Hier zitten de generalisten

Bestuurskunde levert een baan met goed salaris op. Voor drie Leidse studenten is dat geen reden de studie te kiezen. „Je wilt toch het liefst leuk werk.”

Hij twijfelde tussen veel studies, vertelt Tom Degen (18), eerstejaars in Leiden. „Economie, geschiedenis, politicologie. Ik heb zo veel interesses. Ik heb daarom veel open dagen bezocht. Het werd bestuurskunde, omdat het breed is, je krijgt van veel vakken wat en dat ligt me wel. Ik ben nu drie maanden bezig en heb zeker nog geen spijt.”

Frerieke de Baat (19) een tweedejaars bestuurskunde, valt hem bij. „Een echte specialist heeft oogkleppen op, een psycholoog of dokter, die weet alles van één onderwerp, maar overziet de breedte niet. Met bestuurskunde word je een soort tussenpersoon tussen die specialisten, want je weet van veel dingen wat. Dat trok en trekt mij nog steeds aan.”

Maar derdejaars Ilse Folkerts (22) ziet inmiddels ook nadelen. „Je kunt met bestuurskunde alle kanten op, je hebt alle vrijheid in het kiezen van een specialisme, dan volg je meer economische vakken of meer psychologische vakken. Maar voor de motivatie is dat niet altijd gemakkelijk. Want als alle deuren openstaan is het soms moeilijk ergens naartoe te werken. Ik ben daardoor nu een beetje zoekend.”

Ze zitten vijf minuten lopen van het station Leiden achter de koffie in het café van ’het lelijkste gebouw van de universiteit in Leiden’, zeggen ze zelf. Hier is de faculteit sociale wetenschappen gevestigd waar bestuurskunde onder valt. Ilse: „Bestuurskunde heet in het Engels ’public administration’, dat klinkt beter. De kern van de studie is de vraag: hoe moet de overheid ingericht zijn. Alle vakken zijn gericht op ontwikkelen van beleid. Het is een heel brede studie die zich bezighoudt met openbaar bestuur. De meeste studenten hebben economie en maatschappij als profiel op de middelbare school gehad, een alfa-studie is het wel. Maar met een duidelijke maatschappelijke kant.”

Zij volgde enkele vakken op de letterenfaculteit en trof daar een andere sfeer aan dan bij bestuurskunde. „Kijk, een taal studeer je echt alleen als je daar een passie voor voelt. Maar hier zitten meer generalisten, soms wat ongemotiveerder.” Op een gewone doordeweekse dag tijd vrijmaken voor een journaliste is voor deze drie studenten geen probleem. Ze hebben weinig college, vinden ze zelf. „Weinig contacturen en veel zelfstudie”, omschrijft Ilse.

Wie zijn bul bestuurskunde heeft gehaald, vindt gemiddeld snel een baan, zo blijkt uit cijfers. En die baan is ook goed betaald in vergelijking met andere startsalarissen. Speelde het een rol bij hun studiekeuze?

Tom: „Ik had mijn studiekeuze al bepaald toen ik hoorde dat bestuurskunde in de top tien van studies met hoge aanvangsalarissen stond. Voor mijn motivatie is dat niet belangrijk, maar ik denk natuurlijk wel: dat is dan mooi meegenomen.”

Frerieke: „Ja, veel geld is altijd leuk, natuurlijk. Maar ik vind toch echt dat het belangrijkste is dat je een leuke baan hebt. Je kunt beter wat minder verdienen en het leuk hebben, dan ongemotiveerd je werk doen en veel verdienen. Nee, daar zou ik toch echt ongelukkig van worden. Voor ik dit ging studeren wist ik ook niet eens dat je er snel een baan mee vond.”

Ilse: „Bij de studiekeuze speelt het niet, maar bij de keuze welke richting je opgaat: naar het bedrijfsleven of naar de overheid, dan wel. Kies je voor de private sector, dan kun je meer verdienen, terwijl de publieke sector meer baanzekerheid oplevert op langere termijn.”

De drie studenten bestuurskunde komen uit verschillende delen van Nederland, Tom uit Amsterdam, Ilse uit Apeldoorn en Frerieke uit Papendrecht. Ze kozen bewust voor de kleinere studentenstad Leiden, wonen op kamers en zijn actief in een studentenvereniging.

Frerieke: „Je kunt hier niet de straat op zonder dat je bekenden tegenkomt, dat is gezellig. Voor eerstejaars is de hoofdzaak het studentenleven. Je bent daar zo druk mee, dus dan klinkt wel vaak: o ja, mijn studie is er ook nog.”

Tom, zelf pas sinds drie maanden student, beaamt dat. Hij is, evenals Ilse, lid van studentenvereniging Augustinus. „Gelukkig heb ik steeds pas om één uur ’s middags college. Dan kan ik uitslapen. Je wilt als eerstejaars toch alles meemaken. De ene week borrel ik vijf dagen, de andere twee of drie. Je moet ook een nieuw sociaal leven opbouwen.”

Tweedejaars Frerieke is lid van studentencorps Minerva en beperkt het borrelen tot een keer in de week. „Verder spreek ik wel veel met vriendinnen af.”

Ilse, in het derde jaar, wijst erop dat in Leiden het behalen van het eerste studiejaar verplicht is om de studie te mogen voortzetten. „Je moet dus wel goed kunnen plannen om alles te combineren.”

Tom kan dat goed, zegt hij. „Ik had eerlijk gezegd verwacht dat de studie bestuurskunde zwaarder en moeilijker zou zijn. Ik had ook meer verdieping van de stof verwacht, dat valt me wat tegen. Maar ik kan het niveau wel goed volhouden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden