Hij die onze eer waard is

De kerkelijke feestdag van Sint Sebastiaan wordt gevierd op 20 januari en die datum lijkt volstrekt willekeurig, zoals bij veel heiligendagen het geval is. Ooit hebben de samenstellers van de kalender tegen elkaar gezegd: "Waar zullen we die blote jongeman nou eens zetten? Heb jij nog een gaatje in november?" En dan de ander weer: "Nee, geef maar hier, ik combineer hem wel met de H. Fabianus, want beide heren zijn indertijd samen begraven!" Dat is ook zo.

JOS BRINK

En er is nog een overeenkomst. In een passionaal uit 1502 wordt Fabianus, paus van 236 tot 250, afgebeeld aan een paal gebonden en gepijnigd met tangen. Van Sebastianus kennen we dezelfde pose. Alleen bezweek hij onder een vracht pijlen. Zo is onze schaarsgeklede martelaar de patroon geworden van boogschutters, kruisridders, pestlijders en (niet officieel bekrachtigd door Rome!) van de internationale homobeweging.

Volgens de 17de-eeuwse Franse kerkhistoricus Le Nain de Tillemont stierf Sebastiaan precies op 20 januari 288. Maar dat is heus geschiedschrijving achteraf. Hoe dan ook, hij was, volgens een legendarische passio uit de 5de eeuw, een officier van de keizerlijke lijfgarde te Rome. Afkomstig uit het Franse Narbonne, destijds de provincie Gallia Narbonensis. Een christen, jawel! Een feit waarover hij zorgvuldig zijn mond hield tegenover zijn baas, keizer Diocletianus, die hem promotie op promotie bezorgde en Basje zelfs bevelhebber maakte van het Hoofdkwartier.

Zodoende had de gunsteling des keizers uitstekend zicht op de kermende christenen in de vele kerkers van Rome. Sebastiaan zong en bad met ze, in het geniep natuurlijk, maar of de ter dood veroordeelden daaraan enige verlichting ontleenden, moet toch worden betwijfeld, want de verkondiger liet ze niet ontsnappen, doch wees ze 'slechts' op de heerlijkheid des Heren na de gruwelijke marteldood.

Deze bijeenkomsten bleven niet onopgemerkt. Keizer boos. En zo teleurgesteld in zijn favoriete officier dat de evangeliserende krijgsman op beschuldiging van verraad zelve in het kot werd geworpen met de mededeling dat hij op het Marsveld door zijn eigen boogschutters zou worden gexecuteerd. Er moeten vele pijlen op hem zijn afgeschoten, want de kronieken spreken van een 'quasi ericius', een soort stekelvarken dus.

Maar zie, een christelijke weduwe, de latere H. Irene, vond het te gortig om het stoffelijk overschot zomaar te laten liggen, gebruik of geen gebruik, en sloop des nachts over het Marsveld om de jongen te zoeken, teneinde hem een nette begrafenis te geven. Nu ziet men een fors stekelvarken niet licht over het hoofd, zodat zij al spoedig slaagde in haar mooie missie, maar wonderbaarlijker was dat Sebastiaan nog tekenen van leven vertoonde.

Ze nam hem mee naar haar woning (hoe weet niemand), verpleegde hem daar (hoe weet niemand) en waarempel, de patient knapte spoedig weer op! Niet echter stond hij weer stevig op de pikkels of hij zocht zijn vorstelijke patroon weer op om deze op hoge toon te laten weten dat het nu maar eens uit moest zijn met dat christengetreiter.

Diocletianus, die na zijn pensionering overigens nog moest meemaken dat onder zijn opvolger, Constantijn de Grote, het christendom zegevierde, liet zich niet ompraten, laat staan bekeren, en nam de onverbeterlijke jongen subiet beet om hem, nu afdoende, te laten doodknuppelen in het Hippodrome op de Palatijnse heuvel.

Het lijk liet men nu, voor alle zekerheid, niet liggen als afschrikwekkend voorbeeld; het werd gedumpt in het Gloaca Maxima, Rome's centrale riool. Edoch: bij Sebastiaans dood werd de martelaar geboren. Ene H. Lucia, nichtje van de eerder vermoorde keizer Gallienus, viste hem namelijk op. Zij had van Sebastiaan gedroomd en wist toen waar te dreggen: in de Tiber, vlakbij het Circus Maximus, dat tot voor kort een bekende ontmoetingsplaats was voor zoekende homoseksuelen. Samen met Beatrix, zuster van een andere martelaar, begroef zij Sebastianus in de catacomben. De canonisatie kon in gang worden gezet.

Deze poging tot hagiografie is een samensmelting van diverse andere, die ook onvolledig en lichtelijk onbetrouwbaar zijn. Wel staat het historisch vast dat er in Rome al vroeg een martelaar Sebastianus, afkomstig uit Milaan, werd vereerd. Zijn lichaam is inderdaad bijgezet in een onderaardse gang van de begraafplaats Ad Catacumbas aan de Via Appia, tegelijk met dat van paus Fabianus.

In het midden van de 4de eeuw werd boven deze graven een apostelbasiliek gebouwd, die later San Sebastiano werd genoemd, nu nog een van de zeven hoofdkerken van Rome. Paus Sixtus III stichtte in 405 een klooster bij de kerk en daar heeft, naar men zegt, Arnobius de Jongere, de passio geschreven.

Dat Sebastiaan de patroonheilige is van de kruisvaarders en boogschutters, moge duidelijk zijn. Maar zijn pestonderscheiding dankt hij aan psalm 91, waar staat: "Gij hebt niet te vrezen voor de verschrikking van den nacht, voor den pijl die des daags vliegt; voor de pest die in het duister rondwaart."

In de 7de eeuw werd Italie wederom geteisterd door de Zwarte Dood en de legende wil dat de pest alleen zou wijken wanneer er ter ere van Sebastiaan een nieuw altaar zou worden gewijd, en wel in de kerk San Pietro in Vincoli, waar zich onder het hoogaltaar de ketenen van Petrus bevinden. Men leende voor dat doel wat botjes van Sebastiaan en de pest week!

In de beeldende kunst is zijn historie dankbaar aangegrepen om ongestoord mannelijk naakt te kunnen weergeven. Soms gebeurde dat zo erotisch aangrijpend, dat zijn beeltenis uit bedehuizen moest worden verwijderd, wegens al te verliefde, naar men meende slechts vrouwelijke, gelovigen.

Weliswaar is de martelaar ook wel geconterfeit als krijgsman met wapenrusting, maar daar was uiteraard niets aan te beleven. Dat de homobeweging Sint Sebastiaan annexeerde als patroon, heeft, denk ik, dezelfde zinnelijke achtergrond. Per slot geldt het hier een smakelijke kracht die lelijk door pijlen van onbegrip en kwaad wordt geveld, zodat de symboliek voor het oprapen ligt. De internationale homobeweging heeft niet gedacht aan een martelares: ook hier werd de vrouw weer eens in de hoek gezet. (Waarom niet de H. Caecilia?)

Al met al betekent de naam Sebastianus "hij die onze eer waard is" . En dat blijft voor die man gelden. Sebastiaans coming-out als christen en het aanvaarden van de consequenties mogen vandaag de dag tot voorbeeld strekken.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden