Hier geboren, geïntegreerd maar wel gelovig

Jonge moslims in Nederland zijn nog altijd in de moskee te vinden. Tot die conclusie komt sociologe Mieke van Maliepaard in haar onderzoek naar de ontwikkeling van religiositeit onder Turken en Marokkanen. 'Integratie en secularisering gaan bij hen niet hand in hand.'

Hoe beter geïntegreerd de immigrant, hoe ongeloviger. Hoe hoger opgeleid, hoe minder religie voor hem of haar betekent. "Het zijn aannames die wijdverbreid zijn", zegt sociologe Mieke Maliepaard (30). "Maar toch kloppen ze niet."

Deze week promoveert ze aan de Universiteit van Utrecht op de ontwikkeling in religiositeit van Turkse en Marokkaanse moslims in Nederland tussen 1998 en 2009. In tegenstelling tot wat sociologen lange tijd verwachtten, verliest religie voor Nederlandse moslims niet aan betekenis. "Waar eerdere onderzoeken een lichte afkalving lieten zien, is de situatie nu gestabiliseerd."

Neem het moskeebezoek. "Aanvankelijk zie je een dalende trend. Maar in 2004 stopt die en sindsdien is het constant. Niets wijst er vooralsnog op dat dit in de nabije toekomst zal veranderen. Bij Marokkanen van de tweede generatie is er zelfs een stijging te zien: ging in 1998 tien procent van hen wekelijks naar de moskee, nu is dat ongeveer een derde. Een fikse toename."

Nuancerend: "Moskeebezoek is niet gelijk te trekken met kerkgang en kerklidmaatschap in het christendom. Voor moslims speelt de moskee een wat minder centrale rol. Aan de andere kant: een moslim die serieus met het geloof bezig is, gaat gemiddeld vaker naar de moskee."

Maliepaard onderzocht veel meer dan enkel het moskeebezoek. In de enquêtes van het Sociaal en Cultureel Planbureau waarop zij zich baseerde, werd het thema religie op verschillende niveaus benaderd, zowel op dat van gedrag als van subjectieve beleving. "Deelnemers konden aangeven of ze zichzelf moslim noemen of niet en welke rol het geloof in hun leven speelt. Hen werd ook gevraagd hoe ze tegen bepaalde ethische en politieke kwesties aankijken en of ze zich houden aan leefregels zoals vasten tijdens de ramadan of eten van halalvlees. Dat levert een vrij omvattend beeld op."

En dat is er dus een van relatieve stabiliteit, stelt ze. "Het aantal Marokkanen en Turken dat zich moslim noemt, blijft rond de 95 procent. Het belang dat ze aan hun islamitische identiteit hechten, verandert niet: bijna alle moslims geven aan dat het geloof belangrijk voor ze is."

Het is voor het eerst dat de ontwikkeling van religiositeit onder Turkse en Marokkaanse moslims in Nederland op langere termijn in kaart is gebracht, vertelt Maliepaard. "Er wordt wel altijd van alles geroepen over de islam in Nederland, maar als je kijkt naar wat we er, wetenschappelijk gezien, van weten, dan is dat nog verrassend weinig. Als ik ergens kom spreken, dan is het eerste wat mensen willen weten: hoe ik denk over radicalisering en moslimfundamentalisme. Dat vind ik een tunnelvisie. Ik kijk naar het algemene beeld."

Maliepaard vervolgt: "Ik doe geen kwalitatief onderzoek. Op dat gebied is er al behoorlijk veel gedaan. Zo volgde Martijn de Koning jarenlang één moskee in Gouda, om te achterhalen hoe Marokkaanse jongeren daar met hun geloof omgaan. Fascinerend - maar zijn conclusies blijven beperkt tot die ene moskee. Hij zocht de diepte, niet de breedte. Terwijl ik juist in dat laatste geïnteresseerd ben: ik wil graag weten hoe de 'gemiddelde moslim' in Nederland met zijn religie omgaat."

Dat is ook meteen de beperking van haar onderzoek, waarschuwt ze: "De persoonlijke beweegredenen bleven buiten beeld. Ik kon zien óf iemand zijn geloof belangrijk vindt, niet waarom. Ik moest me beperken tot kwantificeerbare gegevens."

Die zijn opzienbarend genoeg, juist vanwege hun stabiliteit. "Mijn bevindingen druisen regelrecht in tegen het 'seculariseringsdenken' - de aanname dat, naarmate de moderniteit terrein wint, geloof verdwijnt. Hoewel die these al heel lang onder vuur ligt, gaat ze voor autochtone Nederlanders nog steeds op: hoogopgeleide en jonge Nederlanders zijn gemiddeld minder gelovig. Maar voor jonge moslims in Nederland geldt dat niet. Die zijn onverminderd religieus, terwijl ze beter geïntegreerd en hoger opgeleid zijn dan hun ouders. Integratie en secularisering gaan bij hen niet hand in hand."

Hoe ze haar bevindingen dan wel precies moet duiden, weet Maliepaard niet. Ze is huiverig voor alomvattende verklaringen. "Ik heb er velen onderzocht, maar geen daarvan was erg bevredigend. We weten gewoon nog niet wat we precies met deze trend aan moeten. Zo is het bekend dat de mate van religiositeit samenhangt met de inbedding in de sociale groep: hoe meer je met medegelovigen omgaat, hoe geloviger je je gedraagt.

"Toch verklaart dit lang niet alles, want deze sociale inbedding blijkt vooral bij de Turkse gemeenschap een rol te spelen, en veel minder bij de Marokkaanse: die is individualistischer. Maar juist dáár zie je een opleving van geloof..." Even meende ze de sleutel te hebben gevonden. "In de sociale psychologie is er het rejection-identificationmodel. Als je je gediscrimineerd voelt, stelt deze theorie, trek je je terug in je eigen groep. Daar voel je je wél geaccepteerd. Religie is hierbij belangrijk: zij biedt een positieve groepsidentiteit. Zou het kunnen, dacht ik, dat het verruwde, anti-islamitische klimaat in de jaren na 2004 ervoor zorgde dat moslims zich terugtrokken in hun eigen groep - en dus religieuzer werden?"

Het leek haar de meest aannemelijke verklaring. En bij velen was dat verband inderdaad te zien, constateerde Maliepaard. "Alleen: niet bij de Marokkanen. Terwijl juist die groep het meest te lijden had onder dat anti-islamitische klimaat en je bij hen ook de grootste toename in gelovigheid ziet. Dus hoe mooi het ook zou klinken - 'discriminatie leidt tot opleving geloof' - de cijfers ondersteunen dat niet. Eén plus één is niet altijd twee."

Lachend: "Daar gaat je ronkende krantenkop."

'Ik vast, bid en doe al mijn plichten'
Nurullah Gerdan

Leeftijd:22

Student bestuurskunde

"Buitenstaanders denken misschien dat ik een kloof ervaar tussen de islam en mijn leven hier in het Westen. Maar het tegendeel is waar. Wie ik ben en wat ik doe, waarom ik wil bijdragen aan de maatschappij; dat heeft alles te maken met mijn geloof.

Zo zit ik vrijwillig in besturen van jongerenorganisaties, en geef huiswerkbegeleiding op basisscholen. Ik studeer bestuurskunde omdat ik andere mensen de kansen gun die ik zelf heb gekregen. Want ik dank ze aan de Schepper. Niet voor niets is het eerste woord in de Koran: 'Lees' - kennis opdoen is verplicht. Ook economische kwesties bezie ik vanuit mijn geloof. Het islamitische perspectief is rechtvaardiger, vind ik. We moeten niet de rijken rijker, en de armen armer maken.

Ik hou me aan de vijf zuilen; ik vast, bid, doe alle plichten. De moskee hoort daar niet bij. Ik ga wel, maar zie het meer als buurtcentrum. Wat voor mij veel zwaarder weegt is het islamitische verbod op rente. Daar zou ik me graag aan houden. Maar hier kan dat niet: je hebt gewoon een hypotheek nodig. Zoiets frustreert me.

Met vrienden of collega's praat ik nooit over geloofszaken. Met mensen heb ik dus geen conflicten, alleen met systemen, zoals het hypotheekstelsel. Het is mijn doel om dat te gaan veranderen."

'Op reis bezoek ik altijd een moskee'
Rachida Abdellaoui

Leeftijd: 27

Politicoloog/beleidsadviseur

"Het is lastig te zeggen hoe gelovig ik precies ben. Termen als streng of gematigd, praktiserend of niet, voor mij voldoen die niet. Het gaat erom hoe diep het geloof verweven is met je denken. Aan mijn buitenkant zul je niet zien; 'Oh ze is heel erg gelovig'. Ik draag geen hoofddoek, nee.

Voor mij is de kern van geloven: dat ik mijn eigen grenzen stel.

Het gaat om je intentie - en die is niet meetbaar. Doe je mascara op om te flirten, of om er gewoon leuk uit te zien? Alleen God weet dat soort dingen.

Als ik echt wil uitleggen wat mijn geloof inhoudt, gaat het al gauw mis. Ik wil een schone ziel hebben. Hoor je hoe raar dat klinkt? In Nederland ben ik dan bijna iemand die in Harry Potter gelooft. Het beïnvloedt me niet, dat ik soms aangekeken word als een gek. Jammer is het wel.

Ik houd me sowieso aan de vijf zuilen. In het buitenland bezoek ik steevast een moskee. Maar hier in Nederland, nee, dat gebeurt eigenlijk nooit. Het grotere doel wat ik heb is soefistisch en misschien ook wel een beetje boeddhistisch; zo zuiver als ik geboren ben, zo puur wil ik ook weer zijn als ik bejaard ben."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden