Hij trok de kortste lucifer en vond een nieuw bestaan

Fedde van der Zwaag 1923-2016

Een wrakke auto kon hij aan de gang houden met onderdelen van wasmachines. Ook met zijn eigen leven was hij vindingrijk.

Met een daverende knal ontplofte zijn toekomstdroom. Hij stond op het punt naar Canada te gaan om daar met zijn jonge vrouw en de tweejarige Loeki een bestaan op te bouwen. De overtocht met de boot was al geregeld, de tractor was verkocht en ze hadden Engelse les gehad. Hij wilde nog een laatste keer meedoen aan een militaire oefening van de Nationale Reserve, die hij al jaren als vrijwilliger diende.

Zijn dorp Kollumerzwaag zou ten strijde trekken tegen dorpelingen van Buitenpost en ze zouden trainen met rookbommen die moesten doorgaan voor explosieven. Toen hij zo'n bom wilde uittrappen, ontplofte het ding onder zijn rechtervoet. Hij vloog over de bomen heen en belandde brandend in een sloot. Zijn lichaam was geblakerd en hij kon niets meer zien. Zijn onderbeen was weg.

Twee jaar lang moest Fedde van der Zwaag revalideren in het Militair Hospitaal in Utrecht. Zijn ogen werden afgeschraapt zodat hij weer wat kon zien. Zijn vrouw Hiltsje ging al die tijd in de kost bij een predikant in de buurt om hem dagelijks te kunnen bezoeken.

Omdat er per ongeluk het echte explosief trotyl in de oefengranaat had gezeten, bood het ministerie van defensie hem een schamele schadevergoeding aan van zesduizend gulden. Dat nam Fedde niet, want met een houten been moest hij al zijn toekomstplannen afschrijven. Hij ging procederen en hield dat jarenlang vol, tot aan de Hoge Raad toe.

Dat was opmerkelijk voor een man die van jongsaf op school en in de kerk had geleerd het gezag te eerbiedigen. Na de lagere school was hij gaan werken bij een grote boer, omdat er op de boerderij van zijn vader onvoldoende werk was voor de zoons. Ze hadden geloot met lucifers, en Fedde had de kortste getrokken.

Hij werkte veertien uur per dag, zonder morren zoals hij had geleerd. "Als we maar eten en drinken hadden, dan leek ons dat voldoende", zei hij later over zijn generatie landarbeiders.

Toch broeide er opstandigheid in zijn binnenste. Dat kwam naar buiten toen de liefde op zijn pad kwam. Toen hij zich op z'n achttiende meldde bij een nieuwe baas om te helpen hooien, maakte een jong meisje zijn slaapplaats klaar op de deel. Als grap verstopte ze een ragebol onder de dekens. Hij was meteen verliefd, maar het dienstmeisje was nog maar vijftien. Hij wachtte tot ze zestien was en vertelde toen wat hij voor haar voelde. Zij was ook dol op hem, maar haar ouders verboden hun omgang.

Fedde schreef in juni 1943 per brief aan de ouders 'dat u niet het recht hebt mij te weigeren, omdat u ook als ouders verplicht bent het beste voor haar te zoeken'. Voor een Friese jongen die alleen op de lagere school Nederlands had geleerd, was het een opmerkelijke brief. 'U zult het zeker met me eens zijn dat liefde een zaak is die God ons in het hart geeft, ook de liefde van de man tot de vrouw en van een jongen tot een meisje en omgekeerd. Ook de mensen die niet in God geloven hebben liefde voor elkaar en dat is ook van God, omdat Hij de mens zo geschapen heeft.'

Aan het eind schrijft Fedde dat hij zal doorzetten. 'Niet graag wil ik u dwingen, maar als het moet zullen we ook hierin God meer gehoorzaam moeten zijn dan de mensen, omdat ook dit van de Heer is.'

Fedde kreeg toestemming om 'nader kennis te maken' met Hiltsje de Boer.

's Nachts ploegen

Enkele weken later dook hij onder omdat hij gezocht werd om voor de Duitsers te werken. Hij zat bij zijn ouders thuis, toen de boerderij werd omsingeld door overvalwagens. Hij wist te ontkomen terwijl zijn moeder snel zijn bord van tafel haalde. Op blote voeten vluchtte hij door het stoppelveld en hij hield zich enkele dagen schuil in greppels.

Ook Hiltsje kreeg met de Duitsers te maken. Met haar zwarte haar zagen ze haar aan voor een Jodin. Met een pistool op haar slaap moest ze haar persoonsbewijs halen. Daarin bewaarde ze ook een pasfoto van de voortvluchtige Fedde. Ze liet het document vallen en bij het oprapen schoof ze het fotootje in een schoen onder de kleerkast.

Na de bevrijding kocht Fedde met een lening van het Amerikaanse Marshallplan, dat Europa weer op de been moest helpen, een tractor. Dat was nog een bezienswaardigheid in de streek. Om geen pottenkijkers aan te trekken, ging Fedde 's nachts ploegen en baggeren. De boeren bleven kopschuw en zeiden dat het niets zou worden met zo'n zwaar ding in de modder.

Hij trouwde in 1948 met Hiltsje en met hun eerste kind zouden ze emigreren naar Canada. Daar waren tractors al heel gewoon. Toen kwam die ongelukkige dag dat hij op de bom trapte.

Werken op het land was onmogelijk met zijn kunstbeen. De gemeente gaf hun een bejaardenwoning. Fedde kreeg toestemming om een eigen huis te bouwen en hij leerde zichzelf metselen. Hiltsje maakte het ontwerp: een bungalow, een nog onbekend bouwsel in de streek. Ze wilden alles gelijkvloers, want bij de medische keuring voor Canada was ontdekt dat Hiltsje een aangeboren probleem had met haar gewrichten waardoor ze uiteindelijk in een rolstoel zou belanden.

Vier jaar lang bouwde Fedde aan de bungalow, terwijl ze nog twee dochters kregen, Anja en Katy. Bij defensie wist hij via de rechter een behoorlijk invalidenpensioen te krijgen.

Knutselkunst

Met zijn vijf jaar jongere broer Pieter, die altijd zijn grote kameraad was geweest, zette hij allerlei handeltjes op. Zo kochten ze betonpalen op, waarmee ze bij boeren keurige opritten in de blubber maakten. Fedde verzamelde van alles en nog wat, want hij zag overal handel in. Hij gooide nog geen spijker weg. En hij maakte jurkjes voor de kinderen op een breimachine.

Zijn knutselkunst was legendarisch. Zo hield hij een oude Fiat van een dochter aan de praat met onderdelen uit wasmachines.

Hij was goedlachs en hij schaterde het uit tijdens potjes zitvolleybal met andere gehandicapten. Maar plotseling kon hij uitbarsten als een driftkikker als een gevoel van onmacht hem beving. Eens sloeg hij de telefoonhoorn zo hard neer, dat er een stuk afvloog. Later bood hij zijn kinderen excuus aan voor de tikken die hij had gegeven.

Dat was nadat zijn geloof hem rust had gegeven. Hij was altijd fanatiek met bijbelstudie bezig. Hij nam niet langer klakkeloos aan wat de dominee zei. De beweringen van moderne theologen zetten hem aan het denken. Zoals Kuitert, die zei dat de eerste drie Bijbelboeken alleen maar mythen bevatten. Dat vond Fedde al te makkelijk. Hij kocht een concordantie waarmee je de Bijbel makkelijk kon doorzoeken, en trok zijn eigen conclusies. Evangelisten zoals de Amerikaan Morris Cerullo spraken hem meer aan dan de gereformeerde dominees en hij scheidde zich met Hiltsje af van de kerk. Hij ging in andere dorpen langs de deuren om te getuigen wat Jezus in zijn leven had gedaan.

Dat gaf wat spanning met zijn broer en kameraad Pieter die met Pinksteren befaamde openluchtdiensten in de bossen bij Veenklooster organiseerde. Pieter bleef binnen de kerk en hield het evangelische op een afstand. Maar hij bleef op goede voet staan met Fedde. Vroeger zongen ze op verjaardagen psalmen bij de borrel. Maar voortaan schonk Fedde geen alcohol meer.

Toen de gewrichten van Hiltsje zo afgetakeld waren dat ze een rolstoel nodig had, kreeg hij een bestelbus om met haar te rijden. Toen ze in 2006 stierf, had hij er vrede mee dat haar lijden was voltooid.

Hij hervond zijn levenslust en verbouwde de bus provisorisch tot kampeerwagen, waarmee hij op boerencampings ging staan. Nadat hij een jaar of vier geleden zijn beenprothese niet meer kon aantrekken, reed hij rond op een scootmobiel. Toen hij eens zijn zesjarige kleinzoon liet sturen, botsten ze tegen een standbeeld. Fedde schudde van het lachen.

Fedde van der Zwaag werd geboren op 16 september 1923 in Kollumerzwaag, Friesland. Hij stierf op 26 maart 2016 in Wijns, Tietjerksteradeel.

In Naschrift beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende of heel gewone mensen. Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl Of per post naar Trouw/Naschrift, postbus 859, 1000 AW Amsterdam

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden