HIJ HIELD NIET VAN DE ZEE

Uitvaartondernemers moeten steeds meer inspelen op nieuwe wensen bij begrafenissen en crematies. Moslims, Hindoes en creolen willen dat hun laatste gang ook in Nederland van de passende rituelen vergezeld gaat. Daarnaast hebben ook Autochtone Nederlanders steeds vaker persoonlijke wensen. De laatste aflevering van een serie over nieuwe rituelen voor na de dood.

De pandit, die de vrouw en haar acht volwassen kinderen heeft bijgestaan met het uitvoeren van de rouwrituelen, is tevreden. Urenlang heeft hij met twee zonen van de familie rituelen uitgevoerd met vuurtjes, wierook, kamfer en rijst voor de ziel van de overledene, terwijl de andere familieleden het tafereel stil gadesloegen. De pandit legt uit dat als de dood is ingetreden, de ziel van de overledene nog dertien dagen op aarde verblijft en dan naar de hemel vertrekt. Daar zal de oppergod beoordelen in welke gedaante de ziel (de Atman) zal reïncarneren. In de tussentijd moet de familie ervoor zorgen dat de rituelen naar behoren worden uitgevoerd opdat de goden tevreden zijn en de ziel zijn rust zal vinden.

Er is gezongen en de mantra's (gebeden) zijn opgezegd voor alle lichaamsdelen die weer deel worden van de elementen, water, vuur, lucht en aarde waaruit zij ooit zijn ontstaan. Aan de pot met de as en botten van de overledene heeft de pandit rode kruiden toegevoegd, wat witte bloemen en als laatste melk. “Volgens het hindoeïstische geloof moeten de botten goed gereinigd worden,” legt de pandit uit. “Dan worden ze mooi wit en schoon. Als de ziel in een ander lichaam wil terugkeren, dan passen de botten weer netjes aan elkaar.” De pandit heeft de zonen nauwkeurig verteld wat ze moeten doen als de as wordt verstrooid, want zelf gaat hij niet mee. Op zee krijgt hij last van zijn maag, vertelt hij. Ooit heeft hij tijdens een verstrooiing moeten overgeven en dat was meteen de laatste keer dat hij op een boot is gestapt. Als een zoon met de pot met as naar buiten komt, is het tijd voor het vertrek. Het gezicht van dochter Sita staat vermoeid. Hoewel haar vader al langer hartproblemen had, was zijn dood een hele schok. “Hij had nog wel twintig jaar kunnen leven,” zegt ze. “Hij was pas vijfenzestig jaar.” De familie leeft tijdens de twee weken durende rouwperiode intens samen en er is weinig tijd om rust te nemen. De crematieplechtigheid, waar zo'n tweehonderd genodigden waren, zorgde voor heel wat regelwerk en iedereen komt op bezoek. De familie moet na de crematie minimaal een week wachten voordat de verstrooiing mag plaatsvinden. “Het duurt allemaal zo lang in Nederland,” zucht Sita. “Alles moet volgens de regels worden afgehandeld en het is toch al zo'n traumatisch gebeuren.”

Ze vertelt dat in Suriname en India de mensen aan veel minder regels gebonden zijn wat betreft een uitvaartceremonie. Bij de hindoes wordt het lijk thuis bewassen en later in de aanwezigheid van de familie op een vuur verbrand. Na de crematie verzamelen de mannelijke familieleden de botten en as en strooien die uit op zee. Maar in Nederland is daarvan geen sprake. Alles moet geregeld worden door de uitvaartonderneming en het kost geld. “Als je niet precies op tijd bij die boot bent, kost het weer een sloot geld extra,” zegt Sita.

Om financiële redenen heeft de familie er niet voor gekozen de as te verstrooien in de heilige rivier de Ganges, zoals veel andere hindoestanen die in Nederland wonen. India is ver en veel te duur. Bovendien, wat maakt het uit. Het heilige water van de Ganges, afkomstig uit de Himalaya, stroomt overal.

Op de kade van Scheveningen staan de meeste leden van de familie in groepjes bijeen. Behalve de zonen en dochters zijn ook de tantes en ooms aanwezig en tientallen kinderen die met opgewonden ogen naar de boot kijken. Eenmaal aan boord vergeten ze het doel van de tocht en rennen in het rond. Een familielid dat op de kade is achtergebleven, wordt juichend uitgezwaaid. Een vrouw roept de kinderen boos tot de orde. “Kom hier, gedraag je, het is geen pleziertochtje, hoor.” Dan haalt ze met een zucht haar schouders op en zegt tegen Sita: “Die kinderen begrijpen er niets van. Zo'n boot vinden ze natuurlijk prachtig en ze denken dat ze een dagje uit zijn.” Met een beslist gebaar deelt ze rozen uit, waarvan de stelen zijn afgesneden.

Straks mogen de kinderen ze in het water gooien.

Tijdens de tocht kijkt het gezelschap stil naar het water waarop tientallen zeilschepen en bootjes dobberen. Op het strand hebben vissers hun hengels uitgegooid. “Zullen die mensen ook gaan verstrooien?”, vraagt Sita, haar blik gericht op een boot in de verte. Dan ziet ze de passagiers in vrijetijdskleding op het dek staan. “Ach nee, natuurlijk niet.” Sita betwijfelt of de ziel van haar vader aanwezig is aan boord, bij zijn kinderen en kleinkinderen. “Hij hield niet van de zee”, zegt ze met een bedroefd lachje. “Hij was er bang van. Maar misschien is hij hier ook wel en zijn al die gevoelens van angst verdwenen.” Haar blik richt zich even op de wolken, alsof ze denkt dat de geest van haar vader haar woorden heeft opgevangen.

Het hindoegeloof met al zijn goden, godinnen, kastesysteem en stromingen is zeer complex, heeft pandit Raghubardayan uitgelegd. Hij heeft in Suriname vele jaren gestudeerd om zich erkend priester te kunnen noemen. Het streven van de hindoes is erop gericht, door vele geboorten en stervenscycli langzamerhand een steeds zuiverder geestesgesteldheid te ontwikkelen. Wie de meest zuivere en reine kaste van de brahmanen bereikt, kan door studie en ascetisch leven onsterfelijk worden. En hoeft dan nooit meer op aarde terug te keren. “Indien men in dit leven zijn best heeft gedaan, krijgt men in een volgend leven een grote kans op een hoge leeftijd en rijkdom”, vertelt de pandit. “Misschien is er zelfs plaats in het koninklijk paleis. Maar voor slechte mensen of moordenaars zal het oordeel hard zijn. Die lopen kans om als rups gereïncarneerd te worden of als vlieg.” Hij schat de mogelijkheid om dan nog als mens terug te keren minimaal. De kansen zijn dan verspeeld.

Hoewel Sita de pandit niet wil tegenspreken, heeft ze zo haar eigen opvattingen. Dat de mensen na hun dood naar de hemel gaan en daarna weer in ander lichaam op aarde komen, staat volgens haar vast. Maar dat mensen als vliegen en rupsen kunnen terugkeren als zij zich in hun vorige leven hebben misdragen, zoals pandit Raghubardayan zegt, daar gelooft ze niet in. “Als je eenmaal als mens geboren bent, blijf je een mens”, zegt ze stellig. “Misschien word je dan op een lager spiritueel niveau geboren, ik zou het niet weten.”

Op de boot zijn de mannelijke familieleden met uitvaartondernemer Henk Hofstra in gesprek gewikkeld. De boot is vijf mijl uit de kust verwijderd en hier zal de as worden verstrooid. De zoon, die de asbus nog steeds bij zich heeft, loopt met grote passen naar de boeg. Hofstra trekt hem aan zijn mouw. Het ritueel moet niet in een winderig plekje plaatsvinden, anders waait de as over het dek. Iedereen haast zich naar de railing om de plechtigheid zo goed mogelijk te kunnen volgen. Een vrouw vat een jongentje bij zijn kraag en moppert: 'Sta niet op mijn voet, jij'. Het gezelschap kijkt met grote aandacht toe hoe het mengsel van as en botten voorzichtig uit de bus wordt gestrooid. Een zoon voegt melk toe, zodat een grijze massa in zee glijdt. Dan volgen de rode rozen, de zak met kruiden en de bloemen die tijdens de rouwplechtigheid werden gebruikt. “Raar hè”, zegt een van de vrouwen terwijl zij naar het water blijft staren. “Het was zo'n stevige man. En nu is er helemaal niets meer van over.” Dan draait zij zich om en gaat zij weer op een bankje zitten. Tweemaal weerklinkt luid het scheepsignaal als laatste groet aan de overledene. De vaalgrijze kringen in het water zijn opgelost en de zak met kruiden en de rozenknoppen dobberen steeds verder weg. Nog even en ze zijn voorgoed uit zicht verdwenen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden