Het witte niets

Alles is niets, schreef Joost Zwagerman laatst in een essay in Letter & Geest, een voorpublicatie van zijn nieuwe boek 'De stilte van het licht'. Zijn sprong in het niets was een schok, waarbij je kunt gissen naar psychologische oorzaken zoals een onopgeloste midlifecrisis.

Ik vermoed echter dat op een dieper niveau veel meer over zijn zelfdoding te zeggen valt, temeer omdat Zwagerman een spirituele antenne had (door hem heb ik bijvoorbeeld de verhalen van J.D. Salinger over de curieuze, mystieke familie Glass ontdekt).

Ook de Spaanse dichter en kerkleraar Johannes van het Kruis speelt met de begrippen 'alles' en 'niets'. 'Als je alles wilt zijn/wil dan niet iets zijn' (uit 'Bestijging van de berg Karmel'). Dus: als je alles wilt (God), blijf dan niet steken in iets, wat dat ook moge zijn: erotiek, een carrière, ideologie, roem. Dan strandt je verlangen in een beperkt doel dat op zijn beurt jou zal beperken, soms tot wanhoop toe: 'Is dit nou alles?' Nee, niet alles, niet God.

Ieder mens wordt gedreven door het onrustige verlangen om los te komen van zichzelf in de eenwording met 'alles'. Het is de drijfveer achter ons werk en onze passies waarin we, zoals we zeggen, 'opgaan', of 'onszelf vergeten'. Dit zelfverlies lijkt op het verdwijnen van het door Zwagerman in zijn essay beschreven witte schilderij van herman de vries (die zijn naam zonder hoofdletters schrijft, wat al een vorm van zelfrelativering is). De kunstenaar wilde een wit schilderij tegen een witte muur om te concluderen: 'Dan zou natuurlijk het schilderij op zichzelf overbodig kunnen worden, zodat de muur alleen al voldoende zou zijn'. Zo worden ook wij uiteindelijk overbodig want God zelf is meer dan voldoende - 'overdaad', zoals de vries het wit noemt.

Dit is de reden waarom mystici spreken over hun verlangen naar het radicaalste zelfverlies, de dood. De apostel Paulus 'verlangt ernaar te sterven en bij Christus te zijn'. Augustinus' verlangen naar eenwording met God lijkt soms sterk op een doodswens, en Julian of Norwich schrijft: 'Ik wilde ziek worden, ten dode toe'.

Zij wilden echter niet dood maar, zoals Zwagerman trefzeker over zelfmoordenaars opmerkt, 'een ander leven'. Ze wilden sterven aan hun beperkte, op 'iets' gerichte bestaan dat onrust, frustraties en depressies geeft. Ze zochten een nieuw leven in vrijheid, in overgave aan de 'witte overdaad' die in de religies God wordt genoemd. Vanuit die overvloed hebben mystici bergen verzet, ten dienste van gerechtigheid in de wereld.

Niets is Alles. Zelfverlies is de weg naar 'een ander leven'. Is de daad van Joost Zwagerman een wanhopige poging om tot die 'overdaad' te komen? Heeft hij zichzelf uitgewist om één te worden met het witte licht? Of, en ik zeg het huiverend, heeft het witte licht hém uitgewist (regelmatig sprak hij over de sterke verleiding van de dood)? En in het algemeen: is de wens tot zelfdoding een signaal dat iemand aan spirituele verdieping toe is, een verlangen naar 'de blauwe lampenkap van de hemel' (Malevitsj)?

Morgen wordt afscheid genomen van deze schrijver die na lang verzet, zich vastklemmend aan de liefdes om hem heen, is opgegaan in de glorie van het niets. Laat ons eerbiedig zwijgen zijn laatste rustplaats op aarde zijn. Zoals hij zegt over het witte schilderij: 'dan kun je er vanzelfsprekend ook geen oordeel meer over vellen... het betekent - in de glorieuze betekenis van het woord - niets'.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden