Hinderlijk volmaakt

Scene uit 'I Demoni', een bijna twaalf uur durende voorstelling die te zien is op het Holland Festival in Amsterdam. ( FOTO ANDREA BOCCALINI ) Beeld
Scene uit 'I Demoni', een bijna twaalf uur durende voorstelling die te zien is op het Holland Festival in Amsterdam. ( FOTO ANDREA BOCCALINI )

Regisseur Peter Stein is een diepgraver en doorzetter. Zijn bijna twaalf uur durende theatermarathon van Dostojevski’s ’Demonen’ is nu te zien op het Holland Festival in Amsterdam.

Een Russische roman, een Duitse regisseur, een Italiaanse cast: ’I Demoni’. Zevenhonderd dichtbedrukte pagina’s literatuur uit de negentiende eeuw omgezet in een bijna twaalf uur durende epische theatermarathon, nu op het Holland Festival. Stellen dat een regisseur als Peter Stein, die meer megaprojecten op zijn naam heeft staan, voor zo’n onderneming zijn hand niet omdraait, zou ver bezijden de waarheid zijn.

Peter Stein (1937) gaat niet af op intuïtie, maar op kennis. Voor hij aan een regie begint, duikt hij zo diep in een tekst dat hij die tot in elke vezel kent. Daarnaast leest en onderzoekt hij alles omtrent schrijver en historische context. Voordat hij zich ooit daadwerkelijk aan een Shakespeare-regie waagde, had hij zich met zijn toenmalige West-Berlijnse gezelschap Schaubühne am Halleschen Ufer zes jaar lang in de Elizabethaanse tijd verdiept. In 1976 leidde dat tot een twee avonden durende theatrale exposé over die periode, ’Shakespeare Memory’, gelardeerd met Shakespeare-scènes. Een jaar later volgde zijn eerste uitvoering van een Shakespeare-stuk, ’As you like it’, die tevens een zeer secuur beeld van de dramatische opbouw gaf.

Toen Fjodor Dostojevski (1821-1881) zijn roman ’De Demonen’ schreef – bij De Russische Bibliotheek uitgegeven onder de titel ’Boze Geesten’ – verscheen deze, in 1871, in afleveringen in het tijdschrift De Russische Bode. Je kunt er vergif op innemen dat dit feuilletonaspect een rol in Steins bewerking zal spelen. De voorstelling is alleen al door zes pauzes in episodes verdeeld. Uit beeldmateriaal is op te maken dat decor en kostuums sterk op Dostojevski’s tijd zijn geïnspireerd.

In plaats van een gerenommeerd regisseur, die met zijn oog voor detail en stilering ook regisseurs als Gerardjan Rijnders beïnvloedde, had Peter Stein evengoed een uitstekend wetenschapper kunnen worden. Hij studeerde kunstgeschiedenis, archeologie en germanistiek, zoog film en muziek op. Na het naar eigen zeggen ongekende voorrecht van negen jaar studie en zelfbezinning moest hij vaststellen dat hij geen solist was, maar pas echt productief werd in gezelschap van andere mensen. Aldus viel de keuze op theater.

In korte tijd ontwikkelde Stein zich tot een vooraanstaand regisseur, bewonderd én omstreden van meet af aan, zowel in artistieke als politieke zin. Was hij eens een schutterige jongeling, al gauw nam hij geen blad meer voor de mond. Zijn zijn eerste regie bij de Münchner Kammerspiele, ’Gered’ van Edward Bond, was vooral door de geserreerd toegepaste Brechtiaanse speelstijl meteen een groot succes. Maar het jaar daarop – in 1968 – keerde hetzelfde gezelschap hem de rug toe toen hij zich openlijk voor de Vietcong (de communistische guerrilla’s in Zuid-Vietnam tijdens de Vietnamoorlog, red.) uitsprak. Zijn door de kritiek weggehoonde enscenering van Peter Weiss’ ’Vietnam Discours’ liet hij in het gezaghebbende tijdschrift Theater Heute vergezeld gaan van een betoog tégen het autoritaire Duitse toneelbestel en vóór een collectivistische werkwijze.

West-Berlijn omarmde zijn gedachtegoed, wellicht als tegenwicht tegen het almaar populairder wordende Oost-Berlijnse theater. En zo werd Stein, nog geen 33 jaar, artistiek leider van Schaubühne am Halleschen Ufer en schreef er vanaf 1970 geschiedenis met even heldere als maatschappijkritische producties. Hoewel hij er zelf munitie voor had aangedragen, wendde hij zich al snel af van politieke actualisering in enge zin. Dat is hem te plat. Hij richt zich juist op een heel precieze taal- en tekstbehandeling, op een vertraagde acteerstijl. Daarmee legt hij dramatische en sociale structuren bloot, die de toeschouwer inzicht afdwingen en deze het gevoel geven dat de acteurs de tekst ter plekke verzinnen. Raffinement zit in de combinatie van symbolisme, gestileerd realisme en psychologie, die Stein vertaalt in door hun schijnbare eenvoud verbluffende beelden.

De echte berkenbomen gaven in 1974 een onverwachte meerwaarde aan Gorki’s ’Zomergasten’ en de transparantie van de personages werd vergroot doordat de acteurs tegelijk zichzelf bleven. Die helderheid zag je ook in zijn ’Drie Zusters’ en ’De Kersentuin’. Naar verluidt heeft Stein in ’I Demoni’ eenzelfde effect bereikt door het traditioneel Italiaanse declameren bij zijn spelers uit te bannen en hen in te wijden in een veel meer terloopse speelstijl.

Van provocateur wordt Stein salonfühig. Zijn werk staat op vele festivals. Hij maakt een negen uur durende ’Oresteia’ van Aeschylus in 1980 en krijgt in 1993 de Erasmusprijs voor zijn stimulerende en creatieve bijdrage aan het Europese theater. Hij waagt zich aan de klassieke Duitse toneeldichters met een tien uur durende ’Wallenstein’ van Friedrich Schiller en een twee keer zo lange ’Faust I & II’ van Goethe in 2000. Sinds 1985 is hij freelancer.

Stein is een estheet, een gedreven estheet. Zijn ensceneringen zijn adembenemend, soms bijna hinderlijk volmaakt. Een deel van de Duitse pers zet dat inmiddels weg als behoudend. Hij doet meer en meer operaregies. Met het verdiende geld bekostigt hij eigen projecten. Althans, indien nodig, zoals nu in het geval van ’I Demoni’. Toen hij al met spelers, technici en artistieke staf aan het repeteren was, liet het gevestigde Turijnse Teatro Stabile het financieel plotseling afweten.

Stein liet zich niet kisten. Toen hij in de jaren negentig was verhuisd naar Italië, had hij in het gehucht San Pancrazio in Umbrië bij zijn woning een complete theateraccommodatie gebouwd met repetitieruimte, gastenkamers en al, en zette het project daar door. Hij wílde ’I Demoni’ maken. In de provinciale anarchisten uit de roman herkende Stein hedendaagse fanatici. Geschreven 45 jaar voor de Russische Revolutie speelt ’Demonen’ op een breuklijn tussen de oude en nieuwe tijd waar, in een kleine provinciestad, traditionele waarden omver worden gehaald en politieke tegenstanders in koelen bloede worden vermoord. Hoewel Dostojevski de vernieuwers als een stelletje nihilisten afschildert, schetst hij tegelijk het levensgrote gevaar van hun nietsontziende cynisme. Stein wil met zijn adaptatie de vinger leggen op het huidige morele failliet van het materialisme.

Ook de Zuid-Afrikaanse schrijver J.M. Coetzee heeft zich eerder door deze roman laten inspireren, met name door het thema van de christelijke gerechtigheid tegenover het destructieve nihilisme der goddelozen (’The Master of Petersburg’, 1994). Stein, die in zijn enscenering verwijst naar de hoogst verraderlijke demon van onverschilligheid die tot op de dag van vandaag elke moraal van goed en kwaad negeert, moet van Coetzee’s eigenzinnige benadering hebben kennisgenomen.

Voor het eerst sinds de ’Antonius und Cleopatra’ in 1994 staat Stein met ’I Demoni’ weer op het Holland Festival met een theaterproductie, een grootschalige met een 25-koppige Italiaanse cast en zichzelf in de rol van een oude bisschop. Dat is zonder meer een gebeurtenis.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden