Hoe hard mag het debat worden?

In het theologisch elftal geven twee godgeleerden hun visie op de actualiteit. Vandaag: Hoe erg is moddergooien in verkiezingstijd?

Mechteld Jansen
'Als theoloog wil ik, voordat ik politici de maat neem, erop wijzen op dat ook de kerk niet vrij is van moddergooien, bijvoorbeeld bij benoemingsprocedures. Ook dan kan het persoonlijke leven van mensen ter sprake komen. Vrijzinnigen schilderen orthodoxen af als achterlijk, en orthodoxen hebben het over de slangestreken van vrijzinnigen die de kerk vernietigen. Zelfs wetenschap is niet vrij van vuilspuiten, wetenschappelijke artikelen komen soms in de buurt van persoonlijke afrekeningen.

Je moet er niet aan willen wennen. Ook niet als training voor de echte politiek. Het is een vrijbrief voor vuilspuiterij. Als politicus moet je er wel op voorbereid zijn dat ze in je verleden gaan wroeten en dat bijvoorbeeld bekend kan worden dat je onder invloed hebt gereden. Dat mag je dan niet verrassen. Maar je moet er zelf niet aan meedoen. Het degelijke debat moet vooropstaan.

Door moddergooien haken goede mensen af. Een reden waarom Kofi Annan ophield met zijn vredesmissie in Syrië was het moddergooien in de Veiligheidsraad.

Je moet moddergooien niet te breed definiëren. Het is lasteren, vals beschuldigen, onware informatie verspreiden. In Nederland is er geen echte traditie op dat gebied. In de VS wel. Daar zoeken ze na of je weleens wiet hebt gebruikt en hoe vaak je op school hebt gespijbeld. Ze maken daar filmpjes die de andere partij volledig demoniseren. 'Wee ons land, als deze persoon wint', luidt de boodschap en er volgen helse scenario's.

Soms blijft modder doorwerken. Politici moeten vaak na de verkiezingen weer verder met elkaar. De manier waarop Wouter Bos in 2006 is neergezet als onbetrouwbaar en oneerlijk heeft de verhoudingen in het laatste kabinet Balkenende verziekt. Framing heet dat, geloof ik. Cohens theedrinken, daarmee schilder je hem af als een slappeling. Framing gaat een eigen leven leiden, ook als je de PVV stelselmatig gevaarlijk noemt. Iets anders is als je het programma of uitspraken van de PVV met redenen omkleed gevaarlijk noemt. Dan argumenteer je.

De Nederlandse democratie is stevig geworteld en kan tegen een stootje. Maar systematische ondermijning is gevaarlijk. Anderzijds geloof ik in het zelfreinigende vermogen van democratie. Mensen doorzien moddergooien. Iedereen die een rol heeft in de media, als journalist of als blogger of twitteraar, heeft een verantwoordelijkheid voor de democratie. Laatst werd bijna spijtig geconstateerd dat er zo weinig met modder gegooid was in een Tweede Kamerdebat. Maar ik vind dat juist hoopvol. Natuurlijk mag een stevig debat. En uitvergroting hoort erbij. Links zal zich bij alle verkiezingen moeten verweren tegen het verwijt van geldsmijterij. En rechts krijgt te horen dat het de welvaart onrechtvaardig verdeelt. Dat hoort bij het politieke steekspel en daar kun je je tegen verdedigen.

De afgelopen jaren hebben ook positieve ontwikkelingen gebracht. Debatten zijn steviger geworden, minder omfloerst. Maar ik blijf me verzetten tegen moddergooien. Moddergooien en taartgooien liggen in elkaars verlengde. Moddergooien kan het begin van fysiek geweld zijn."

Mechteld Jansen is hoogleraar missiologie aan de Protestantse Theologische Universiteit

Erik Borgman
'Fundamentele discussies moeten gevoerd kunnen worden, in vrijheid. Ook als het hoog oploopt. Je moet niet te snel de scheidsrechter erbij roepen. Dat is de ene kant. Aan de andere kant bespeur ik bij mensen een zekere afkeer van debatten die vooral spektakel opleveren. En van debaters met de uitstraling: 'Kijk mij eens dapper zijn'. Het Theo van Gogh-syndroom, zeg maar.

We zijn moe van gepolariseer dat niets oplevert. Het kan te maken hebben met de crisis. Mensen willen dat de zaak centraal staat. Soms betekent dat dat politici elkaar hard moeten aanpakken, op andere momenten moeten ze bruggen slaan. Bovendien, er moet na de verkiezingen geregeerd worden. Dat politici daar rekening mee houden, is geen zwaktebod.

Het grote probleem van het huidige politieke debat is dat politici zelf niet meer weten waarvoor ze staan. We zouden het moeten hebben over hoe we de samenleving als levend organisme in stand houden. Maar politici zoeken naar kwesties waarop je met een helder ja of nee kunt antwoorden. Zoals of je op een stukje weg wel of niet 130 kilometer per uur mag rijden, of of we de weigerambtenaar nog langer moeten gedogen.

Ze vluchten weg van de grote vragen in bijzaken die ze beheersen. Dan hebben ze een duidelijke rol. Vervolgens maken ze van die bijzaken ideologische symbolen.

Politici wekken graag de indruk dat de samenleving een woestijn is die alleen maar dankzij de politiek kan gaan bloeien. Wat zou het verfrissend zijn wanneer een politicus zei: 'Daar heb ik geen antwoord op, maar ik ga eens goed in de samenleving rondkijken.'

Want dat de wereld blijft draaien, danken we aan heel veel mensen die goed nadenken en adequaat handelen. Ik kom ze tegen in zaaltjes waar ik spreek: leraren, verpleegkundigen, vrijwilligers op allerlei gebied. Ik zeg hun altijd dat zij unieke kennis bezitten van wat er in de samenleving aan de hand is en hoe je dat kunt aanpakken. Ze mogen dat ook zelf wel iets meer beseffen. De taak van politici is vooral te helpen hun inzet levend te houden en in goede banen te leiden.

Bij een moddergevecht staat het spel centraal, niet de inzet. Politiek is een circus geworden waarin de politicus de aandacht naar zichzelf toetrekt in plaats van richt op de samenleving. Dus worden verkiezingen wedstrijden in populariteit en kunnen partijen zomaar twintig zetels winnen of verliezen.

Maar het kan ook een show worden: kijk eens hoe goed wij naar de mensen luisteren? Hoe wij met de vergrijzing of de stijgende zorgkosten moeten omgaan, dat zijn echte vragen. De antwoorden daarop hoor je niet aan de borreltafel. En politici moeten natuurlijk overleven. Een politicus die zegt dat hij het niet weet en goed gaat nadenken, verliest waarschijnlijk de verkiezingen. Het blijkt heel moeilijk om verbindingsschakel te zijn. Obama wist in zijn eerste campagne een spreekbuis te worden voor de verlangens van de samenleving. Maar eenmaal in het Witte Huis werd ook hij speelbal van politieke polarisatie. Ik moet nog zien of hij herkozen wordt."

Erik Borgman is hoogleraar systematische theologie aan de Universiteit van Tilburg

theologisch elftal

Smalbrugge De Korte - Jansen - Kalsky Leegte - Van Vlastuin - Klapheck - Tollefsen -

Van der Graaf - Borgman - Nissen

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden