Het wordt een beslissend jaar voor Rutte III

Beeld Studio Vonq

Het kabinet begint aan 2019 in de wetenschap dat dit jaar daadkracht wordt verwacht. Het is tijd om te regeren.

In de bossen van Lunteren kwam de ChristenUnie vorig jaar juni met enige trots bijeen voor een congres. De partij regeert weer. Leider Gert-Jan Segers vertelde de achterban dat de ministers en staatssecretarissen, net een half jaar op gang, hun taak vol enthousiasme hadden opgepakt. Hij zag vooral ‘hardwerkende bewindslieden’. Over de ‘dadendrang’ van Rutte III bestond bij hem geen zorgen.

Zeven maanden later dringt zich de vraag op wat die dadendrang precies oplevert. Het kabinet heeft na ruim een jaar regeren nog amper aansprekende resultaten geboekt. Zeker, de koopkrachtcijfers voor de burgers zien er florissant uit. Maar een kabinet wil niet de geschiedenisboeken ingaan als een machteloze ploeg die vooral bekend stond om 1,6 procent koopkrachtwinst.

Het profiel van Rutte III is bleek. 2018 was vooral het jaar van het debacle rond de dividendbelasting en het mislukken van het pensioenakkoord. De tijd dringt. Nog zo’n jaar kan het derde kabinet onder leiding van Mark Rutte zich niet permitteren. Maar de vooruitzichten stemmen niet bepaald vrolijk. Al in maart doemt een lastige hobbel op, de verkiezingen voor de Provinciale Staten. Die resulteren in mei in een nieuwe Eerste Kamer, waar de meerderheid voor het kabinet op het spel staat.

Open armen

Een slechte uitslag voor de coalitie hoeft geen probleem te zijn. Rutte is een meester in het werken met wisselende meerderheden, dat heeft hij de afgelopen acht jaar herhaaldelijk bewezen. Ook dit keer zal hij de leiders van de oppositie met open armen ontvangen in het Torentje, of op de achterbank van zijn dienstauto. Jesse Klaver, Lodewijk Asscher, Kees van der Staaij en wellicht ook anderen kunnen een uitnodiging verwachten.

Een minderheid in de senaat betekent wel dat het nog lastiger wordt voor het kabinet om wat kleur op de wangen te krijgen. Grote besluiten vragen meestal om wetgeving, waardoor ook de Eerste Kamer er haar zegen aan moet geven. Het sluiten van een klimaatakkoord bijvoorbeeld zal voor deze coalitie, met vier zo verschillende partijen, al een enorme opgave zijn. Daarna moet Rutte nog steun zoeken bij een deel van de oppositie om wetten die voortvloeien uit dit akkoord door het parlement te kunnen loodsen.

Wat regeren voor dit kabinet extra moeilijk dreigt te maken, is dat oppositiepartijen best willen nadenken over steun voor verschillende plannen, maar daar wisselgeld voor zullen vragen, vermoedelijk ook op andere terreinen. Dat GroenLinks bijvoorbeeld een pensioenvoorstel steunt, op voorwaarde dat er een andere klimaatplan komt. Of andersom.

De premier maakt zich overigens geen zorgen over de naderende verkiezingen. Hij gaat de hobbel met het hem kenmerkende enthousiasme tegemoet.

Wat wordt in 2019 van het kabinet verwacht?

Geef Lelystad duidelijkheid

Alle berichtgeving ten spijt is ‘vliegschaamte’ een vrij betrekkelijk fenomeen. Althans, Nederlanders laten gêne over CO2-uitstoot nog niet meewegen in de eigen vakantieplannen.

Het aantal passagiers op Schiphol groeide in 2018 met 3,7 procent, het aantal starts en landingen met een half procent naar een recordaantal van 499.446. Daarmee is Schiphol 554 vluchten verwijderd van het afgesproken plafond van een half miljoen ‘vliegbewegingen’.

Vanwege toenemende weerstand tegen lawaaiige en vervuilende vliegtuigen, moet Schiphol ontlast worden. Daarover is iedereen het eens. Een deel van de oplossing ligt enkele tientallen kilometers verderop: Lelystad Airport. Dat vliegveld moet vakantievluchten gaan huisvesten. Maar Lelystad wordt hoe langer hoe meer een hoofdpijndossier.

Wat is het probleem?

De opening is al tweemaal uitgesteld en een derde uitstel hangt in de lucht, nu de Europese Commissie het kabinet verbiedt om zelf te beslissen welke maatschappijen overgaan naar Lelystad. Binnen de coalitie hebben D66 en ChristenUnie toenemende moeite met de onstuitbare groei van het vliegverkeer. Daarbij komt dat vliegveld Lelystad tot protesten leidt in Gelderland en Overijssel. Dat was voor het CDA reden om eind vorig jaar ook eisen te stellen aan Lelystad: van fractievoorzitter Buma mag dat vliegveld géén vluchten aantrekken die niet nu al op Schiphol landen. Alleen voor coalitiepartij VVD is ‘autonome groei’ van Lelystad bespreekbaar. Minister Cora van Nieuwenhuizen staat voor een onmogelijke opdracht: zij is gebonden aan wat de coalitie wil, maar die politieke wensen staan haaks op de Brusselse concurrentieregels.

Red het klimaatakkoord

Vlak voor het reces lag het er dan toch: het ‘ontwerp van het klimaatakkoord’. Op 227 pagina’s staat beschreven hoe Nederland tot 2030 de CO2-uitstoot met bijna de helft terug kan brengen. Het kostte de dik honderd onderhandelaars bloed, zweet en tranen, en het lukte voorzitter Ed Nijpels niet om alle kikkers in de emmer te houden. Een dag voor het einde stapte de milieubeweging uit de onderhandelingen. De milieuclubs, waaronder GreenPeace en Milieudefensie, spraken van een ‘vaalgroen akkoord dat geen structureel antwoord biedt op klimaatverandering’.

Daarmee was de glans van het conceptakkoord. Bovendien was de ontvangst van het maatregelenpakket de daaropvolgende dagen verre van enthousiast. De Telegraaf kopte: ‘Klimaatkassa: VVD en CDA losgeslagen van achterban’. Ook de milieuclubs kwamen opnieuw met kritiek. Na een snelle doorrekening concludeerden zij dat de plannen – zoals ze al voorspeld hadden – niet voldoende zijn.

Wat is het probleem?

Tot dusver kon het kabinet zich verschuilen achter Nijpels en de polder, het komend halfjaar moet het zelf knopen doorhakken. Als er een CO2-boete komt voor vervuilende bedrijven, hoe hoog wordt die dan? En wat merkt de automobilist aan de pomp? Allemaal gevoelige discussies, die de coalitiepartijen de afgelopen maanden voor zich hebben uitgeschoven. Genoeg kiezers van CDA en vooral VVD zitten helemaal niet te wachten op allerlei groene maatregelen. Coalitiepartners D66 en ChristenUnie voelen juist de hete adem van de linkse oppositie in de nek, die het voorlopige akkoord lang niet ambitieus genoeg vindt.

Trek het wietexperiment uit het moeras

Het is een van de opvallendste passages uit het regeerakkoord: er komt een experiment met gereguleerde wietteelt. Het kabinet zet in op een kleinschalige en tijdelijke proef. Zes à tien gemeenten zouden er aan mee mogen doen voor een periode van maximaal vier jaar. Maar een adviescommissie meldde medio vorig jaar dat het wietexperiment juist groter moet worden opgezet dan de coalitie beoogt, met meer gemeenten. Coalitiepartijen, CDA en ChristenUnie voorop, zijn niet happig. Hoe het experiment er wel uit komt te zien, is nog steeds onduidelijk. De Tweede Kamer wacht nog altijd op een concreet kabinetsplan. 

Wat is het probleem?

Er zitten vele haken en ogen aan het experiment. De vraag is niet alleen hoeveel gemeenten mee mogen doen, ook moet worden bepaald hoe sterk de ‘staatswiet’ wordt. En als de proef na vier jaar een succes wordt genoemd, komt er dan een verlenging? Wat CDA en CU betreft niet, wat de gemeenten betreft wel.

Steden met veel coffeeshops staan niet te trappelen om deel te nemen. Ook in het parlement ligt het experiment gevoelig. Het CDA schaart zich achter deze proef, maar niet van harte. Tweede Kamerlid Madeleine van Toorenburg noemde cannabis eerder ‘een sluipmoordenaar’. En van Elco Brinkman, CDA-fractievoorzitter in de Eerste Kamer, is bekend dat de wietproef wat hem betreft de prullenbak in kan.

Leg zzp’ers aan banden

Het staat zo mooi in het regeerakkoord: het is niet de bedoeling dat de goedkopere zzp’ers concurrenten zijn van ‘gewone’ werknemers. De zelfstandigen kunnen voor minder geld aan de slag omdat zij een belastingkorting krijgen en vaak geen premies betalen voor arbeidsongeschiktheid en pensioen. Maar de coalitie wil niet te veel nieuwe regels voor zzp’ers, want de echte ondernemende zelfstandige moet alle vrijheid krijgen.

Het kabinet staat voor de vraag hoe dit met elkaar in overeenstemming kan worden gebracht. Moet de belastingkorting voor zelfstandigen op de helling? Is het verantwoord dat een groeiende groep werkenden niet is verzekerd voor arbeidsongeschiktheid en geen pensioen opbouwt? En hoe maak je het onderscheid tussen zelfstandigen die risico op verlies aan inkomen door ziekte zelf kunnen dragen en de zzp’ers die door gebrek aan kansen een onzeker baantje hebben, zoals maaltijdbezorgers?

Wat is het probleem?

Er zijn vele soorten zzp’ers. Fietsers die na een app-bestelling maaltijden bezorgen, schoonmakers, zelfstandige metselaars en schilders, consultants en advocaten. Het kabinet worstelt met de vraag of voor al deze groepen aparte regels gemaakt kunnen worden.

De coalitie moet het eerst onderling eens zien te worden en daarna oppositiepartijen warm maken voor de nieuwe plannen. VVD en D66 willen zelfstandig ondernemers zoveel mogelijk vrij laten. CDA en ChristenUnie zijn geneigd sommige groepen zzp’ers een betere sociale verzekering te bieden voor rekening van de opdrachtgever. Op deze manier wordt het kostenverschil bij het inhuren van een gewone werknemer en een zzp’er verkleind. De oplossing van minister Wouter Koolmees (sociale zaken) laat op zich wachten.

Voorkom pensioenkortingen

Als er niets gebeurt, gaan de pensioenen van ouderen en de pensioenopbouw voor werknemers volgend jaar fors omlaag. Vakbonden, werkgevers en zeker ook het kabinet hebben nog ruim een half jaar om dit te voorkomen. In november strandden de onderhandelingen tussen deze drie partijen over de kortingen en een nieuw pensioenstelsel.

Nu is de hoogte van het pensioen nog gegarandeerd, althans in theorie. In de praktijk kunnen pensioenfondsen die beloften niet waarmaken. De uitdaging is om een nieuw stelsel te bedenken, zonder de huidige zekerheden maar met een grote kans op stijgende uitkeringen. Daarnaast moet een aantal andere vragen over pensioenen worden beantwoord. Gaat de stijging van de AOW-leeftijd te snel? Moet er een verplicht pensioen komen voor zelfstandig ondernemers? En zijn zware beroepen te definiëren zodat sommige werknemers eerder kunnen stoppen?

Wat is het probleem?

Een oplossing zonder medewerking van de vakbonden is onmogelijk. Hun leden, de werknemers, betalen samen met de werkgevers de premies en hebben daarom een belangrijke stem. De vakbonden willen ook een nieuwe stelsel want anders dreigt er sowieso een korting, maar zij zijn huiverig voor minder garanties. De bonden willen daarom iets extra’s: bijvoorbeeld eerder pensioen voor zware beroepen of een forse rem op de stijging van de AOW-leeftijd. Zij hebben de linkse oppositie aan hun zijde. Als de dreiging van pensioenkortingen dichterbij komt, loopt de druk op. Wie houdt het hoofd koel en verzint een list?

Lees ook:

Rutte III in 2018: geld genoeg, maar geen aansprekend succes

Geld is er genoeg en toch slaagde het kabinet-Rutte er in 2018 niet in een aansprekend succes te boeken. Het waren de verliezen die de toon zetten. En dat terwijl de pensioenen en het klimaat schreeuwen om antwoorden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden