Hij die altijd wrevel wekt

De opmerkingen van evolutiebioloog Richard Dawkins roepen steeds weer woede op. Dat krijg je, als filosofische temperamenten botsen.

Abort it and try again.' Kinderen met het syndroom van Down ter wereld laten komen terwijl ze geaborteerd hadden kunnen worden, is immoreel. Met die stelling veroorzaakte de Britse evolutiebioloog Richard Dawkins fikse opschudding, eerst in Engeland, nu ook daarbuiten. Trouw berichtte vorige week dat er inmiddels een patroon in de relletjes rond Dawkins is te herkennen: eerst doet hij een straffe uitspraak over een emotioneel gevoelig onderwerp, dan volgt een Twitterstrijd, en daarna zegt Dawkins dat hij door de helft van zijn critici verkeerd begrepen is, en dat het niet op zijn plaats is om hem met Adolf Hitler te vergelijken. Ten slotte volgt een persoonlijke noot, waarin Dawkins zegt wat hij zou doen 'vanuit mijn eigen morele filosofie die gebaseerd is op het verlangen geluk te vergroten en lijden te verminderen'.

Hoe kan het dat Dawkins telkens verkeerd begrepen wordt? En hoe kan het dat er zo heftig gereageerd wordt op zijn denkbeelden? Om daar enigszins vat op te krijgen, is het aardig in de geschiedenis van de filosofie te duiken, zoals René Gude, Denker des Vaderlands, die vertelt op zijn luistercd's.

In het eerste deel van zijn 'Geschiedenis van de filosofie' vertelt Gude dat er sinds de Oudheid drie manieren van denken zijn ontstaan - en denken vat hij breed op, dat beperkt zich niet tot wat wij tegenwoordig filosofie noemen. Denken, filosofie is een behoefte die we allemaal kennen, stelt Gude, want we hebben allemaal behoefte aan een juiste kennis van zaken, we willen het beter weten. Wat? Bijvoorbeeld hoe de wereld in elkaar zit.

Gude schetst het ontstaan van het denken zoals wij dat nog steeds kennen met een prachtig voorbeeld van Thales van Milete, die rond 550 voor Christus een zonsverduistering wist te voorspellen. Tot dan toe was het mythische denken dominant, men geloofde dat de zonnegod Helios de zon elke dag met zijn wagen tevoorschijn toverde, overdag langs het zenit reed, en aan het einde van de dag weer uit het zicht verdween. En men was Helios dankbaar. Toen kwam er een mens, vertelt Gude, "die voorspelde dat Helios iets ging doen wat hij nog nooit gedaan had, namelijk de zon op klaarlichte dag laten verdwijnen om hem even later weer terug te laten keren".

Gude: "Toen Thales zijn voorspelling deed, moeten zijn tijdgenoten hem voor gek verklaard hebben: die man dacht te kunnen voorspellen wat de god Helios zou doen. Toen het daadwerkelijk gebeurde, moeten zijn tijdgenoten van hun stoel zijn gevallen." Sindsdien is het natuurwetenschappelijke denken sterker geworden, het mythische zwakker. Thales van Milete was de eerste die een natuurwetenschappelijk model opstelde waarmee hij een samenhangend beeld kon schetsen van de hele wereld. Dat is de eerste manier van denken, waar Richard Dawkins een late erfgenaam van is.

Een kernzin van Thales is: 'Alles is water'. Hij reduceerde alles tot de oerstof water. Waarom? Dat is voor Dawkins' opmerking over downkinderen niet belangrijk. Belangrijker is dat Thales werd tegengesproken door een andere filosoof die meende dat alles lucht was. Weer een ander: vuur. Vanzelfsprekend rees toen de vraag: hoe kunnen er zoveel verschillende antwoorden bestaan? Wie heeft gelijk, wie heeft de juiste kennis, wie vergist zich, hoe betrouwbaar is mijn eigen kennis, en hoe kan ik die zonder misverstanden aan een ander overdragen? Dat zijn de basisvragen van de logica, de tweede manier van denken, zoals we die nog steeds kennen van bijvoorbeeld een taalfilosoof als Ludwig Wittgenstein.

Socrates

En in de Griekse Oudheid kwam toen Socrates. Hij interesseerde zich in eerste instantie niet voor natuurwetenschappelijke verklaringen van de wereld, en ook niet zozeer voor de taal, die hij vooral beschouwde als een middel om te spreken over een levensbeschouwing: hoe moeten wij leven? Wat is rechtvaardigheid? Wat is het goede leven? Hoe maak ik in het leven goede keuzes? Wat is de waarde van mijn leven, of van een leven? Socrates onderzocht niet de fysische wereld, maar het eigen leven. Een leven, meende hij, dat niet onderzocht is, is een leven dat niet geleefd is. Met Socrates ontstond de ethiek, de derde manier van denken.

We zijn in de geschiedenis van de filosofie nog niet zo heel lang onderweg of de grote vragen waar we nog steeds mee worstelen, liggen al op tafel: hoe zit de wereld in elkaar, hoe draag ik de kennis over de wereld over, hoe zit mijn eigen leven in elkaar?

Deze drie kennisgebieden tref je volgens Gude bij alle denkers aan. Gude: "Die verschillende temperamenten zitten ook in onszelf, en verklaren waarom je met de een goed door een deur kunt - je beste vriend - en met de ander niet - je werkgever. Of met een wetenschapper als Dawkins: er ontstaat telkens een polemiek tussen fanatieke volgelingen en driftige critici."

Deze omweg via de geschiedenis van de filosofie maakt veel duidelijk over de heftige discussie die Dawkins telkens weet te veroorzaken. Hij is duidelijk een moderne Thales, ook hij is een natuurwetenschapper die een model heeft waarmee hij de wereld kan verklaren. Die methode heet evolutie; door die bril kijkt Dawkins naar de wereld, en verklaart hij die wereld.

Voorstelbaar

Vanuit die blik is het voorstelbaar dat hij meent dat het beter is kinderen met het syndroom van Down te aborteren. In de biologie is evolutie de geleidelijke verandering in populaties door overerving met variatie en natuurlijke selectie. In keiharde natuurlijke selectie is er voor een kind met het syndroom van Down weinig toekomst. Maar als Dawkins wordt aangevallen op zijn opmerking komt hij niet met een biologische verdediging, gebaseerd op zijn evolutionaire wereldbeeld, maar met een ethische motivatie, gebaseerd op zijn eigen 'beperkte' moraal: geluk vergroten en lijden te verminderen. Hij doet een beroep op de manier van denken van Socrates.

Daar gaat het wringen. Binnen de ethiek zou je de persoonlijke moraal van Dawkins scharen onder het utilisme van bijvoorbeeld een denker als Jeremy Bentham: streef naar geluk, genot en vermijd pijn. Theoretisch gezien een mooi streven. Maar in de praktijk is het lastig te bepalen hoe je zoveel mogelijk geluk bereikt, en zoveel mogelijk pijn vermijdt. Wie bepaalt of het voor ouders meer geluk oplevert een zwangerschap te beëindigen dan te laten voortduren? "Try again", zegt Dawkins. Is een leven zo weinig waard dat je het gewoon opnieuw kunt proberen? Stapt iedereen zo makkelijk over een abortus heen? En welk geluk weeg je af tegen welk lijden? Het eventuele geluk van een ouder als het de volgende keer wel lukt om een gezond kind ter wereld te brengen zet je af tegen het niet-bestaan van een kind met Down-syndroom? Kun je zo'n afweging maken? En wat als het ouders niet opnieuw lukt? En wat als we het gewoon gaan vinden kinderen met een afwijking te aborteren? Zijn er dan meer syndromen aborteerwaardig? Naar welke samenleving gaan we dan toe?

Dit zijn allemaal ethische vragen, waarover de mensheid zich sinds Socrates heeft gebogen, zeker sinds de euthanasiepraktijken van Hitler. Althans de mensheid die zich interesseert voor juist dat soort vragen, passend bij de derde manier van denken. Tot die mensen behoort Dawkins niet, dat maakt de indeling van René Gude duidelijk. Dawkins interesseert zich voor de fysieke kant van ons bestaan - de eerste manier van denken - en vragen naar ons gedrag reduceert hij tot 'wat ik persoonlijk zou doen'. Die verschillende manieren van denken moeten wel botsen.

René Gude & Daan Roovers: 'Kleine geschiedenis van de filosofie', 144 blz, euro 19,95

Evolutiebioloog Dawkins, een natuurwetenschapper die met een model de wereld verklaart.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden