Hoe kun je in Oisterwijk de vennen overslaan?

Wandelpionier Jacobus Craandijk doorkruiste eind 19de eeuw heel Nederland. Zijn verre achterneef Flip van Doorn treedt in diens voetsporen, deze week in de omgeving van Oisterwijk.

Ietwat teleurgesteld keert Jacobus Craandijk na een wandeling over het landgoed Hondsberg naar Oisterwijk terug. Het 'welvarende dorp' en 'de lieflijke landschappen, waarvan het omringd is' kunnen hem weliswaar zeer behagen, over de geschiedenis van de plaats en zijn voornaamste gebouwen is hij bitter weinig te weten gekomen. Een wandelverslag van de dominee is niet volledig zonder een uitvoerige blik in het verleden. Vaak zijn de kastelen, landhuizen en buitenplaatsen die hij bezoekt de kapstokken waaraan hij zijn uitgebreide geschiedenislessen ophangt. Maar zijn wandeling over het landgoed - zelfs naar de plaats waar de burcht gestaan moet hebben - leveren hem zo weinig op dat hij zich beklaagt over het feit dat "de bronnen voor de kennis van menige, toch niet onbelangrijke, plaats in Noord-Brabant slechts armelijk vloeijen". Hij lijkt niet eens te beseffen dat Oisterwijk een stad is.

Misschien heb ik het geluk dat Oisterwijk nog maar kort geleden 800 jaar stadsrechten vierde. Bij die gelegenheid is de geschiedenis uitvoerig beschreven, en verscheen er zelfs een dik boek over de ontwikkeling van het lokale toerisme. Craandijk wordt daarin geciteerd: dankzij zijn wandelverslag wisten vanaf 1884 veel gasten de Hondsberg te vinden. Bovendien is er in 130 jaar veel geschiedenis bij gekomen. De watermolen op de Voorste Stroom is weliswaar verdwenen, maar op de plaats waar Craandijk nog een bouwvallige kerk aantrof, bouwde Pierre Cuypers enkele jaren later een monumentale basiliek. Het hart van het stadje kan ik met de beschrijving van mijn oudoom in de hand probleemloos doorkruisen. Van de linde die al lang geleden zijn naam leende aan het centrale plein De Lind, rest nog altijd 'een zonderling netwerk van knoestige worteltakken' met een lage kroon. Als ik hem zo bekijk krijg ik zelfs het idee dat de boom er beter bij staat dan in de dagen van Craandijk. De Lind is beschermd stadsgezicht en omgeven door monumentale gebouwen. Het gemeentehuis herken ik meteen, en beschut door de lindenberceau wandel ik naar de Dorpsstraat.

"Ontvingen wij tot dusver een gunstigen indruk van het uitgestrekte, welvarende dorp, wij hadden van het landschap er om heen nog weinig gezien en als ten laatste de huizenreeks achter ons ligt en de hagen het uitzigt niet meer belemmeren, dan is 't ons, of nu eigenlijk pas de wandeling begint." Anders gezegd: hoe mooi Oisterwijk ook is, veel van die schoonheid dankt het stadje aan zijn bevoorrechte ligging. Tot mijn verbazing beperkt mijn verre oudoom zich tot een bezoek aan het landgoed Hondsberg. Het uitgestrekte heidegebied dat zich ten zuiden van Oisterwijk uitstrekt, lijkt hij over het hoofd te zien. Van de tientallen vennen bezoekt hij alleen het handjevol dat tot het landgoed behoort, en ze kunnen hem alleen bekoren omdat ze aan de wil van de mens zijn onderworpen. "Met uitnemenden smaak werden die 'vennen' tot sierlijke waterpartijen vergraven en die heidevelden tot een indrukwekkend landgoed aangelegd." Slechts een pagina lang bezingt Craandijk de schoonheid van de vijvers met hun waterlelies, de varens en mossen, de afwisseling van het landschap. Het is niet de schoonheid van de natuur die hem treft, maar die van het menselijk ingrijpen. De kunst. "Zij heeft haar tooverstaf uitgestrekt over de wildernis, maar haar bijna overal zooveel het kon den stempel der ongerepte natuur laten behouden."

De VVV van Oisterwijk, een van de oudste van Nederland, wist aan het begin van de twintigste eeuw te voorkomen dat het landgoed Hondsberg verder ontgonnen zou worden. De Oisterwijkse Bossen en Vennen behoorden in 1913 tot de eerste aankopen van de nog jonge Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in Nederland.

Nauwelijks dertig jaar eerder rept Craandijk nog met geen woord over de reeën die wegschieten, de buizerd die eenzaam zijn rondjes draait, de bosbessen die rijpen in de schaduw van eiken en dennen. Al merkt hij op hoe elk ven zijn eigen karakter heeft, minstens driekwart ervan heeft hij niet gezien. Hij verkiest het zorgvuldig vormgegeven landschap boven de ongerepte natuur. En dat terwijl ik kan kiezen uit een waaier aan routes, bijna letterlijk struikel over de markeringen die me door een verrukkelijk natuurgebied voeren.

De vennen parelen er in het landschap als zweetdruppeltjes op het voorhoofd van een vermoeide wandelaar. Het zijn kommen, kleine dalen waarin het regenwater zich verzamelt. Het Staalbergven is opgeofferd aan de recreatie, in het zwarte water weerspiegelen de felle kleuren van de drijvers die het zwemgedeelte markeren. Een villawijk heeft twee andere vennen ingekapseld, als vijvers liggen ze tussen de riante optrekjes. Maar ze halen het niet bij de schoonheid van het grillige Goorven, de stilte aan de oevers van het Kolkven of het rimpelloze water van de Lammervennen. Natuur op zijn mooist.

Craandijk weet niet wat hij mist als hij voortijdig het gebied verlaat en kiest voor 'een breede baan met witte paaltjes langs het voetpad' die hem terug voert naar Oisterwijk.

Dit is aflevering 6 in een 8-delige serie voor Zomertijd. Kijk voor de uitgebreide routebeschrijving en het routekaartje op www.jacobuscraandijk.nl.

Wandelpionier

Tussen 1874 en 1888 trekt Jacobus Craandijk te voet door Nederland. In zwierige stijl beschrijft hij zijn tochten en de acht delen van zijn 'Wandelingen door Nederland met pen en potlood' worden een standaardwerk voor wandelliefhebbers. Als reisjournalist en -auteur Flip van Doorn ontdekt dat Craandijk een verre oudoom van hem is, verdiept hij zich in het oeuvre van 'de wandelende dominee' en belandt daarmee in een tijd waarin de wandelsport nog in de kinderschoenen staat. Craandijk blijkt de oudoom van alle wandelaars.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden