Het wachten is op de T-shirts met 'Ik ben een moslim'

NUWEIRA YOUSKINE

Met vierkante ogen en tuitende oren kwam ik het weekend uit gestrompeld. Binnen plusminus drie dagen waren alle denkbare analyses op de Wilders-toespraak wel gegeven. Een korte week-compilatie.

Nú moesten we ophouden met alle anti-Marokkanen-retoriek. Nú liep de PVV eindelijk leeg. Nú zouden we massaal aangifte tegen Wilders moeten doen. Nú gaven zelfs gevestigde media, alsmede enkele kerken, een signaal dat het populisme hun te ver ging.

Na deze klare taal volgden de mitsen en maren: we mochten ook niet vergeten dat het door de PVV afgescheiden gif nog immer krachtig onder ons aanwezig was. We moesten toch liever geen aangifte doen, want dan gaf je de indruk dat racisme juridisch aanvechtbaar was. En we moesten vooral wel onthouden dat een ieder uiteindelijk een individu is, dat niet op daden van een groep afgerekend kan worden. 'Ik ben een Marokkaan', prijkte opeens op de T-shirts van diverse prominenten die in de verste verte geen wortels in Noord-Afrika hadden.

Het was een warm bad, een feest van menselijkheid en welwillendheid.

Prachtig, het plotselinge inzicht dat Marokkanen ook maar mensen zijn. Hartverwarmend, dat niemand meer kon wachten een Neder-Marokkaan aan de borst te drukken. Geweldig, dat het besef doordringt dat criminaliteit onmogelijk aan etniciteit gekoppeld kan worden. Ineens werd een gestigmatiseerde bevolkingsgroep tastbaar, bijkans aaibaar. Dat is winst.

En dan is het nu tijd voor de werkelijke lakmoesproef.

Zou die morele verontwaardiging verder kunnen reiken dan de incidentele solidariteit met een bepaalde bevolkingsgroep? Want het succes van de PVV en haar vele geestverwanten berustte natuurlijk niet helemaal op het criminaliseren van Marokkanen. Hun populariteit bestond voor een groot deel bij de gratie van de islam als godsdienst. Die godsdienst is niet tastbaar, laat staan aaibaar.

Ze is slechts zichtbaar in de vorm van hoofddoeken in het straatbeeld of een enkele minaret in de woonwijk. Ze is niet vast te pinnen op etniciteit of cultuur. Ze is niet te peilen, want de vriendelijke Turkse buurman gelooft weer langs andere lijnen dan de stugge Groningse bekeerling.

Het is misschien die schimmigheid die maakt dat het nog moeilijker is om ons in de islam te verplaatsen dan in een Marokkaan. Het één is een abstract begrip, de ander een medemens. Toch heeft de islam-hetze evengoed woede, pijn en vervreemding gecreëerd. Onze grootste maatschappelijke scheuring is niet ontstaan door het wegzetten van een bevolkingsgroep, maar door het wegzetten van dingen die voor velen heilig zijn. Een God, een profeet, een heilige tekst. Dat wordt node zo gevoeld in verschillende gemeenschappen, door alle lagen van de Nederlandse bevolking heen.

Dat is dus ook waar de bredere solidariteit nodig is. Het is daarom wachten op de eerste prominenten met het T-shirt 'Ik ben een moslim'.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden