Hij weet dat hij de waarheid moet zeggen, maar jokt over het minste of geringste

Al liggen de bewijzen voor het oprapen, het zesjarige zoontje jokt zonder blikken of blozen. Hoe motiveert zijn moeder hem om de waarheid te spreken?

Heb je de wc doorgetrokken? Heb jij het speelgoed van je broertje afgepakt? Al je handen gewassen voor het eten? Op al die kleine, maar belangrijke vragen antwoordt hij met een leugentje om bestwil. Maar het jongetje, net zes geworden, krijgt het toch niet voor elkaar zijn moeder op andere gedachten te brengen. Uit zijn mond klinkt 'nee' zodra hij weet dat hij een schuldbekentenis moet afleggen, of een 'ja' als hij extra moeite zal moeten doen om recht te trekken wat hij heeft nagelaten.

Dáár heeft hij geen zin in. Dus: 'Ja, heb doorgetrokken mam!' Ook al liggen de bewijzen open en bloot in de wc, hij blijft hardnekkig ontkennen.

Hoe moet zijn moeder, die eerlijkheid hoog in het vaandel heeft staan, hiermee omgaan, vraagt ze zich af. Wat is een passende manier om het geweten van haar zoon tot ontwikkeling te brengen?

Liegen weerspiegelt meestal een wens of een angst, zegt Heleen de Hertog, opvoedkundige en oprichter van 'How2talk2kids'. Ze geeft een voorbeeld: "Een kind dat binnen voetbalt en een vaas omschopt en dat vervolgens ontkent, is vaak bang voor een boze reactie van de ouder.

Die ouder kan op twee manieren reageren: 'Je liegt tegen mij, want ik zag dat je de vaas omschopte. Ik wil dat je de waarheid spreekt!' Door dat te doen duw je het kind in de rol van leugenaar. Dat heeft een averechts effect."

De Hertog kiest voor een andere aanpak: focus op de wens of de angst áchter de leugen en confronteer het kind daarna met de waarheid, accepteer daarbij de gevoelens van het kind. "Ik weet dat je zou willen dat het niet gebeurd was. Ik vind dit niet leuk. Ik verwacht dat je de volgende keer de bal laat liggen in de woonkamer of naar buiten gaat om te voetballen. Vertel: hoe gaan we die scherven opruimen?"

Blijven hangen in een welles-nietesdiscussie, daar krijg je geen eerlijke kinderen van, weet De Hertog. "Creëer een klimaat waarin het kind zich veilig voelt om de volgende keer wel eerlijk antwoord te geven. 'Ik zie dat je vergeten bent de wc door te trekken. Ik verwacht van je dat je dat alsnog doet. Hoe kan ik je helpen om er de volgende keer wel aan te denken?'"

Op zesjarige leeftijd zijn de meeste kinderen zich nog niet bewust van de gevolgen van liegen, legt ontwikkelingspsycholoog Steven Pont uit. "Ze weten wel dat ze de waarheid moeten spreken, maar ze overzien de gevolgen van liegen niet. Dat het voor de ander vervelend is als je dat doet, is lastig te begrijpen. Tussen zes en zeven jaar maken ze daarin een stap. Jokken kan dan veranderen in liegen."

Het heeft dan ook geen zin per abuis een jong kind te straffen als het niet de waarheid spreekt. "Net zomin als dat je van een eenjarige verwacht dat hij gaat lopen."

Dat wil niet zeggen dat ouders liegen dan maar moeten toestaan, zegt Pont. "Probeer te achterhalen of het jokken manipulatief is of naïef. Of hij dat stapje heeft gemaakt in het empathisch vermogen. En gebeurt het op school bijvoorbeeld ook? Zolang je niet zeker weet of het kind de gevolgen overziet, los het dan op met zachte krachten. Bijvoorbeeld door steeds samen te controleren of hij de wc heeft doorgetrokken."

Reageren? Zelf een vraag insturen? Mail naar opvoedvraag@trouw.nl

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden