Het zeewater sijpelt door de dijk bij Jakarta

Je kunt er haast de klok op gelijkzetten: half januari, in de regentijd, staan grote delen van Jakarta blank. De waterbouwkundige problemen van Jakarta zijn enorm. Nederlandse ingenieurs hopen dat hun 'Great Garuda'-plan de stad in elk geval tot het eind van deze eeuw droge voeten kan geven.

Anderhalf vingerkootje, geeft een inwoner van Noord-Jakarta met een bezorgd gezicht aan. Die drie à vier centimeter tot de kruin van de dijk was alle speling die de wijk Pluit vlak voor de jaarwisseling nog had voor deze zou worden overspoeld door de zee. Als een geboren en getogen Zeeuw brak me ondanks de tropische hitte, bij deze gedachte alleen al het klamme zweet uit.

"Het huidige Jakarta kraakt in z'n voegen", zegt Victor Coenen, vestigingshoofd in Jakarta van het Nederlands ingenieursbureau Witteveen+Bos. Bij de zeedijk die de Indonesische hoofdstad droog moet houden mag je zijn woorden letterlijk nemen. Door scheuren in het beton sijpelt zeewater. Ga bovenop de betonnen dijk staan en je ziet dat deze bol staat door de druk van het water. Wie een beetje notie heeft van de kracht van water, begrijpt dat deze dijk elk moment kan bezwijken. Honderdduizend inwoners van de Indonesische hoofdstad hebben dan natte voeten, of erger.

Jakarta heeft een gigantisch waterbouwkundig probleem. Een 'uitdaging', noemen ingenieurs het liever, want zij zien wel degelijk oplossingen. Niet alleen het zeewater dat bijna over de dijk stroomt bedreigt de stad, een hele keten van waterbouwkundige hoofdpijndossiers moet worden aangepakt. En snel een beetje, want Jakarta zinkt in hoog tempo: gemiddeld 7,5 centimeter per jaar, maar op sommige plekken hier in het noorden van de stad daalt de bodem elk jaar zo'n 25 centimeter.

Ongeveer vierhonderd jaar nadat de VOC in het moerassige sultanaat Banten neerstreek, is Jakarta een drassige metropool met 28 miljoen inwoners. Al die mensen, van de rijksten in hun penthouses tot de armsten in hun krotten, leggen een enorme druk op de omgeving. Water, de eerste levensbehoefte, betrekken zij vooral door grondwater op te pompen. Het gevolg: verzakking. Ondertussen treden de rivieren rond Jakarta geregeld buiten hun oevers, mede omdat ze verstopt raken doordat bewoners hun afval achteloos in het water gooien. Achterstallig onderhoud aan het drainagesysteem helpt ook al niet. En dan is er nog de zee die bijna over de dijk klotst.

Problemen genoeg om moedeloos de handen ten hemel te heffen en te smeken om een oplossing. Nederlandse waterbouwers steken echter liever de handen uit de mouwen.

Indonesische Afsluitdijk

In 2012 vormden de ingenieurs van Witteveen+Bos, Grontmij, onderzoeksinstituut Deltares en andere Nederlandse waterbouwkundige bedrijven een consortium dat een masterplan ontwikkelde dat Jakarta tot ongeveer de volgende eeuwwisseling droge voeten moet geven. "Jakarta is inmiddels een grote polder geworden, wij hebben een voorstel gemaakt om die polder robuuster te maken", aldus Coenen.

In zijn kantoor - hoog en droog op de vijfde verdieping in het zuiden van de stad - legt Coenen de contouren van het plan uit. Een nieuwe zeedijk, drie tot vijf meter hoger dan de huidige, komt kilometers ver de zee in, zodat de baai van Jakarta afgesloten raakt: een soort Afsluitdijk. Die baai verandert dan in een groot buitengaats pompmeer, een reservoir dat het water opvangt van de dertien rivieren rond Jakarta die uitmonden in de baai. "Zo'n enorm reservoir is nodig omdat de rivieren vroeger vrij naar zee stroomden. Nu het land zakt kan dat niet meer. Het zeewater staat hoger dan veel rivieren. Je moet dus gaan pompen zoals in een polder", legt Coenen uit. "In de regentijd valt hier echter zoveel water in korte tijd naar beneden, dat kan je niet meteen wegpompen, je móet dat water eerst tijdelijk opslaan. En daar is dat enorme meer voor."

Normaal gesproken liggen die opvangbassins op land, maar door de enorme bevolkingsdruk heeft Jakarta daar geen ruimte meer voor. Veel oude waduks (wateropslagmeren) in de stad zijn bebouwd of veranderd in afvalhopen. Met die beperking in het achterhoofd kreeg het masterplan vorm: de baai van Jakarta gaat dicht en verandert in een grote rivierwateropslag. De nieuwe, hogere zeedijk die de baai afsluit moet de stad - die al een paar meter onder zeeniveau ligt - tegen de zee beschermen. In en rond Jakarta moeten rivierdijken worden verstevigd, om ook daar het overstromingsgevaar te beperken. Als dan ook nog eens de vervuiling van de rivieren wordt aangepakt is het op de lange termijn misschien mogelijk drinkwater te betrekken uit de afgesloten baai.

Garoeda-vogel

In een stad waar om land soms letterlijk wordt gevochten, is de nieuwe zeedijk niet alleen een kostbare manier om droge voeten te houden, het biedt volgens de Nederlanders ook kansen voor bebouwing. Coenen: "Tijdens een vergadering zat stedenbouwkundige Gijs van den Boomen van Kuiper Compagnons, tot lichte ergernis van de ingenieurs, voortdurend met zijn pen op een kaart. Hij volgde de halfronde contouren van de baai en de curve van de zeedijk. Plots zag hij in die vorm de vleugels van een vogel en vroeg of er in Indonesië niet toevallig een bijzondere vogel is. Het bleek een briljante ingeving." De mythische Garoeda-vogel - half mens, half adelaar - is hét nationale symbool van Indonesië.

Zo zag het 'Great Garuda'-masterplan het levenslicht: een bouwlocatie van 1250 hectare vastgeklonken aan de nieuwe buitengaatse zeedijk van Jakarta. Het mes snijdt aan twee kanten. In de eerste plaats was er een iconische naam die past bij dit megaproject, aan de andere kant was er nu een idee dat belangstelling kon wekken van projectontwikkelaars. Ruimte voor woningen en bedrijven op de 'Great Garuda' is een manier om de aanlegkosten (dertig à veertig miljard euro) terug te verdienen.

Gevoelige relatie

Toch zorgde het idee voor twijfel bij het Nederlands consortium. "We hebben geaarzeld of we dat als Nederlanders wel konden doen. De Garoeda is toch het nationaal symbool van Indonesië en de relatie met Nederland is soms nog gevoelig. Als Duitsers met een plan zouden komen om een Nederlandse leeuw voor Scheveningen te leggen zou dat ook moeilijk liggen", lacht Coenen. "Maar de Indonesiërs waren eigenlijk meteen enthousiast."

Het complexe miljardenidee dat de Nederlanders voorstellen, is dat wel haalbaar voor Indonesië? Coenen denkt van wel. De economische vooruitzichten voor het land zijn positief en als de aanleg vakkundig gebeurt is het langetermijnonderhoud technisch niet zo ingewikkeld. Meer zorgen heeft hij over de bestuurlijke en politieke kant van de zaak. "De contracten voor dit soort megaprojecten zijn complex. Je moet fors investeren in juridische en contractuele kennis om de lange termijnfinanciering goed rond te krijgen. Dat is men hier niet gewend", zegt Victor Coenen. "Daarnaast moeten verschillende ministeries goed samenwerken, die communicatie loopt vaak moeizaam. We dringen er daarom op aan dat een speciaal overheidsorgaan wordt opgericht om de besluitvorming en uitvoering te coördineren."

Noodzaak tot actie

Of het project ook inderdaad uitgevoerd gaat worden is nog onzeker. De Nederlanders hopen binnen twee tot drie jaar op een definitief akkoord. De politiek is doordrongen van de noodzaak tot actie en de nieuwe gouverneur van Jakarta en de pasgekozen president Jokowi staan te boek als aanpakkers.

Jaarlijks staan in deze tijd, half januari, de straten van Jakarta blank door rivieren die de regenval niet kunnen verwerken. Een cruciaal moment kwam in 2007 toen voor het eerst in lange tijd de zeedijk doorbrak, dat was een 'wakeup-call' voor beleidsmakers, volgens Coenen.

En zelfs als er een definitief 'ja' komt voor het plan is het nog de vraag of het Nederlands consortium de hoofduitvoerder wordt. Er zijn kapers op de kust, weet Coenen. Waterbouwbedrijven uit onder meer Zuid-Korea en China willen deze beeldbepalende klus graag binnenslepen en krijgen daarbij volop steun van de eigen overheid, die de Indonesiërs bijvoorbeeld leningen met zachte voorwaarden in het vooruitzicht stelt. "Nederland is daar terughoudender in", zegt hij. Niettemin komt de financiering voor het eerste projectontwerp van het Nederlands consortium uit Den Haag.

Of het project nu wel of niet wordt uitgevoerd, duidelijk is dat de armste inwoners van de stad de zwaarste lasten dragen van de waterbouwkundige problemen. Dure kantoren en flats in het noorden van Jakarta, dichtbij zee, zijn uit voorzorg gebouwd op heuveltjes, hedendaagse terpen, als verdediging tegen het onvoorspelbare water. Arme inwoners kunnen zich dat onmogelijk permitteren. Zonder waterleiding moeten zij ook elke dag hun drinkwater versjouwen in jerrycans en watertonnen.

De armen gaan ook als eersten de gevolgen merken wanneer de 'Great Garuda' wordt aangelegd. Een deel van de wijk Pluit zal verplaatst moeten worden. De bevolking, veelal vissers, vrezen de verandering van de waterhuishouding. Als hun oude vertrouwde aangrenzende baai een groot pompmeer van brak water wordt, raakt hun inkomstenbron aangetast.

Volgens Coenen beseffen de Nederlanders hoe sociaal ingrijpend het plan is. Het is een van de redenen waarom de besluitvorming zo traag verloopt. De Indonesische overheid wil de handen niet branden aan een mogelijk oproer.

Maatregelen om de pijn voor de armen te verzachten zijn dus in het plan opgenomen, zoals een sluis om van het pompmeer naar zee te komen voor de vissers, vertelt Coenen.

En precies bij dat sociale aspect komt toch weer het Nederlandse om de hoek kijken. "We moeten borgen dat niet alle lasten van het project op de armsten worden afgewenteld", zegt Coenen. Dat lijkt misschien een verantwoordelijkheid van de lokale overheid, maar de bal ligt ook bij de bedenkers, vindt hij.

"Als je als Nederland bij dit project betrokken wilt zijn, wil je niet de naam opbouwen dat je hebt meegeholpen aan sociale vernietiging."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden