hoe het zou worden', bekent Jeanet Klomp (46). ,,Hoe lang is acht meter? We zijn met een rolmaat in ons oude huis gaan rondlopen om besef van afmetingen te krijgen. Ik vond het vooral moeilijk om, terwijl de grond nog braak lag, over de plaatsing van de lichtpunten en kabels te beslissen. In die kast bijvoorbeeld verbergen we de tv: prachtig, maar die kast kan daar nooit meer weg.'

Bij het eerste bezoek aan de architect, Rein Hofstra, namen ze bewust knipsels uit woonbladen mee om hun smaak te illustreren. Achteraf bleek dit niet nodig: het klikte zo goed dat ze geen andere architecten bezochten.

Ook al waren Hofstra's eerste schetsen extreem, hij straalde toch zoveel vertrouwen uit dat ze hem vroegen ook tijdens de bouw toezicht op de werkzaamheden te houden. ,,Een gouden greep', vertelt Cees Klomp, ,,ik raad dit iedereen aan, ook al kost het extra geld. Elk contact met de aannemer liep via de architect. Als ons iets werd gevraagd, zeiden wij altijd 'Bel Hofstra.' Hém maakten ze niets wijs.'

Hoe wild ook, Hofstra's eerste ontwerpen scherpten de geest. Wonen op de eerste verdieping? Nee. Een driehoekige slaapkamer? Nee. Een glazen kolom over de hele hoogte? Nee. Jeanet wijst op een villa even verderop, die opvalt door de glazen, ronde toren. ,,Daar kreeg Hofstra zijn kolom alsnog. Hij had er een mooi beeld bij: in die kolom moesten we overal lampjes hangen, opdat iedereen wist dat wij 'dat huis met die lampjes' zouden zijn.'

Uiteindelijk kozen Cees en Jeanet -hun twee kinderen zijn de deur uit- voor een 'vrij standaard' indeling. Beneden wonen en eten, op de eerste en tweede verdieping slapen en studeren.

Bijzonder is de grote woonkamer met een schuine en ronde wand. ,,Beneden mocht iedereen vijftig vierkante meter buiten de kubus gaan, bijvoorbeeld voor een serre of garage', vertelt Jeanet. ,,Wij hebben daar naast ons huis mijn schoonheidssalon van gemaakt én een uitgebouwde woonkamer met deze speelse, gebogen vormen.'

Uit een ordner haalt Cees een tekening. Twee kleine autootjes naast het huis illustreren de precisie van de architect. ,,Wij waren bang dat de oprijlaan te smal zou zijn', lacht Cees. ,,Hofstra bestreed dat en knipte onze Panda en Alfa op maat uit. En inderdaad, hij had gelijk.'

Ook financieel bleek Hofstra's inzet profijtelijk. Uit dezelfde ordner tovert Cees de begroting van de aannemer, waar Hofstra met fijne pen doorheen ging. ,,Niet uitvoeren', schrijft Hofstra bij het bedrag dat de aannemer voor het schilderen van de hoeken van het metselwerk rekent, ,,ik laat dit een ander doen.'

Na veel plussen en minnen lukte het binnen de begroting van Cees en Jeanet, die in 1995 niet meer dan 4,5 ton voor kubus en grond wilden uitgeven, te blijven. Maar als je er eenmaal in zit, komen er nog ettelijke uitgaven bij, waarschuwt Jeanet. Ze wijst op een plafondspot in de smalle hal, die 'twee etages hoog' is. ,,Hoe kom je daarbij? We moesten er speciaal iemand voor laten komen: levensgevaarlijk, het is daar minstens zes meter hoog.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden