Hoe DNA-onderzoek de handel en wandel van kunstsmokkelaars in kaart kan brengen

Een microbiologe zoekt naar sporen die de geschiedenis van een van de gesmokkelde beelden verraden. Beeld Universiteit voor Bodemcultuur, Wenen

Volgens de man die de marmeren beelden Oostenrijk uit wilde smokkelen hadden ze onder een huis gelegen. Microbiologen zagen dat dat niet waar kon zijn. Hun methode smaakt naar meer.

Namen hebben ze niet. Voor microbiologe Guadelupe Piñar zijn ze gewoon ‘Torso nummer 1’, Torso nummer 2’ en ‘Het kleine hoofd’. Drie marmeren voorwerpen, vervaardigd door onbekende beeldhouwers van een onbekende cultuur. Dankzij goed opletten door de Oostenrijkse douane kwamen ze onder de microscoop van haar onderzoeksgroep aan de Universiteit voor Bodemcultuur in Wenen. Die deed een poging uit te vinden waar ze vandaan kwamen, en wat ze onderweg allemaal hadden meegemaakt. Dat slaagde maar half. Maar de methode smaakt naar meer.

Volgens de man die de beelden Oostenrijk uit probeerde te krijgen, waren de stukken gevonden in een laag puin onder een huis in Wenen. Maar daar werd aan getwijfeld en dus gingen ze voorlopig naar het Kunsthistorisches Museum. “De specialisten daar deden hun best hun oorsprong te weten te komen aan de hand van de stijl en gedetailleerd onderzoek van de steen, maar ze kwamen er niet uit”, vertelt Piñar. “We hebben veel contact met hen en dus kregen wij de vraag: kunnen jullie het niet eens proberen?”

De groep had er krachtig gereedschap voor, dat eigenlijk nog nooit voor dit doel was gebruikt (zie kaders). Hoe ze te werk gingen, beschreven ze in een artikel in het vakblad Annals of Microbiology, en presenteerden ze deze week op het jaarcongres van de European ­Geosciences Union in Wenen. 

Piñar en haar collega’s gingen naar het museum en schraapten voorzichtig met naalden en scalpels op verschillende plaatsen materiaal van de stukken marmer. In het laboratorium werd van elk van die objecten het materiaal onderzocht op tekenen van leven: cellen van micro-organismen die op het marmer leefden of ooit geleefd hadden.

Grasduinen

Dat leverde een grote hoeveelheid data op, waarin de onderzoekers vervolgens konden grasduinen. Hun verwachting kwam uit: ze konden via kenmerkende DNA-fragmenten, ‘markers’, de organismen thuisbrengen die ooit op het marmer geleefd hadden.

“We concentreerden ons op de kenmerken van bacteriën, schimmels en planten. Om te beginnen om te kijken of de beelden werkelijk onder het puin van een gebouw hadden gelegen. Want bij stof hoort een bepaald soort schimmels. Maar die vonden we dus niet. We vonden veel markers op de torso’s die op een boerderij leken te wijzen, van planten, komkommer onder andere.”

Dat zou erop wijzen dat de beelden lange tijd in contact waren met landbouwgrond, waarschijnlijk begraven. “Maar we vonden ook microben die in ingewanden voorkomen, dus er was contact met dieren, of het was een boerderij waar dieren waren.”

Dat doet vermoeden dat de torso’s de reis die eindigde in het museum in Wenen grotendeels samen aflegden. Dat geld niet voor het hoofd, zegt Piñar. “Dat was een heel ander verhaal. We vonden microben die wezen op een verblijf onder water.”

Boom op Taiwan

Er waren nog meer verrassingen die het verhaal van de eigenaar onderuithaalden en nieuwsgierig maken naar de geschiedenis van de stukken. “Op torso 2 vonden we sporen van een boom, de Taiwania, die alleen voorkomt in China, vooral op Taiwan. Het hout van die boom wordt gebruikt om doodskisten te maken, dus wellicht zijn ze op die manier daar vandaan gesmokkeld.”

Verder terug in de geschiedenis is ze niet gekomen. En waar de beelden oorspronkelijk hebben gestaan, blijft verborgen. Zeker is wel dat ze het smokkelen waard waren: “We hebben een zwarte schimmelsoort gevonden die je vaak ziet op oude marmeren beelden uit de landen rond de Middellandse Zee, dus daar komen ze waarschijnlijk vandaan. Maar met onze methode kun je niet zien of die schimmels kort geleden nog leefden of al heel lang dood zijn, dus de werkelijke leeftijd kun je er niet aan aflezen. En de mensen van het Kunsthistorisches Museum konden zelfs de cultuur waar ze uit voortkwamen niet vaststellen.” Dat betekent niet dat de kunstvoorwerpen voor het museum waardeloos zijn. Er zijn plannen om ze op te nemen in een tentoonstelling over de smokkel van oudheden.

Het vorige leven van perkament

Het ‘criminologisch’ toepassen van de nieuwste snelle DNA-technieken om te kijken waar een voorwerp vandaan komt, is volgens microbiologe Guadelupe Piñar een primeur. En ook bij minder omstreden voorwerpen wordt het nog weinig gedaan. Een uitzondering daarop is onderzoek dat onder andere wordt gedaan aan de universiteiten van Cambridge en York in Engeland en de universiteit van Kopenhagen, naar perkament. Perkament, dat is gemaakt van de huid van dieren.

Met DNA-onderzoek kun je vaststellen welke diersoort het perkament leverde: koe, geit, schaap, soms ook hert. Verschuivingen daarin kunnen aanwijzingen geven voor ziekte onder vee in de periode dat het perkament werd gemaakt. Perkament kan trouwens ook menselijk DNA bevatten. Op sommige pagina’s van de Evangeliën van York, een document van rond het jaar 1000, staan gebeden en geloften. Die werden door de monniken gekust.

DNA-letters lezen in moordtempo

De Weense onderzoeksgroep analyseerde het op de beelden gevonden materiaal met een ‘DNA sequencer’. In zo’n apparaat worden de gevonden DNA-moleculen in kleine stukjes geknipt. Elk stukje bevat een paar honderd van de ‘letters’ waarmee erfelijke informatie is vastgelegd. In feite bestaan die letters uit verschillende chemische stoffen, afgekort als C, G, H en T. De machine heeft tot taak die letters te lezen.

Er zijn verschillende technieken waarmee dat op grote schaal en met grote snelheid kan worden gedaan, collectief heten ze ‘next generation sequencers’. In dit onderzoek werd de analyse gedaan met een IonTorrent-machine. Die leest de letters een voor een af door er achtereenvolgens moleculen op af te vuren die graag binden met C, G, H of T. Als er een chemische binding plaatsvindt, komt er een beetje elektrische lading vrij, die door de machine wordt waargenomen. Het resultaat is een enorme brij van reeksen letters, waarin met computerprogramma’s wordt gezocht naar reeksen die kenmerkend zijn voor specifieke levensvormen.

Lees ook:

DNA-spoor verraadt straks het uiterlijk van de crimineel

Een DNA-test verraadt nu al de kleur van ogen, haar, huid en de geografische herkomst. Een compositietekening op basis van een huidschilfer komt in zicht. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden