Het zwaard kan niet zonder de pen

interview | Als schooljongen in Drenthe maakte Frank Westerman van nabij de Molukse gijzelingsacties mee, als correspondent zag hij in Moskou de Tsjetsjeense terreur om de hoek van de straat. 'Een terrorist gelooft dat hij altruïstisch bezig is.'

Bij een poging de Indonesische ambassadeur te gijzelen, wordt in 1970 hoofdagent Hans Molenaar doodgeschoten.

In 1975 volgt de treinkaping bij Wijster. Zeven Zuid-Molukse jongeren kapen de intercity van Groningen naar Amsterdam. Machinist Hans Braam wordt doodgeschoten, passagiers Bert Bierling en Leo Bulter worden geëxecuteerd. Bij een gelijktijdige bezetting van het Indonesisch consulaat in Amsterdam valt één dode.

In 1977 wordt een trein gekaapt bij De Punt en een lagere school gegijzeld in Bovensmilde. Trein en school worden ontzet door het leger, bij de school verloopt dit zonder doden of gewonden, maar bij de trein komen zes kapers en twee passagiers om het leven. Een jaar later eindigde de bezetting van het provinciehuis in Assen - waarbij ambtenaar Co de Groot werd geëxecuteerd - door ingrijpen van de Bijzondere Bijstands Eenheid. Gedeputeerde Jack Trip raakt daarbij gewond en overlijdt later in het ziekenhuis.

De Molukse acties

Frank Westerman (Emmen, 1964) studeerde Tropische Cultuurtechniek in Wageningen. Hij was correspondent in Belgrado en Moskou, en legde zich naast zijn journalistieke werk toe op de literaire non-fictie. Dat leverde titels op als 'De graanrepubliek','El negro en ik' en 'Stikvallei'. Van zijn boeken verschenen meer dan veertig vertalingen in zestien talen.

Wie is Frank Westerman?

Het nieuwe boek van Frank Westerman, waarin hij beproeft of het woord iets kan uitrichten tegen terroristisch geweld, is al een heel eind op gang als de schrijver haast terloops vertelt over zijn contact met een voortvluchtige terroriste van de Rote Armee Faktion. Westerman ontmoette haar in 1985 op Cuba, waar hij zich - twintig jaar oud - had gemeld als vrijwilliger bij de internationale Brigade José Martí.

Nee, vechten hoefde Westerman niet. De daad bij het woord - waar Harry Mulisch met revolutionair elan toe had opgeroepen - bleef beperkt tot guaves plukken en kruiwagens sjouwen. Maar toen Margit Schiller, de RAF-guerrillera, hem bij zijn vertrek vroeg twee enveloppen mee te nemen en die in Europa op de post te doen - brieven aan haar kameraden van de gewapende strijd - voldeed Westerman gewillig aan haar verzoek. Pas veel later zou hij wroeging krijgen.

Het roept de vraag op hoe dicht deze hervormd opgegroeide jongen uit Assen, aangestoken door het linkse idealisme van de jaren zeventig, in de buurt kwam van het politieke geweld - een vraag die hij zichzelf ook stelt als hij in zijn boek ('Een woord een woord') in de geschiedenis duikt van zijn Molukse buurtgenoten, jongens die wél naar het geweer grepen.

Met de actualiteit van het hedendaagse islamitische terrorisme permanent op de achtergrond, plaatst hij de Molukse acties - én de reactie van de overheid daarop - tegenover wat hij in Rusland meemaakte toen hij daar correspondent was: de aanslagen door Tsjetsjenen en de reactie van Poetin. "Als je doeltreffend wil optreden, zul je je moeten verplaatsen in de positie van de dader," zegt hij in zijn huis in de Amsterdamse Jordaan.

undefined

Geschoffeerd

"Stel dat ik in de schoenen had gestaan van Abé Sahetapy, de man die later dichter is geworden, maar die op 2 december 1975 de trein vanuit Assen nam en om 7 minuten over tien bij Beilen aan de noodrem trok om de eerste treinkaping uit de geschiedenis in werking te stellen. Had ik net zover kunnen gaan? Als ik zijn achtergrond had gehad? Ik denk het wel."

Zijn dan alleen de omstandigheden bepalend voor de keuzes die een mens maakt? Voor wie zich beperkt tot politiek activisme en wie kiest voor het geweer? Die filosofische kwestie, terug te voeren tot de discussie over 'nature' versus 'nurture', 'aanleg' versus 'opvoeding', laat Westerman liever rusten. "Uiteindelijk kom ik er niet uit, omdat het onmogelijk is te zeggen hoe ik zou hebben gehandeld als ik iemand anders was geweest."

Maar laat het volgende eens tot je doordringen, zegt Westerman: Abé Sahetapy werd geboren in Westerbork, Durchgangslager Westerbork, als zoon van een ontslagen Knil-militair, daar gedumpt na te zijn geschoffeerd door de Nederlandse overheid. Terwijl hij, zoals alle Knil'ers, loyaal was aan Nederland, aan het koningshuis, aan Oranje. De afgedankte militairen zelf waren te gezagsgetrouw om in opstand te komen, maar hun kinderen zijn uit een ander hout gesneden: ze zien het leed van hun ouders, protesteren tegen hun lot, maar niets helpt, wat ze ook proberen, inclusief een bezetting van het eilandje in de Hofvijver, alsof het Ambon was. Hun held, verzetsstrijder Chris Soumokil, wordt geëxecuteerd in Indonesië. Desondanks ontvangt de koningin de Indonesische president hier op staatsbezoek. Hoe verwonderlijk is het dat de tweede generatie Molukkers grijpt naar geweld?

undefined

Onderhandelaar

"Had ik, als zijn geschiedenis de mijne was geweest, een Abé Sahetapy kunnen zijn? Of had ik geweld als politiek instrument afgewezen? Dat laatste kan ik moeilijk beweren, want ik liep tijdens mijn studie in Wageningen wel te collecteren voor de Midden-Amerika-Werkgroep. Kon het verzet in El Salvador daar wapens voor kopen? Ja. Stonden wij daarachter? Ja."

Het is het verhaal, 'de bijsluiter', zegt Westerman, dat de terrorist onderscheidt van de gewone crimineel, en met dat verhaal bevindt de terrorist zich gedeeltelijk in hetzelfde gebied als de schrijver: dat van het woord. Westerman citeert de Amerikaanse schrijver Don DeLillo, die zegt dat beiden, terrorist en schrijver, 'aanvallen uitvoeren op het menselijk bewustzijn' om 'het innerlijke leven van een cultuur te veranderen'.

Het is ook via het verhaal, zo laat Westerman zien in zijn boek, dat terroristen bestreden moeten worden, met tegenaanvallen op hún menselijk bewustzijn. Niet exclusief - bij terroristische acties is gewapend politie- en legeroptreden niet zelden geboden - maar wel als onmisbaar element, zowel bij directe onderhandelingen met gijzelnemers bijvoorbeeld, als bij de lange termijn aanpak die zich richt op de voedingsbodem van het terrorisme.

"We hebben in Nederland - ik wist het niet - een School voor Gevaar- en Crisisbeheersing. En wat kunnen we? We kunnen bijvoorbeeld, sinds de jaren zeventig, práten met terroristen. Dat is niet het enige antwoord, maar we kunnen het. We hebben pepperspray, handboeien, dienstwapens, arrestatieteams, het leger, maar ook de operationeel onderhandelaar. Iemand die naar voren stapt en gaat praten."

Om dat met succes te kunnen doen, moet de onderhandelaar beseffen dat de terrorist zichzelf ziet als een zeer moreel handelend persoon. Er zitten psychopaten tussen en losers die op zoek zijn naar hun anderhalve minuut van wereldroem, maar de doorsnee terrorist, zegt Westerman, gelooft dat hij altruïstisch bezig is. "Ik moet iets overwinnen om het te zeggen, maar de terrorist ziet de aanslag, de ontvoering of de onthoofding als een altruïstische daad. Natuurlijk, ik wil terugroepen: je bent een monster. Ik was blij toen ik hoorde dat IS-beul 'Jihadi John' door een drone was gedood. Maar als je niet in staat bent je te verplaatsen in zijn ideologie, hoe verwerpelijk die ook is, dan hindert je dat in de strijd."

Het is daarom verstandig, zegt Westerman, je te realiseren dat de terreur van vandaag geen uniek verschijnsel is - en niet alleen omdat het terrorisme van de jaren zeventig, inclusief dat van de Molukkers, eraan vooraf is gegaan. Het gaat veel verder terug. Zelf was Westerman ontsteld toen hij zag hoe IS-strijders met voorhamers de antieke beelden van Nineve te lijf gingen, maar was er in de protestantse traditie waarin hij is opgevoed ook niet sprake van een Beeldenstorm? Zijn de christenen niet ooit ter kruistocht getrokken? Bevat de Bijbel niet het verhaal van de zelfmoord-aanslag door Samsom? Volgden op de Franse Revolutie niet de terreur en de grande terreur? De guillotine raakte zelfs oververhit.

"Toch is uit al die ellende iets goeds voortgekomen. Namelijk dat je het elkaar gunt het oneens te zijn. Dat je kunt geloven of niet-geloven, dat je kunt veranderen van geloof of kunt twijfelen. Dat je niet vervolgd wordt wegens een droom, uitspraak of spotprent, een belijdenis, getuigenis of vloek. Dat is wat wordt aangevallen, dat is wat op het spel staat. In dat duel hebben wij uiteindelijk het betere verhaal."

Er zijn in het boek momenten - bijvoorbeeld als hij, een pen omhoog houdend, staat te demonstreren tegen de aanslag op Charlie Hebdo - dat Westerman zich afvraagt of de woord wel machtiger is dan het zwaard. Is dit eigenlijk wel meer dan een krachteloze bezwering? Tegenover een kalasjnikov richt de pen weinig uit, en als een terrorist overmeesterd of uitgeschakeld kan worden voordat hij begint te schieten, dan is dat goed nieuws. Maar uit het terrorisme dat hij van dichtbij heeft gezien - op fietsafstand in Drenthe, vlak bij zijn appartement in Moskou - heeft Westerman toch de les getrokken dat het woord krachtig is, en onder het begrip 'woord' vangt hij dan alles wat niet 'zwaard' is.

undefined

Gezamenlijk verhaal

Het Rusland van Poetin kent alleen de sterke hand, de Tsjetjeense hoofdstad Grozny werd plat gebombardeerd. Maar daarmee werden nieuwe aanslagen niet voorkomen. Het leger 'bevrijdde' het gegijzelde Doebrovka-theater in Moskou, maar vergaste daarbij 128 burgers. "Poetin beroept zich op het prestige van de staat. In Nederland bestaat het prestige uit praten," zegt Westerman.

Het geweld van de Molukse jongeren leidde ertoe dat de overheid het gesprek opende met de Molukse gemeenschap - in zekere zin te laat, en misschien niet van harte, maar toch: het bleef niet bij de legerbestorming van de trein bij De Punt, er volgde een programma van toenadering. Westerman somt op: Molukkers die geweld afzwoeren, mochten op kosten van de staat een bezoek brengen aan Ambon, om te ervaren dat het RMS-ideaal daar niet meer leeft. De regering erkende het recht van de Molukkers in Nederland op 'een eigen identiteit'. Knil-militairen kregen een eremedaille en een oorlogspensioentje. Er kwam een banenplan voor werkloze Molukkers.

"In het centrum van Utrecht, in het Moluks Historisch Museum, werd de doorzeefde leren jas van treinkaper Max Papilaya getoond. Niet triomfantelijk, maar als deel van ons gezamenlijke verhaal. Dat is uniek. Welk land durft zoiets aan? Het zwaard kan niet zonder de pen. Als je het woord weglaat en de dialoog niet aangaat, ga je lijken op degene die je bestrijdt."

Frank Westerman, Een woord een woord

Bezige Bij, 19,90 euro

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden