Hockeysters ver van WK-vorm verwijderd

UTRECHT - Een tikje opgeruimder dan een dag ervoor stapte Tom van 't Hek gisteravond uit het Frockey-stadion, daar waar tussen hemelvaartsdag en Pinksteren de mindere goden uit de hockeywereld hun WK-wedstrijden mogen afwerken. Het Nederlandse vrouwenteam speelt in het rijk der groten, in Nieuw-Galgenwaard, maar het is nog ver verwijderd van een plaats onder de wereldtoppers.

Zaterdag was de oefenwedstrijd tegen Engeland (1-2) helemaal niet om aan te zien, gisteren zat er zowel prestatief als kwalitatief enige vooruitgang in. Het werd 1-1, en wat de bondscoach vooral deugd deed was dat er een doelpunt uit een strafcorner werd gescoord. Er zat veel minder onrust in het spel dan in de eerste testwedstrijd, de verdediging gaf ook beduidend minder kansen weg, maar er werd onveranderd gemakkelijk balverlies geleden en ook ontbrak het zelfvertrouwen om na de gelijkmaker van Dillianne van den Boogaard op de overwinning af te koersen.

De voorbereiding op het WK is ruim anderhalve week geleden gestart. In de resterende zestien dagen worden nog vier oefenwedstrijden gespeeld: twee tegen Spanje (dat vier jaar geleden nog een mondiale topper was, maar zich nu niet eens voor het WK plaatste), één tegen Zuid-Afrika en één tegen de torenhoge favoriet Australië. “Heel langzaam gaan we stapje voor stapje vooruit”, concludeerde Van 't Hek voorzichtig. Gestaag vordert ook het genezingsproces van de zwaar geblesseerde, dragende middenvelders Carole Thate en Jeannette Lewin. De laatste bleek al weer voor een deel inzetbaar, de knie van Thate laat morgen een voorzichtige hervatting van de training toe.

Over de samenstelling van het elftal puzzelt Van 't Hek niet meer. Van der Wielen, Dubbeldam-Kuipers (die zaterdag een speldoelpunt fabriceerde), Teeuwen en Donners krijgen een aanvallende taak, hij rekent vast op Thate en Lewin en ook de positie van de centrale verdedigsters Van den Boogaard en Deiters staat niet ter discussie. Wat het handjevol kleumende toeschouwers in Frockey zag, was het Nederlands elftal op zijn best. Voor een ploeg die in vorm moet raken, heeft het ook geen zin verstoppertje te spelen. “We gaan zeker niet bewust duels verliezen”, merkt de coach op. “Liever win ik een wedstrijd met 3-0; dat is leuk voor het zelfvertrouwen.” De enige stukjes die voor zijn gevoel nog niet passen, zijn zaken als de corner (van de acht in twee duels werd er één benut, het blijft ook voor vrouwenbegrippen een veel te laag gemiddelde) en de mentale kant van de preparatie. Zijn mannencollega Roelant Oltmans liet gisterochtend voor dat doel Emiel Ratelband opdraven; de spelers konden er zowaar hartelijk om lachen, maar ze zaten al goed in hun vel. “Een dag uit vissen gaan werkt bij vrouwen niet”, weet Van 't Hek. Een middagje winkelen in de P.C. Hooftstraat misschien, om de zinnen te verzetten.

De bondscoach heeft de lat op het bereiken van de laatste vier gelegd. Op de Olympische Spelen van Atlanta veroverde een meer geroutineerd oranje-elftal ten koste van Groot-Brittannië de bronzen medaille. Aan de krachtsverschillen is sindsdien niet wezenlijk getornd. Op Australië staat geen maat, de rest schurkt dicht tegen elkaar aan. Van 't Hek verwacht “geen gezellige Nederlands elftalshow”, maar veel van die hangen-en-wurgenpotjes waarin het kwartje beide kanten op kan vallen: “We zullen vijf keer tot het gaatje moeten.” De tegenstanders in de poule (Nieuw-Zeeland, Engeland, Zuid-Korea, India en Argentinië) zijn en worden uitputtend geanalyseerd door Van 't Heks voormalige assistent Robbert Delissen. Na een kleine twee jaar alleen maar in de advocatuur werkzaam te zijn geweest, vindt hij het 'verfrissend' om daarnaast op projectbasis weer iets op het coachvlak te doen. “We moeten aantonen dat we de aansluiting met de wereldtop tot stand kunnen brengen”, zegt zijn baas. De Utrechter heeft er min of meer zijn portefeuille aan verbonden. Hij verlengde onlangs zijn contract met de KNHB tot na de Spelen van 2000, maar behoudt zich het recht voor na een eventuele geflopte WK op te stappen. “In de trainerswereld is een contract immers zoveel waard als het laatste resultaat”. Maar echt vastpinnen op een klassering doet hij zich niet. Hij is tenslotte D66 niet.

Het gegeven van een WK in eigen land kan zowel voordelig als nadelig werken. “Het zou een goede move zijn wanneer dat als dope op de speelsters werkt. In het andere geval valt de zeis veel harder. Wanneer je ergens in Nieuw-Zeeland afgaat, kun je altijd nog via Brussel invliegen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden