Hitlers Rijk was chaos

Het Derde Rijk zou duizend jaar duren, maar de nazi's konden nog geen vijf minuten vooruit denken. De Britse historicus Mazower beschrijft uitputtend hoe slecht Hitler zijn missie had geregeld.

Een van de hardnekkigste clichés over Hitlers duizendjarige Rijk is dat het met spreekwoordelijke Duitse Gründlichkeit was georganiseerd. Tot lang na de oorlog was dat de verklaring voor de adembenemende successen die het regiem tot in de eerste jaren van de Tweede Wereldoorlog heeft behaald. De nazi’s beschikten over het beste leger ter wereld, een geoliede terreurmachine, een vergeleken met de westerse democratieën sterke economie en een bevolking die blind geloofde in haar Führer.

En die Führer wist waar hij op afstevende. Zijn in de jaren twintig in gevangenschap geschreven magnum opus ’Mein Kampf’ bevatte zijn programma, dat niet alleen door tijdgenoten maar ook door latere historici als de wegwijzer van zijn toekomstige marsroute werd beschouwd.

Voor alles wat Hitler en co deden en nog zouden doen verwezen ze naar ’Mein Kampf’. Zoek de betreffende passages op en je kon weten welk lot de Joden boven het hoofd hing. En als dat nog niet genoeg was, waren er zijn toespraken die evenmin weinig aan de verbeelding overlieten.

We weten nu dat het niet zo simpel lag. Hitlers Rijk was vooral chaos, en vaak niet eens van het georganiseerde soort. „Ze hadden het over een duizendjarig Rijk, maar konden niet eens vijf minuten vooruit denken”, schijnt een nazifunctionaris over zijn collega’s te hebben verzucht.

Lezing van ’Hitlers Wereldrijk’ van de Britse historicus Mark Mazower bevestigt wat die functionaris mismoedig vaststelde. De nationaal-socialistische praktijk werd beheerst door een alles doordringend onderling wantrouwen. Iedereen hield iedereen in de gaten. Iedereen werkte iedereen tegen. De partijbaronnen, de gouwleiders, hadden het aan de stok met het ambtenarenapparaat; de SS, het ideologische elitekorps, met het leger en de partijbonzen; de Gestapo en de SD, de geheime dienst, konden vaak ook niet door een deur met hun tegenhangers in de bureaucratie en de strijdkrachten, en allemaal probeerden ze een wit voetje te halen bij de man die niets deed om de chaos in de hand te houden en bij voorkeur iedereen tegen elkaar uitspeelde.

Mazower beschrijft uitputtend hoe deze cocktail uitwerkte op de pogingen Europa tot de experimenteertuin van het nationaal-socialisme te maken. Alle aspecten van deze ’Nieuwe Orde’ komen daarbij aan bod: de verschillende vormen van bezettingsbeleid, collaboratie, verzet, de kolonisatieplannen in Polen en Rusland en de Holocaust.

Mazower staat terecht het uitvoerigst stil bij wat de nazi’s in Oost-Europa, met name Polen en de Sovjet-Unie, hebben aangericht. Dat betekent niet dat de ingelijfde West-Europese landen ontsnapt zijn aan de ellende, zeker niet, maar de bewoners hadden het geluk dat ze, afgezien van hun Joodse medeburgers, niet tot een lager mensensoort werden gerekend. In het Oosten hebben de nazi’s huisgehouden met een heftigheid die voortkwam uit een dolgedraaide, ideologische gedrevenheid.

Een van de centrale leerstukken van het nationaal-socialisme was dat Duitsland op den duur te klein zou zijn voor zijn bevolking. De Duitsers hadden Lebensraum (leefruimte) nodig en die werd, aanknopend bij een oude traditie, ten oosten van het Rijk gesitueerd. De leider van de SS, Heinrich Himmler, had grootse plannen voor dit gebied. Het zou een kolonie worden voor Rijksduitsers, Duitse minderheden uit Oost-Europese landen die Heim ins Reich (terug in het Rijk) zouden worden gehaald en andere ’Germanen’. De oorspronkelijke bewoners moesten voor hen wijken. Ze hadden de pech tot de Untermenschen te behoren die geen aanspraak op bestaansrecht konden maken.

Mazower beschrijft gedetailleerd – soms te – hoe de nazi’s te werk gingen. Het is allemaal niet nieuw, dat is na zoveel jaren spitwerk door de specialisten op dit terrein onmogelijk, maar het blijft verbijsterende en deprimerende lectuur, ook of juist omdat Mazower voor een zakelijke toon heeft gekozen.

Het is in zekere zin, en tot ons geluk, ook een relaas van gemiste kansen. De Duitsers lieten zich vooral leiden door hun ideologische verdwaasdheid. Ze roeiden op enorme schaal mensen uit terwijl de economie smachtte naar arbeidskrachten. Ze weigerden in te spelen op het nationalisme en het anticommunisme van de volkeren, onder anderen Oekraïners, Polen, die onder het Sovjetjuk hadden moeten leven. De verdrijvingen en moordcampagnes hinderden de militaire operaties die de Lebensraum veilig moesten stellen. Het was een gigantische verspilling, zowel van mankracht als materieel, op alle denkbare fronten.

Pas nadat duidelijk was geworden dat de oorlog niet gewonnen kon worden, werden de ideologische teugels iets, en zeker niet van harte, gevierd. De SS, Himmlers superarische stoottroepen, werd zelfs opengesteld voor Untermenschen. Wat ooit onvoorstelbaar was, werd nu werkelijkheid: er vochten moslims met SS-runen op hun uniform voor Hitlers duizendjarige Rijk.

De realiteit van het slagveld drong de plannen voor de Nieuwe Orde voor zover dat mogelijk is nog verder naar de achtergrond. Plannen is misschien een te groot woord. Ze zijn eigenlijk nooit verder gekomen dan wat niets verplichtend gebrainstorm over een federaal Europa onder Duitse leiding. Een echt verenigd Europa was nooit een optie. Andere staten konden nooit gelijkwaardige partners worden; het Duitse belang stond altijd voorop.

In zijn slotbeschouwing stelt Mazower vast dat het Derde Rijk niet het enige imperium was dat de oorlog niet overleefde. Engeland, Frankrijk en Nederland werden met de neus op het hen onwelgevallige feit gedrukt dat kolonialisme en imperialisme, inclusief het bijbehorende racisme, niet meer in de nieuwe, door de Amerikaanse bondgenoot gedomineerde wereldorde pasten. Het ging niet zonder slag of stoot, maar uiteindelijk hebben ze de vlag gestreken. Ook zonder Hitler was dat ongetwijfeld gebeurd, maar de oorlog tegen zijn wereldrijk heeft dat proces zeker versneld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden