Hoe de filosoof de huizenkoper kan helpen

interview | Wie overweegt een huis te kopen, moet inzien dat onze waarneming niet altijd betrouwbaar is. Filosofen weten dat, zegt Klaas Mulder.

Het gaat goed met de woningmarkt. Net als in juni zijn er ook in juli meer huizen verkocht, maakte het Kadaster onlangs bekend. En de stijging is fors, tientallen procenten ten opzichte van vorig jaar. Gevolg: de prijzen van koopwoningen stijgen, zij het licht. Daarom is de boodschap van alle hypotheekverstrekkers en woningmarktadviseurs: dit is hét moment om een huis te kopen.

Filosoof Klaas Mulder wijst op de onzekerheden rond het kopen van een huis. Zijn advies: doe het nog even niet. Maar wat weet een filosoof nu van de woningmarkt?

"Als je op basis van deze nieuwste gegevens van het Kadaster besluit: ik koop een huis, is dat een investeringsbeslissing", zegt Mulder, die behalve filosoof ook organisatieadviseur is en schrijver van het boek 'Pakkenproletariaat'. "Zo'n investeringsbeslissing kun je beschouwen als een beslissing over in het heden waargenomen feiten, waaruit conclusies getrokken worden over een realiteit die zich in de toekomst kan voordoen. Nu is de vraag naar de betrouwbaarheid van onze waarneming al acht eeuwen lang een hoofdthema van de filosofie. Filosofen kunnen beslissers daarom helpen om niet in de valkuil van het naïeve realisme te belanden: de gedachte dat signalen over de werkelijkheid precies kloppen met de werkelijkheid zelf."

Kloppen de signalen dan niet?

"Jawel, hoor. Er zijn echt tekenen die wijzen op herstel van de woningmarkt. Maar tegelijkertijd is er heel veel informatie waaruit blijkt dat het niet goed gaat met een deel van de mensen die tussen tien en vijf jaar geleden een huis kochten."

Die kochten op het verkeerde moment.

"Misschien. Maar je zou die informatie op zijn minst mee moeten nemen in je beslissing."

Waarom? Je hoeft toch niet op de hoogte te zijn van alle verkeerde beslissingen uit het verleden?

"Hoe weet jij dat die beslissingen verkeerd waren? Een belangrijke stap in de wetenschapsfilosofie is gezet door de Oostenrijks-Britse filosoof Karl Popper, een van de grootste wetenschapsfilosofen van de twintigste eeuw. Hij riep wetenschappers op om bij elke nieuwe wetenschappelijke hypothese zo snel mogelijk een denkoefening doen: Kan ik mij een situatie voorstellen waarin mijn ongelijk wordt bewezen?

Als je dit toepast op beslissers op de woningmarkt krijg je zoiets als: Is er een situatie denkbaar waarin ik over tien jaar spijt zou kunnen krijgen van mijn aanschaf? Die denkoefening is goed uitvoerbaar: Ja, ik zou spijt kunnen krijgen als ik over tien jaar veel minder verdien. Of: Als de hypotheeklasten veel hoger worden, zou ik een probleem kunnen krijgen. Een ander 'falsificatie-criterium' kan zijn: Als ik over tien jaar mijn huis moet verkopen, zou ik een probleem kunnen krijgen als de woningprijzen dan gedaald zijn."

Zou, zou, zou. Wie alles van te voren weet kan met een dubbeltje de wereld rond. Met zoveel onzekerheden koop je nooit een huis.

"Ik zeg niet dat je géén huis moet kopen. Ik stel een denkoefening voor die je kan helpen bij het nemen van een beslissing. En dit is nog maar stap 1: Kan ik mij voorstellen dat ooit mijn ongelijk zal blijken? Stap twee is dat je jezelf oplegt om op zoek te gaan naar feiten die je 'doemscenario' ondersteunen."

Dus op zoek gaan naar mensen die spijt hebben van hun koop?

"Nee, op zoek gaan naar historische feiten. Is het wel eens eerder voorgekomen dat grote groepen mensen in de problemen kwamen doordat de rente steeg? Ja, aan het begin van de jaren tachtig. Is er wel eens iemand minder gaan verdienen? Ja, de tarieven van zzp'ers dalen op dit moment heel snel. Heeft er wel eens iemand zijn huis moeten verkopen in een slechte markt? Ja, er staan nu veel woningen te koop die vijf jaar geleden nog voor 25 procent meer zijn aangeschaft."

Dit denkonderzoek levert feiten op die pleiten tegen aankoop. Maar bij grote beslissingen vertrouw ik vaak op onafhankelijke specialisten, in dit geval specialisten in de woningmarkt.

"Vertrouwen lijkt een groot goed, maar is eigenlijk een oproep om beslissingen te nemen op basis van te weinig informatie."

Dat begrijp ik niet.

"Als je het zeker weet, heb je geen vertrouwen nodig. Karl Popper merkte al, en dat is door filosofen na hem nog sterker benadrukt, dat belanghebbenden bij een bepaalde stelling er alles aan zullen doen om falsificatie tegen te houden. Ze spannen een teflonlaag om hun overtuigingen, en weten altijd wel een reden te vinden om tegengeluiden te ridiculiseren of af te doen als een uitzondering die de regel bevestigen. Dat lot treft zelfs zeer deskundige onderzoeksinstellingen als het Planbureau voor de Leefomgeving, dat onlangs waarschuwde voor het ontstaan van overschotten aan goedkope rijtjeshuizen door de vergrijzing. Ook die waarschuwingen worden gesmoord in de deken waarmee de believers in het herstel van de woningmarkt zichzelf warm houden."

Misschien zijn dergelijke onderzoeksinstellingen niet onafhankelijk genoeg?

"Als hun advies in jouw straatje past, wil je graag vertrouwen op onafhankelijke specialisten. Past het niet, dan plaats je twijfels bij de zogenaamde specialist. Daarmee belanden we bij een andere tak van de filosofie: de argumentatieleer.

Het geldt als een drogreden als je iemands argumenten afwijst om 'wie hij is'. Ik zal ook niet zo gauw roepen dat je de banken niet moet vertrouwen 'omdat het banken zijn, en iedereen weet wat voor mensen daar werken'. Maar het is wel verstandig om te kijken of informatie - of dat nu vóór of tégen een stelling is - uit betrouwbare bron komt. Huizenkopers mogen zich, voordat ze zich aan een langjarig contract wagen, best de vraag stellen of er voor de hypotheekadviseur of voor de minister ook oneigenlijke motieven kunnen zijn om te roepen dat kopen verstandig is. Ook hier kan je beter een onderzoekende geest hebben dan lichtgelovig zijn."

Dus toch maar beter geen huis kopen?

"Ik stel dat je het 'nog niet' moet doen."

Liever nog een jaartje wachten, tot de prijzen verder gestegen zijn?

"Nee. Als ik zeg 'nog niet', is dat niet het advies van een woningmarktspecialist, die daarmee zou kunnen bedoelen dat je beter nog een jaar kan wachten.

Ik bedoel het als het advies van een 'denker', die beslissers aanraadt om eerst nog eens wat goede vragen te stellen en op zoek te gaan naar een genuanceerd antwoord daarop. Dat zijn deels persoonlijke vragen, zoals: welke zekerheden heb ik over mijn inkomen in de toekomst?

Maar voor elke 'markt' geldt dat je ook vragen over anderen moet stellen. Als ik straks mijn huis moet verkopen, hoe staat het huis van de buren er dan bij? Is er een kans dat er tegelijkertijd wel heel veel andere huizen te koop zullen staan?

Als je weet op welke manier je afhankelijk bent van anderen, kan je dat meenemen in je besluit. Ga ik mijn investering wel terugverdienen? Hoe kan ik op safe spelen? Of op zijn minst de kans op een drama zo klein mogelijk maken?"

Wat een twijfels.

"Je kunt de bekende uitspraak van Descartes, 'cogito ergo sum' oftewel 'ik denk dus ik besta', ook anders vertalen. Het kan ook vertaald worden als 'ik twijfel dus ik besta'. Bij veel belangrijke beslissingen geldt dat gezonde twijfel je helpt om straks nog een aangenaam bestaan te hebben."

Een uitgebreid artikel van filosoof Klaas Mulder over de woningmarkt is te vinden op www.biflatie.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden