'Het was dit boek of geen boek'

De Libris-literatuurprijs werd de laatste twee jaar uitgereikt aan Vlamingen. Vanavond kan Yves Petry het succes voortzetten. Met zijn roman 'De maagd Marino' is hij de enige overgebleven Vlaamse kanshebber. Over lezers die kunstenaars moeten zijn.

Vanavond gaat hij eerst dineren met de overige kanshebbers en na dat diner hoort hij of hij gewonnen heeft.

Yves Petry vindt het eervol en spannend dat zijn roman bij de eindselectie zit voor het winnen van de Libris literatuurprijs.

"Maar ik zou ook blij zijn als het allemaal weer achter de rug is, dan kan ik me weer op het schrijven richten. Op dit moment is dat nogal moeilijk. Ik zit door die nominatie nog zo in die sfeer van 'De maagd Marino' dat nu werken aan een volgend boek waarschijnlijk min of meer hetzelfde boek zou opleveren."

Om een boek als 'De maagd Marino' te kunnen schrijven, is het inderdaad noodzakelijk om er helemaal in te zitten. De roman is gebaseerd op het waargebeurde nieuwsfeit dat Duitsland en de rest van de wereld in 2002 schokte: Een man verdooft een andere man, amputeert zijn penis, keelt hem en snijdt plakken van zijn billen af om die vervolgens op te eten. En dat allemaal met toestemming van het slachtoffer.

Petry beschrijft de gruwelijke gebeurtenis in zijn genomineerde boek vanuit het postume oog van het slachtoffer, zonder moreel oordeel en in een stijl die uitgebeender - meer ontwikkeld is, zegt hij zelf - dan in zijn eerdere werk.

Zou zo'n gruwelijke gebeurtenis in ieder land plaats kunnen vinden?
"Zoiets is niet plaatsgebonden en ik geloof zelfs niet dat het aan tijd gebonden is. In mijn boek schrijf ik ergens: We zijn met zoveel hersenen dat onzin onvermijdelijk is. Eigenlijk vind ik het wonderbaarlijker dat zoveel mensen in het sociale gareel lopen. Het gaat veel vaker goed dan slecht."

Toch lijkt het alsof het vaker slecht gaat
"Mensen ervaren dat zo, juist omdat we zo goed gewend zijn. Maar was het vroeger beter? In '40-'45 was het zeker niet beter. En in de jaren vijftig was het misschien weer iets te braaf. Maar dat was een logische reactie na de oorlog. We leven nu in ordelijke tijden. Zo ordelijk, dat een exces meer opvalt, ook door de komst van sociale media."

Het krantebericht stamt uit 2002, uw roman verscheen vorig jaar. Waarom zo laat?
"Voor mijn roman 'De achterblijver' (2006, red.) baseerde ik me aanvankelijk ook al op dit nieuwsfeit, maar dat boek ging gaandeweg toch een andere kant op. Ik bleek er nog niet aan toe te zijn. Maar de gebeurtenis liet me niet los. Ik vond dat ik het toch moest doen. Op een bepaald moment had ik geen keuze meer: het was dit boek of geen boek."

Hoe ontstond 'De maagd Marino' vervolgens?
"Tijdens een fietstocht kwam ik op het idee van dat perspectief; het verhaal wordt postuum in de eerste persoon door het slachtoffer verteld en gedicteerd aan de dader. Vanaf dat moment ging het vooruit. Aan het eind stond ik dan wel voor het probleem hoe ik de moord moest beschrijven. Want om dat vanuit het standpunt van het slachtoffer te doen bleek onmogelijk. Toen besloot ik, tijdens een andere fietstocht, om de moord helemaal vooraan te plaatsen, wat de mogelijkheid bood haar in de derde persoon weer te geven. En dat lukte dan weer wonderwel. Gelukkig, want de moordscène weglaten, dat zou ik een beetje laf hebben gevonden."

In uw versie zijn dader en slachtoffer niet geestesziek.
"Dat zou te gemakkelijk zijn geweest. Een geestesziek iemand zou je om het even wat in de mond kunnen leggen. Dat is voor mij niet zo interessant. De gedachtengangen van mijn personages zijn behoorlijk logisch. Alleen wanneer ze aan de ultieme daad denken, of ertoe overgaan, krijgen hun ideeën iets heel particuliers en kronkeligs. Ze begrijpen niet precies wat ze doen. Maar dat is altijd zo als we iets ingrijpends doen, bijvoorbeeld een huis kopen of een kind verwekken. Des te meer geldt dat voor heel eenzame daden als het plegen van zelfmoord of het opeten van een ander mens."

U komt niet tot een moreel oordeel over deze vrijwillige slachting. Heeft u die wel?
"Bedoel je dan mijn eigen versie of de echte zaak? Een schrijver die een moreel oordeel geeft over zijn eigen artistieke creatie, dat zou dodelijk zijn. Ik probeer de werkelijkheid hooguit interessanter te maken. En gemoraliseer brengt ons doorgaans geen stap dichter bij de werkelijkheid. Literatuur is buitengewoon moedig en avontuurlijk - omdat ze alles toelaat en durft en niets ondenkbaar acht - maar tevens volkomen onschuldig, omdat ze haar baldadigheden alleen maar verzint. En over de echte zaak: tja, het zijn volwassen mannen. Ze zijn geen voorbeeld voor kinderen, het is een droeve zaak, maar er is zoveel droevig."

De literatuur speelt een belangrijke rol in het verhaal. Wat zegt dat over uzelf?
"Bruno Klaus, het slachtoffer in het boek, is een literair docent die aanvankelijk enthousiast is over de literatuur maar dat enthousiasme gaandeweg verliest. Bruno gelooft geleidelijk aan zelf niet meer in de stichtelijke werking of het belang van de literatuur. Dat zegt iets over mijn eigen twijfels. Maar bij mij maakt het uiteindelijk niet uit. Anders dan Bruno doe ik actief aan literatuur en als je goed aan het werk bent dan heb je geen geloof meer nodig."

Uw stijl is in 'De maagd Marino' meer uitgebeend dan in uw eerdere werk. Is dat een ontwikkeling of een specifieke keuze voor alleen dit boek?
"Het is mijn ontwikkeling. Ik zorg nu dat ik eerder een punt zet achter een mooie gedachte of een geslaagde metafoor. Vroeger had ik de neiging om die zo volledig mogelijk uit te werken. Terwijl het voor de intelligente lezer vaak prikkelender is als je dat niet doet. Ik gebruikte soms te veel woorden. Toch heb ik die veelheid aan woorden als schrijver nodig om er zelf in te komen. Maar in plaats van zeventien keer te herschrijven, doe ik dat nu achttien keer: die 18e keer als lezer. En dan wordt er veel geschrapt, wat de tekst magerder en gespierder maakt. Ja, dat is een verworven inzicht."

Volgens u moet niet alleen de schrijver, maar ook de lezer die hij zich toewenst een kunstenaar zijn. Wat bedoelt u daarmee?
"Er zijn weinig terreinen waarin nog zoveel moeite wordt gedaan om van het individu een artistieke creatie te maken. Alleen in een roman kan individuele eenzaamheid op een aantrekkelijke manier mededeelzaam zijn. Maar dat gaat niet vanzelf. Er geldt tegenwoordig een nogal huichelachtig sentiment over het individu. Alsof individualiteit een geboorterecht is.

"In de praktijk voelen we geen oprecht respect voor mensen die er al te vanzelfsprekend vanuit gaan dat ze dat verdienen. We zien de eigenheid van een individu alleen nog als je ergens een slachtoffer van bent. Wie een slachtoffer is, die is nog iemand. Om een verleidelijk, indrukwekkend of zelfs maar achtenswaardig persoon te zijn, zul je eerst een unieke vorm aan jezelf moeten geven. En literatuur toont je hoe dat kan."

'De maagd Marino', Yves Petry. De Bezige Bij, Amsterdam. ISBN: 978 90 234 5444 1: 288 pagina's, €19,90

Alfa en Bèta man
Mocht Yves Petry (Tongeren, 1967) de Librisprijs vanavond niet winnen, dan kan hij in elk geval bogen op het binnenhalen van de BNG Nieuwe Literatuurprijs, die hij ontving voor zijn roman 'De achterblijver' (2006). Andere boeken die verschenen zijn 'Het jaar van de man' (1999), 'Gods eigen muziek' (2001), 'De laatste woorden van Leo Wekeman' (2003) en dus 'De maagd Marino' (2010). Yves Petry studeerde wiskunde en filosofie en woont en werkt in Leuven.

De kandidaat-winnaars
Naast 'De Maagd Marino' (De Bezige Bij), maken nog vijf andere titels vanavond kans op de Librisprijs: 'De omweg' van Gerbrand Bakker (Cossee), 'Bonita Avenue' van Peter Buwalda (De Bezige Bij), 'Tikkop' van Adriaan van Dis (Augustus), 'Superduif' van Esther Gerritsen (De Geus) en 'Huid en Haar' van Arnon Grunberg (Nijgh & Van Ditmar).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden