Review

Hij doorziet het hele, smerige spel

Welke klassiekers moeten we in de 21ste eeuw nog lezen? Willy Wielek houdt vandaag de laatste van een vijftal beroemde moordmysteries tegen het licht: 'The Spy Who Came In From The Cold.'

John le Carré (in 1931 geboren als David John Moore Cornwell, zoon van een oplichter) zegt bijna letterlijk hetzelfde als Georges Simenon: 'Ik ben ontsnapt'. En zij bedoelen dat ze ontsnapt zijn omdat ze konden schrijven. Simenon zou anders misschien een pooier en wellicht een moordenaar zijn geworden, zoals twee van zijn jeugdvrienden, le Carré zou, na zijn carrière als spion, waarschijnlijk zijn geëindigd als dubbelspion. Het ontloopt elkaar niet veel.

Daarmee houdt de vergelijking op. Van de twee coryfeeën uit zijn tijd heeft Aga-tha Christie wel een paar thrillers geschreven met de Koude Oorlog als achtergrond, maar het mens had geen vezel politiek in haar lichaam en Simenon keerde zich na de Duitse bezetting van Luik resoluut af van het wereldgebeuren. Hun roem groeide met hun oeuvre, maar voor le Carré kwam die roem plotseling: met zijn derde boek 'The Spy Who Came In From The Cold'. Dat was niet alleen omdat het een ijzingwekkend goede roman is (en wat een titel, een van de mooiste uit de wereldliteratuur) maar ook omdat le Carré daarmee de tijdgeest op de staart trapte. De jaren vijftig worden altijd voorgesteld als eng, benauwd, kleinburgerlijk, kneuterig. Als ik dat hoor denk ik: 'Ja, een mens die de adem inhoudt maakt geen mooie sprongen'. Want voor mij en voor velen met mij van mijn generatie waren de jaren vijftig de jaren van de angst. Ik dacht niet: 'Zou de derde wereldoorlog komen?'. Ik dacht: 'Wanneer zal de derde wereldoorlog komen'. En soms dacht ik zelfs: 'Als het dan toch moet dan maar meteen'. En direct daarop: 'o nee, o nee, niet weer'. Want kijk, er was altijd wat. Nu eens de luchtbrug naar Berlijn, dan weer het bouwen van de muur en vervolgens de Hongaarse opstand. Met als klap op de vuurpijl de Cuba-crisis in oktober 1962: de vloten van de Sovjet-Unie en van Amerika stoomden op en als ze elkaar ontmoetten.... Nu, daarna is het nooit meer zo erg geweest met die Koude Oorlog en de hete kwam niet, maar dat wisten we toen nog niet. We waren moe, moe van de gestaalde communistische kaders aan de ene kant die alles wat er in de Westerse kranten stond leugens heetten en moe van het brallende patriottisme van de verdedigers van het vrije Westen. En daar had je 'The Spy Who Came In From The Cold', het verhaal van een doodvermoeide spion, Alec Leamas, die ermee op wil houden, die binnen wil komen uit de kou, letterlijk en figuurlijk, want hij is gestationeerd in de toenmalige DDR.

Als het boek begint is hij er getuige van dat zijn dubbelspion aan de Muur wordt doodgeschoten en hij weet dat zijn hele netwerk van agenten is opgerold. Hij weet ook wie daarvan de schuld draagt: Mundt, het hoofd van de Oost-Duitse contraspionage, een antisemitische schurk. 'Het Circus', zoals de Engelse geheime dienst wordt genoemd, wil hem nog eenmaal gebruiken om een grote slag te slaan: hij zal zogenaamd overlopen met het doel Mundt te desavoueren. Een geraffineerd plan wordt ontworpen, Leamas belandt met voorbedachten rade een poosje in de gevangenis, als dronkaard zonder een cent die een dodelijke wrok met zich meezeult wordt hij opgepikt door de mannen van de DDR. Maar voor hij de gevangenis inging heeft hij een korte verhouding gehad met Liz, een lief, idealistisch, naïef meisje, lid van de communistische partij. (Ach ja, zegt Leamas, sommige mensen houden kanaries, andere worden lid van de communistische partij.) Hij heeft haar niets verteld, maar hij kent zijn pappenheimers; hij eist van zijn meerderen dat ze haar met rust zullen laten. Welnu, alles schijnt goed te verlopen, hij sluit vriendschap met Fiedler, een communistische idealist, aartsvijand van Mundt, er wordt een rechtszitting gehouden, Mundt schijnt te worden aangeklaagd... en plotseling wordt Liz binnengebracht en haar getuigenis, in alle onschuld afgelegd, wordt tegen Fiedler en Alec gebruikt. En opeens vallen hem de schellen van de ogen, hij doorziet het hele smerige spel. O, hij is waarlijk door de hond en door de kat gebeten. Mundt werkt voor het Westen, Fiedler, Liz en hijzelf worden koelbloedig opgeofferd. Maar zo is het ook weer niet helemaal: het is de bedoeling dat hij ontsnapt. Als hij al aan de veilige kant van de Muur zit kijkt hij om en ziet dat Liz wordt doodgeschoten. En hij springt van de Muur en voegt zich bij haar. Het laatste beeld dat langs hem heenschiet als de kogels hem raken is er een dat we al eerder in het boek zijn tegengekomen en dat op de werkelijkheid stoelt: een klein autootje met twee wuivende, lachende kindertjes op de achterbank wordt vermorzeld tussen twee enorme trucks. Dat is dan le Carré's boodschap: bescherm de onschuld. Zo het al een boodschap is, want over de roman hangt een waas van vermoeid cynisme en diepe droefenis. Hij zegt er dan ook direct achteraan dat hij het onmogelijke vraagt in deze wereld.

Nee, ik verlang niet terug naar de tijd van de Koude Oorlog, hoe zou ik kunnen? Maar als ik dit verhaal lees van niet meer dan tweehonderd bladzijden (waarom moeten de thrillers tegenwoordig toch zo ontiegelijk dik zijn? De ouden konden het korter en beter) krijg ik wel heimwee naar de ingetogenheid, de reserve, vooruit, de kuisheid, die het boek kenmerkt. Misschien ken ik die karakteristieken ten onrechte ook toe aan dat vervlogen tijdvak, de herinnering kan onze rare parten spelen. Die Leamas is, hoe verlopen en verzopen ook, een sekssymbool. Hij is een zwijger, wel teder in bed, maar hij zal liever doodblijven op de pijnbank dan zeggen dat hij van je houdt. Hij draagt een Groot Mysterie met zich mee, nooit mag je hem iets vragen. Natuurlijk is hij een wat fletsere afschaduwing van de verzetsheld uit de oorlog. En als je mij zou vragen wie ik, als ik heel veel jonger was, zou kiezen: deze grote stille knecht of een man met een boezelaar voor of zo'n draagzak met een baby voor zijn buik, nu, dan wist ik het wel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden