’Het zijn vaak geen lieverdjes’

In Amsterdam leven naar schatting duizend alleenstaande ouderen in dusdanig verwaarloosde omstandigheden dat het voor hen levensbedreigend is. Ze blijven onopgemerkt, tot hun naam in een klein berichtje in de krant staat. „Mensen die al tijden niet meer de deur uit komen en leven op koekjes en limonade.”

De zorgwekkende leefomstandigheden waarin mevrouw Westhof (82) verkeerde werden per toeval ontdekt. Er viel ongedierte bij de onderburen op de eettafel. Een gewaarschuwde medewerker van de Amsterdamse GGD vond een dode kat.

Mevrouw Westhof beaamt dat ze het beestje al een tijd kwijt was. Haar woning staat boordevol met stapels papier en pakketjes. Als ze naar het toilet moet is ze eerst tien minuten zoet om alle spullen voor de pot weg te halen.

Mevrouw Westhof woont tweehoog, maar de trap is ze al bijna een jaar niet af geweest. „Het gaat niet”, zegt ze. Ze beweert dat ze een kwikvergiftiging heeft opgelopen. Daarom is haar rug zo slap als een graatloze vis.

Steunend op haar handen zoekt ze traag haar weg naar haar bank, die ook dienst doet als slaapplaats. Veel plek is er niet, want de helft van het zitmeubel wordt in beslag genomen door stapels papier. „Ik had wel eerder hulp willen vragen, maar uiteindelijk dacht ik steeds „Ach, het gaat nog wel”, zegt mevrouw Westhof.

„Als maatschappelijk werkster heeft ze haar hele leven anderen geholpen, maar zelf wilde ze niemand tot last zijn”, zegt Marjolein Moolenaar, medewerker van het Leger des Heils, die haar sinds kort helpt.

Volgens recente cijfers van het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn (NIZW) leven 150.000 alleenstaande ouderen verwaarloosd en krijgen ze onvoldoende hulp.

Lichamelijke ongemakken als verslechterende zintuigen en verminderde mobiliteit hebben hen teruggedreven in de microkosmos van hun woning. Velen komen de deur niet meer uit en hebben zich daarmee onzichtbaar gemaakt. Met name in de grote steden komt deze ’stille verwaarlozing’ veel voor.

„Angst om te vallen is onder ouderen enorm. Dat is een veelgenoemde reden om niet meer naar buiten te gaan”, zegt Karel Kamperman, ouderenarts bij de instelling voor geestelijke gezondsheidszorg (GGZ), Mentrum, in Amsterdam. „Van de ouderen die hun heup breken komt 50 procent binnen een jaar te overlijden.”

Een aanzienlijk aantal ouderen krijgt te kampen met geestelijke problemen als dementie (5 procent) en depressie (15 procent). Die depressies houden vaak verband met levensfaseproblematiek, het verlies van een partner of langdurige eenzaamheid. Deze geestesziekten maken apathisch en werken ontregelend.

„Daarnaast kampen veel ouderen met geheugenproblemen”, zegt Kamperman. „Ze zijn angstig om dement te worden, angstig om voor gek versleten te worden. Als ze vergeetachtig worden raken ze hun spullen kwijt, en dan zie je zo iemand vaak achterdochtig worden.”

Mevrouw Bakker (84) doet voor niemand open. Behalve voor haar broer, maar alleen als hij zich van tevoren schriftelijk aanmeldt. Haar broer heeft nu de huisarts binnengelaten. Mevrouw Bakker trekt een stuurs gezicht. Ze wil al die bemoeienis niet. Ze is slechthorend en kan het gesprek nauwelijks volgen. Haar gehoorapparaat is kwijt. „Iemand heeft het gepikt”, zegt ze pinnig.

De verwaarlozing is goed aan haar af te zien: het haar in een grote klittenbol, kleren vol gaten. Als ze op verzoek van de huisarts haar voeten ontbloot kun je haar nagels zien. Net centimeterslange houtkrullen. Ze heeft al tijden niet gedoucht. „De geiser is kapot”, zegt ze.

Het grootste deel van de dag brengt ze in haar bed door, half slapend. Koken doet ze ook niet. Mevrouw Bakker leeft op water en brood.

Bij onderzoek van haar bloed worden ernstige vitamine- en voedingstekorten geconstateerd. De huisarts dient haar acuut enkele vitamineinjecties toe. „Geld heeft ze wel”, zegt haar broer, „maar ze is ontzettend gierig.”

„Veel ouderen hebben een potje voor moeilijke tijden, maar ze vergeten dat die moeilijke tijden allang zijn aangebroken”, zegt Kamperman. „Ze maken een onjuiste inschatting van hun situatie. Vaak hebben ze zo zuinig geleefd dat je bij wijze van spreken een gouden kist voor ze kunt bestellen.”

Kamperman schat dat er in Amsterdam een kleine duizend ouderen verwaarloosd leven. „Dat gaat om ernstige verwaarlozing, die soms levensbedreigend is. Sommige ouderen leven van koekjes en limonade. Hun gezondheid dendert achteruit.”

Piet Laan, sociaal-psychiatrisch verpleegkundige bij GGZ ouderenzorg in Amsterdam, komt bij huisbezoeken geregeld in aanraking met zorgwekkende ouderen. „Oude mensen leven in een wankel evenwicht. Ze hebben minder reserves. Te weinig eten kan hun denkvermogen beïnvloeden. Maar ook door een lichamelijke kwaal als een blaasontsteking kan zo iemand helemaal in de war raken. ’Die is gek geworden’ wordt er dan gezegd, of iemand wordt ’acuut dement’ genoemd. Maar wat je ziet is dat, als je die blaasontsteking behandelt, die mensen weer ontzettend kunnen opknappen.”

De huisarts van mevrouw Bakker zorgt dat ze maaltijden aan huis ontvangt. Ze moet alleen nog de deurbel horen, én open doen.

„Sommige ouderen vertrouwen het niet, denken dat ze vergiftigd worden als zo’n maaltijd komt. Die gooien het weg”, zegt Kamperman. „Soms moet je spreken van een onverklaarbare achterdocht, als gevolg van een ouderdomspsychose. Vreemden zijn dan meteen eng, en zeker ook een dokter of een andere hulpverlener. Angstige ouderen die verpieteren in hun eigen woning, dat is een groep waar we ons ernstige zorgen om maken.”

Laan benadrukt dat een deel van de ouderen ook bijzonder hecht aan het behoud van zijn autonomie en niet vanuit achterdocht of angst handelt. „Het zelf willen doen is een heel krachtige wens.”

Van de groep verwaarloosde en teruggetrokken levende ouderen was een deel gedurende hun jongere leven al een buitenbeentje. Mensen die lang bij hun ouders bleven wonen, angstige mensen, mensen met een verstandelijke beperking of een psychiatrische stoornis.

„Wat je vaak ziet is dat ze geen contact meer met de familie hebben. Het eerste wat er dan gezegd wordt is: ’die familie moet zich meer om die persoon bekommeren’, maar die verwijdering is niet voor niets ontstaan. Het zijn vaak geen lieverdjes, deze mensen”, zegt Laan.

Juist deze groep komt op latere leeftijd in de problemen, wanneer ze wel hulpbehoevend worden.

„Mensen die altijd een normaal leven hebben geleid en goede sociale vaardigheden hadden, die accepteren ook makkelijker zorg als ze eenmaal dement zijn. Het gaat vaak niet goed bij mensen die al wat anders waren”, aldus Laan.

Mevrouw Adelaars (78) werd in haar ernstig vervuilde woning ontdekt door een medewerker van de woningbouw, die haar bezocht in verband met een aanstaande renovatie.

Sinds het overlijden van haar moeder, ’een tijdje terug’, woont ze alleen. Een nauwkeurigere tijdsaanduiding kan ze niet geven.

Haar kachel is kapot, zodat ze de meeste tijd doorbrengt naast de brandende pitten van haar gasstel. Zelf ziet mevrouw Adelaars de ernst van haar situatie niet in. „Je moet niet kleinzerig zijn”, vindt ze.

Ze benadrukt dat ze nog goed bij is. „Ik lees de krant en ga nog elke dag de straat op.”

Op de vraag wat ze op straat gaat doen geeft ze een vaag antwoord. „Gewoon de stad in.” Meestal in de namiddag. Laat in de avond komt ze weer thuis.

Hulpverleners hebben haar een paar keer aangetroffen, zwervend over het Museumplein. Dat is een plek waar ze vroeger veel kwam, als ze het Concertgebouw of het Stedelijk Museum bezocht. „Ik hou erg van kunst”, zegt mevrouw Adelaars.

„Dat zwerfgedrag is kenmerkend voor demente mensen. Sundowning, in vaktermen. Als de zon ondergaat worden ze onrustig, dan willen ze naar buiten. Vaak zie je ook dat ze hun dag- en nachtritme verliezen. Worden ze midden in de nacht met hun boodschappentas op straat gevonden door de politie”, zegt Kamperman.

Het geheugen van de alleenwonende meneer Vink (75) is door alcoholmisbruik en de ziekte van Alzheimer ernstig aangetast. Hij is ook zeer slecht ter been. Onlangs is zijn scootmobiel voor zijn deur gestolen. Sinds die tijd doet hij voor zijn boodschappen een beroep op vage bekenden uit de buurt. Er werden op zijn naam meerdere mobiele telefoonabonnementen afgesloten. Er kwam een auto op zijn naam te staan en er verdween geld van zijn bankrekening. Feiten die pas tot meneer Vink doordrongen toen hij bezoek kreeg van de deurwaarder. Deze schakelde de wijkagent in.

Sociaal geïsoleerde ouderen als mevrouw Adelaars en meneer Vink leefden jarenlang onder erbarmelijke omstandigheden.

Meestal moet er eerst een incident zijn geweest – rook, gaslucht of ongedierte – voordat ze worden opgemerkt door de buren, de wijkagent of de huisarts. Sommige mensen accepteren hulp, anderen blijven categorisch weigeren.

„Soms hebben ze meer zorg nodig dan ze willen toelaten. We vertellen dat het niet ons advies is, maar dat we de keuze respecteren”, zegt Kamperman. „We hebben duidelijk oog voor iemand die thuis wil blijven, die er de voorkeur aan geeft om prettige zorg te ontvangen in plaats van optimale zorg. Zo iemand kiest voor kwaliteit van leven en niet voor kwantiteit. Dat is een essentieel verschil.”

Het is de vraag of het nog steeds een vrije keuze betreft als mensen vervuild en ondervoed in een overvolle woning leven. In ’Verwaarlozing bij ouderen’ stellen onderzoekers van het Trimbos-instituut dat bij ouderen die zichzelf verwaarlozen vrijwel nooit sprake is van een vrije keuze.

„In sommige gevallen wordt besloten om iemand tegen zijn of haar wil te laten opnemen. Dit kan wanneer er sprake is van een gevaarlijke situatie voor de betrokkene zelf, of voor diens omgeving”, zegt Kamperman. Dan wordt een juridische procedure gestart en krijgt de betrokkene een advocaat toegewezen. „Uiteindelijk komt er een hele stoet mensen om de woning van de oudere te bekijken: de advocaat, de rechter, de betrokken hulpverleners, een psychiater. Die moeten inschatten in hoeverre de situatie onhoudbaar is.”

Laan en Kamperman benadrukken dat ze grote moeite hebben met gedwongen opnames. Ze hebben het meerdere keren van dichtbij meegemaakt. „Het leidt vaak tot dramatische taferelen. Je moet dan wel zeker weten dat dit de beste optie is”, zegt Laan. „Laatst werd een bejaarde vrouw gillend uit haar huis gehaald door een paar stevige ambulancebroeders. Dit betrof een demente vrouw die vergat te eten, allemaal troep uit haar raam op straat gooide, ging zwerven. Dat was echt onhoudbaar”, zegt Laan.

„In de ons omringende landen is men eerder geneigd iemand medicatie te geven, ook tegen diens wil. Daar komen die gedwongen opnames veel minder voor”, zegt Kamperman. „Vaak zijn mensen al geholpen bij een heel lage dosering van antidepressiva of antipsychotica. Daardoor worden de mensen wat milder, zijn ze minder angstig en accepteren ze wel zorg. Liever gedwongen behandeling dan gedwongen vrijheidsbeperking”, vindt Kamperman.

Een week na het bezoek aan mevrouw Westhof vindt de medewerkster van het Leger des Heils haar op de grond achter haar voordeur. Daar ligt ze al twee dagen, omdat ze niet overeind kan komen. „Ik wist dat jij vandaag zou komen”, zegt mevrouw Westhof. „Ik hoopte maar dat je niet zou afbellen.”

Met behulp van de brandweer en ambulancepersoneel wordt de ondervoede vrouw uit haar woning gehaald.

De namen van de betrokken ouderen zijn gefingeerd.

Paul Teunissen is hulpverlener en auteur van het boek ’Extreme Overlast’ (L.J. Veen), dat volgende week verschijnt. Het bevat portretten van grootstedelijke ’probleemgevallen’ en hun hulpverleners.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden