Hoe de kerkvaders de grondleggers werden van het christelijk geloof

Intredeprocessie in de Sint-Jozefkathedraal in Groningen waar Ron van den Hout in maart van dit jaar werd gewijd als bisschop van het bisdom Groningen-Leeuwarden. Beeld ANP

Hun geschriften vormen de basis voor de christelijke geloofsleer. Maar een belangrijk deel van het denken van de kerkvaders is onderbelicht gebleven.

Ze dragen namen als Athanasius, Johannes Chrysostomus, Augustinus, Irenaeus en Ambrosius. En ze hebben een ongekend belangrijke rol vervuld in de eerste vorming van het vroege christendom.

Kerkvaders worden ze genoemd: geestelijken die in de eerste eeuwen van de jaartelling - en dus ook in de eerste eeuwen van het christendom - hebben nagedacht over bepaald geen onbelangrijke vragen. Wie is God? Wie is Christus? Wat is de mens? Wat is de vrije wil? Hoe ziet de ideale maatschappij eruit? In traktaten legden ze hun denken vast. En daarmee werden ze de grondleggers van de manier waarop christenen denken over God en maatschappij.

De vele meters boeken die de kerkvaders bij elkaar hadden geschreven werden in latere eeuwen door theologen dankbaar gebruikt voor het in elkaar zetten van systematische bouwsels van geloofsleerstellingen. Dogmatiek. Catechismus. En daar ging het toch een beetje mis, stelt Paul van Geest, hoogleraar kerkgeschiedenis aan de Tilburg University en directeur van het Centre for Patristic Research (CPO) van Tilburg University en de VU. "Wat deden die theologen? Die gebruikten de citaten van de kerkvaders alsof het om academische teksten ging, die zich bij uitstek laten lenen om een theologisch bouwwerk mee op poten te zetten. De citaten van de kerkvaders werden daarbij niet zelden uit hun verband gerukt om vervolgens, heel handig, op het procrustesbed van de vooronderstellingen van de theologen te belanden. Ze gebruikten de kerkvaders om antwoorden te vinden op vragen die de kerkvaders zichzelf helemaal niet hadden gesteld."

En daardoor, zegt Van Geest, is een belangrijk deel van het denken van de kerkvaders onderbelicht gebleven. "Je moet naar de teksten van die kerkvaders kijken met in je achterhoofd de intentie waarmee die kerkvaders geschreven hebben. Wat hadden ze voor ogen? Het was echt niet hun doel om een soort coherente catechismus in elkaar te zetten. Wat ze wél wilden? Ze wilden de gelovigen vormen, hun referentiekader oprekken, zodat ze ontvankelijk worden voor het transcendente, het numineuze, voor God. Het ging de kerkvaders erom mensen in te wijden in het mysterie. Kerkvaders zijn mystagogen, inwijders in de mysteriën. Als je met die blik naar hun werk kijkt, zie je veel meer dan als je hun werk alleen beschouwt als een instrument om een dogmatisch bouwwerk van te maken.

De tekst gaat veder onder de afbeelding.

Augustinus van Hippo (links) en Johannes Chrysostomus. Beeld Hollandse Hoogte / World History Archive

"Zó moet je ze lezen: de kerkvaders wilden de horizon van de mensen verbreden door aandacht voor God, Christus, het leven na de dood als vragen op te werpen: vragen die een mens kunnen vormen. Het ging ze niet alleen om informatieoverdracht, het ging ze er ook heel nadrukkelijk om duidelijk te maken wat die kennis in jouw eigen persoonlijke leven kan betekenen. Ze vormden mensen om ontvankelijk te zijn voor het mysterie. Je gaat er na een mystagogische weg vanuit dat het leven omvat is door een mysterie dat jij niet kunt vatten. Christenen noemen dat God. Boeddhisten noemen het weer wat anders. Maar het is, heel globaal gezegd, een vormingsweg naar het oprekken van je zintuigen naar een dimensie die buiten tijd en ruimte ligt."

Demagoog

Een mystagoog, zegt Van Geest, is dan ook veel meer dan alleen theoloog. "Hij is ook psycholoog, therapeut, exegeet, socioloog, retoricus, demagoog. Daar wilde ik meer van weten."

Bijna tien jaar geleden stelde Van Geest daarom aan een aantal medewetenschappers voor om dat onderbelichte aspect van het werk van de kerkvaders in beeld te brengen. Dat sloeg aan. Er kwamen een paar symposia, eerst alleen in Nederland, maar later ook internationaal. Er volgden publicaties, met Europees geld en steun van de Nederlandse organisaties voor wetenschappelijk onderzoek konden promovendi worden aangesteld en er verscheen een meer dan vuistdikke bundel met bijdragen van wetenschappers van over de hele wereld.

En deze week wordt in Utrecht een groot internationaal congres gehouden (zie kader boven). Van Geest: "En het mooie is dat ook het bedrijfsleven geld overheeft voor dit soort onderzoek." Van Geest doelt op de Goldschmeding Foundation, een initiatief van Randstad-oprichter en rijkste Nederlander Frits Goldschmeding. "Deze Foundation is één van onze financiers. Dat heeft een reden. De oprichter laat onderzoek doen naar de manier waarop in het werk van Augustinus bijvoorbeeld werk en bezinning, actie en contemplatie, een mens in evenwicht houden en naar hoe de persoonlijke drijfveren - geldingsdrang, deugden, ondeugden - een rol spelen in de verbetering of verslechtering van de levenskwaliteit in een maatschappij. En: hoe is het mogelijk geweest dat niet een keizer, maar - oneerbiedig gezegd - een loser aan het kruis zo'n impact heeft gehad op de wereldgeschiedenis? Dat het bedrijfsleven het onderzoek financiert, vind ik geweldig, want dat betekent dat de maatschappelijke waarde van de theologie wordt onderkend."

Retorica

De onderzoeksgroep van Van Geest heeft zich in de afgelopen jaren op verschillende elementen van de mystagogie van de kerkvaders geconcentreerd. "Hoe ze taal en retorica gebruikten, bijvoorbeeld. Niet dat ze allemaal goede stilisten waren, trouwens. Maar sommigen nemen je helemaal mee. Er zit vaak een prachtige cadans in de teksten. Het is fascinerend om te ontdekken hoe mannen als Augustinus en Chrysostomus mensen probeerden te vormen met retorische trucs, hoe ze bijvoorbeeld sarcasme inzetten als instrument.

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

Beeld Hollandse Hoogte / De Agostini Editore SpA

"Goede bestudering van de teksten van de kerkvaders leert dat ze die soms zo hebben gestructureerd dat je in het hart wordt geraakt en niet alleen in je hoofd. Dat zie je ook terug in teksten die uitleg geven over de liturgie. Dan wordt niet alleen uitgelegd hoe zo'n liturgie in elkaar zou kunnen of moeten steken, maar dan gaat het ook heel erg over de vraag: Wat doet het met je, als je de sacrale ruimte betreedt waar die liturgie haar plek heeft? Wat gebeurt er dan met je?"

De mens centraal

Van Geest is niet de eerste moderne theoloog die het belang van mystagogie benadrukt. In de jaren zestig bijvoorbeeld zei de rooms-katholieke Duitse theoloog Karl Rahner (1904-1984) al dat de kerk weer een kerk van mystagogen moest worden. "Maar hij deed dat op een antropocentrische manier. Hij stelde de mens centraal: wij mensen zijn toehoorders en wij moeten gericht zijn op het goddelijke. Dat gold voor de kerkvaders niet. Zij beschreven hoe wij mensen ons als heel kleine deeltjes verhouden tot het geheel. Dat geheel - God, de schepping - stond bij hen centraal. En wij mensen moeten in dat geheel onze plek vinden. Dat is een andere benadering."

• Congres

Het congres 'Early Christian Mystagogy and the Body' wordt gehouden van 29 augustus tot en met 1 september, in Utrecht. De voertaal op het congres is Engels, behalve op dinsdagavond: dan wordt het congres in het Paushuize in Utrecht om 20.30 uur afgetrapt met een publiekslezing van filosofe Désanne van Brederode met als titel 'Het lichaam als leermeester in liefde'.

Zie voor meer informatie: http://ls0091.uvt.nl/wordpress5/ Aanmelden voor die lezing en het congres kan via www.tiu.nu/Congress2017

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden