HNB slaagt er niet in alle juwelen te doen fonkelen

Ballet

Jewels Het Nationale Ballet ***

Het gaat goed met Het Nationale Ballet (HNB). De bezoekersaantallen stijgen en stijgen en op danstechnisch niveau zat de groep in zijn ruim vijftigjarig bestaan zelden hoger in het zadel. Natuurlijk is er wel het een en ander op het Amsterdamse balletgezelschap aan te merken, de programmering mag verrassender bijvoorbeeld, maar feit is dat je bij HNB topwaar voor je geld krijgt.

Ook 'Jewels', het dansjuwelendrieluik van de Russisch-Amerikaanse balletvernieuwer George Balanchine uit 1967, is (met excuses voor de flauwe beeldspraak) om door een ringetje te halen. Maar desondanks (en de beeldspraak gaat verder): hoe prachtig het collier ook is, hij verliest aan glans als er een dof plekje op zit. Datzelfde geldt voor ballet op hoog niveau. Niet alle drie programmaonderdelen - 'Emeralds', 'Rubies' en 'Diamonds' - fonkelden even helder zoals Balanchine dat waarschijnlijk voor ogen had toen hij zich op weg naar de balletstudio's van New York City Ballet liet inspireren door de etalages van juwelier Van Cleef & Arpels. En met drie verschillende balletten in zowel toonzetting als uitstraling is het makkelijk vergelijken natuurlijk.

Het 'groene' ballet 'Emeralds' is het minst geslaagd door rommeligheden in partnerwerk en haperingen in de vereiste delicate precisie. Het is het meest impressionistische ballet van Balanchine, dat ook het verst van HNB af staat, met lastige adagio's in de composities van Fauré, balancerend tussen ingetogenheid en overgave. Wel wordt duidelijk dat HNB met Marijn Rademaker zijn legioen mannelijke solisten op volle sterkte heeft: zowaar een danseur noble, een ouderwetse balletprins in de goede zin des woords - en dat was lang geleden!

Nog zo'n topper: Remi Wörtmeyer, die losgaat in 'Rubies'. In het 'rode' ballet op Stravinksi's 'Capriccio' toont Balanchine hoe hij de jazzy swing (voorúit met die heupen!) waarmee hij in de VS in aanraking kwam, incorporeert in de symmetrische architectuur van zijn balletten. Wörtmeyer is bijna té perfect in zijn sprongenreeksen, wat haaks staat op het fijne naturel van zijn danspartner Maia Makhateli. Dat 'Rubies' ook Igone de Jongh als een handschoen past, mag geen wonder heten: ze is niet voor niets muze van Hans van Manen; Nederlands grootste choreograaf heeft altijd gezegd dat Balanchine zijn leermeester is.

En het 'witte' ballet 'Diamonds' ten slotte, dat is Balanchine op z'n puurst. Perfectie in muzikaliteit (Tsjaikovski's 3de), ruimtelijkheid en technische brille, prima vertolkt door het corps en soliste Anna Tsygankova en een imponerende Jozef Varga. Dit koppel mag met de kroonjuwelen naar huis na een avond die fonkelt, maar nog wel een poetslapje kan gebruiken hier en daar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden