column

Hier openbaarde zich het nog onbekende kwaad

Rob Schouten Beeld Maartje Geels
Rob SchoutenBeeld Maartje Geels

Klapperpistooltjes zoals mijn vriendjes die hadden mocht ik niet, ook geen houten zwaardjes - mijn ouders waren pacifist omdat ze de oorlog hadden meegemaakt. Dus was ik voor mijn portie weerbaarheid aangewezen op geweld in de kinderbijbel.

Tv en internet om er alsnog achter te komen, waren er nog niet; trouwens ik denk dat ze me de toegang daartoe ook ontzegd zouden hebben.

Maar ook de kinderbijbel vermeed de boze wereld grotendeels. Achter de dood van Izebel bijvoorbeeld kwam ik pas in mijn puberteit en voor de Schanddaad te Gibea moest ik zelfs de stemgerechtigde leeftijd bereiken. Dus zocht ik het bij de plaatjes, waarin de illustratoren er niet omheen konden. Het beeld van de gekruisigde Christus vervulde me met ontzag en afgrijzen, maar ik moest er toch telkens weer naar kijken.

In de eerste van zijn Anton Wachter-romans beschrijft Vestdijk hoe de jonge Anton gegrepen wordt door een schilderij van Sint Sebastiaan, doorspiesd met pijlen. Zoiets was het bij mij ook. Hier openbaarde zich het kwaad dat ik tot dan toe niet gekend had. Maar nog erger dan de kruisdood vond ik het plaatje van Absalom. Cornelis Jetses, van de schoolplaten dus vertrouwd, had hem neergezet terwijl hij op zijn muilezel in de takken reed, eigenlijk bleef hij meer met zijn gezicht dan met zijn haren hangen, de muilezel leek sprekend op een gewoon wit paard en was die ordinaire boom werkelijk een terebint, dat bijbelse gewas?

De bizarheid van het leven

Niettemin maakte het plaatje enorme indruk op me, ik kon er niet van slapen. Eerste ervaringen blijven het langst hangen. Jetses' Absalom werd een oerbeeld, waar latere schilders en tekenaars, Pesellino, Caspar Luijken, Albert Weisgerber het niet tegen konden opnemen, ook het slordige schetsje van Rembrandt niet dat er misschien wel het dichtstbij komt: een rommelig, ongeorganiseerd gebeuren.

Het was het moment dat Absalom tegen de takken aanknalt, tegenstander Joab is er nog niet, anders dan op de meeste schilderijen waarop ze al gretig op de hulpeloze inslaan en -prikken. Maar hier vindt de ramp plaats en Absalom sluit zijn ogen als om het op het laatst te vermijden. Zo althans heb ik het onthouden.

Later leerden we dat Absalom min of meer op kapsalon rijmde, grappig hoor met al dat haar, maar zijn dood heeft voor mij altijd symbool gestaan voor de bizarheid van het leven. Later probeerde ik de roman 'Absalom, Absalom' van William Faulkner te lezen, in de veronderstelling dat het over mijn tragische held ging, maar ik kon er geen touw aan vastknopen en over de knappe, charismatische zoon van David met de gruweldood ging het zeker niet.

Om een of andere reden verschijnt bij nieuws over moordpartijen op tegenstanders, van IS, in de Congo of de Centraal Afrikaanse Republiek, altijd het plaatje van Jetses op mijn netvlies. "Vader van vrede' betekent Absalom, lees ik. Ja natuurlijk, abba, shalom, maar ik had er nooit bij stilgestaan. Ergens ben ik nog steeds bezig het verhaal van Absalom tot me door te laten dringen, te begrijpen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden