Hoe het begon

Is dit nu het warme Frankrijk zoals ze het zich had voorgesteld? Toen ze moe van de reis kris kras door de straatjes liep om de jeugdherberg te vinden, had ze verwacht dat er een prachtig zonnig terras zou zijn.

door Gitta van't Land

Dat vol zou zitten met avontuurlijke inspirerende medepelgrims. Geen terras en geen medepelgrims. Op het raam bij de receptie hangt een groot papier waarop staat ; On mange entre 19.00 et 20.00. Voor de zekerheid trekt Juffie nog een keer aan de deur. Hij is heel erg dicht. On mange, lekker vaag, denkt Juffie. Ze begint zelf maar aan een boterham. Daar zit ze dan. Wat flauw dat ze juist op dit tijdstip gaan eten.

Ze heeft al een lange treinreis achter de rug. Een Frans meisje schuin achter haar had om het kwartier gezegd: eh, bain c est les vacances enfin! en haalde voor de zoveelste maal haar laptop uit haar enorme tas te voorschijn om een stukje film te bekijken. Tegenover haar was een Vlaamse mevrouw aan het lezen in een dik boek met als titel HET HEEFT ZIN . Wat zin heeft weet Juffie nog steeds niet. Ze dacht dat het over relaties ging want de mevrouw lachte heel vriendelijk naar de dikke man die bij haar hoorde. Hij lachte niet terug maar hij had het boek misschien nog niet gelezen. Bij aankomst in Le Puy had de Kamelbak die ze speciaal aangeschaft had voor haar tocht, gelekt en was gevallen. Juffie was helemaal nat was geworden en verschillende mensen hadden afkeurend naar haar hadden gekeken. Ze was daarom nog sneller dan gebruikelijk uitgestapt. Als ze had geweten dat ze hier voor een dichte deur zou moeten zitten, had ze niet zo hard gelopen.

Opeens ziet ze hoe iemand probeert binnen te komen bij de receptie. Hij zegt: merde! Juffie knikt goedkeurend: dat denkt zij nou ook! Gelukkig hoeft ze dan niet meer lang te wachten. De receptionist vraagt Juffie : wil je een stempel? Een stempel? Hij bedoelt een eerste stempel in haar 'credencial', oftewel haar Pelgrimspaspoort. Voorzichtig en met zijn tong uit zijn mond duwt hij de stempel in de inkt en alsof zijn leven er vanaf hangt drukt hij heel voorzichtig het stempel op haar credencial. eh, voila! De jeugdherberg wordt bevolkt door één strompelende Duitser, één Ier die net als Juffie worstelt met zijn deurcode (Juffie hoort hem verschillende keren 'sheit' zeggen) en een man en vrouw uit Albanië en Juffie natuurlijk. De man uit Albanië noemt Juffie Roma want zijn naam kent ze niet. Hij groet Juffie elke keer als ze hem ziet en is belangstellend. 'Ferien?' vraagt hij. Zoals hij het uitspreekt klinkt het als 'fein?" Roma is lang, donker en mager, een gouden tand die opvalt in zijn trieste gezicht. Je ziet dat het allemaal niet gemakkelijk gaat in zijn leven. ’s Morgens treft Juffie zijn vrouw in de keuken. Ze is klein en donker en ziet er uit als een meisje met een oud gezicht. Juffie en zij zitten zwijgend aan de keukentafel, zij spreekt geen Duits. Ze warmt water op in de magnetron. Ze schrikken allebei van de piepjes. Later ziet Juffie Roma en zijn vrouw in de stad. Hij roept Juffie. Juffie wordt er blij van. Alsof ze al heel lang in Le Puy woont en ze oude bekenden zijn. Toch weet ze nog niets van hem. Dat verandert snel. In een paar woorden schets hij zijn leven. Wir Zigeuner. Polizei immer (hij maakt een gebaar alsof hij slaat). Albanien. Politik Asyl. Jetzt nach Polizei. Ze hebben geen goede ervaringen met de Polizei. Immer Probleme. Juffie vraagt naar familie. Hij wijst op zijn vrouw: Vater tot. Dan wijst hij op zichzelf: Vater auch tot. Ermordet. Waarom? vraagt Juffie verschrikt. Hij haalt zijn schouders moedeloos op. Ich verstecken. Ich Kind. Een hele tragedie in een paar woorden. Ze ontroeren Juffie. Hij is kwetsbaar met zijn kleine dochtertje op de arm, zij kijkt een beetje voor zich uit. Zelfs het dochtertje kijkt alsof ze niet veel verwacht. Arbeiten? Hij maakt Juffie duidelijk dat ze nooit hebben mogen studeren, of werken. Hij vraagt niet om geld. Alleen begrip. Het raakt Juffie. Omdat Juffie niet goed weet wat ze moet doen, reageert ze te laat. Juffie schudt handen, kijkt hen aan, voelt pijn en legt haar hand op haar hart. Viel Gluck. Daarna bedenkt Juffie dat ze hen wilde uitnodigen voor koffie, thee, eten. Het is maar goed dat ze haar zonnebril op heeft want ze voelt dat er langzaam een traan over haar wang biggelt. Juffie is nog geen 24 uur in Le Puy maar het voelt alsof ze in een ander leven is gestapt. Wat heeft zij te geven aan deze mensen. Niet perse medepelgrims. Hoewel. De Roma's zijn Pelgrims geworden zonder dat ze het wilden. Zouden zij weet hebben van Jacobus?Van Le Puy als Pelgrimsplaats?

Juffie loopt naar de kaarsjes in de kathedraal en steekt een kaarsje op voor de Roma’s, voor de receptionist en voor iedereen die een kaarsje nodig heeft, dus ook voor Juffie zelf. Het zal een bijzondere tocht worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden