Het verschil zit 'm in de kunst

De serie 'De Schepping' laat zien hoe kunstwerken tot stand komen. Vandaag: Jeroen Everaert maakt kunst in de openbare ruimte. Een ronddobberend bos in de Rotterdamse haven bijvoorbeeld.

Van buitenaf gezien geef je het gebouw geen stuiver, maar eenmaal binnen aan boord van het moederschip is het een hippe en gezellige toestand. Hier, in het Rotterdamse Central District, huist kunstproducent Mothership. Kunstproducent betekent in het geval van Mothership - kort door de bocht dan - kunst naar de openbare ruimte helpen brengen. Zo produceerde Mothership onder meer De Brandgrens, dat met lichtbakens het bombardement op het centrum van de Maasstad in de Tweede Wereldoorlog markeerde. Hun bekendste project is het 11.000 vierkante meter grote 'sixtijnse' plafond in de inmiddels wereldbefaamde Rotterdamse Markthal. Deze 'Hoorn des Overvloeds' komt uit het creatieve brein van kunstenaars Arno Coenen en Iris Roskam, maar die kunnen zoiets nooit alleen af. Hun kleurrijke plafond is mede mogelijk gemaakt door Mothership. Dat klinkt heel commercieel en dat is het ook. De zaak van Jeroen Everaert en compagnon Vincent van Zon opereert internationaal en groeit als kool. In elf jaar tijd realiseerden ze ruim 300 projecten in de buitenruimte. Allemaal onder het motto 'Kunst voor iedereen toegankelijk maken'.

En het moet gezegd, Jeroen Everaert heeft een fijngevoelige antenne voor projecten die de potentie hebben om een groot publiek voor zich te winnen. Hij werkt nu met zijn tienmansteam aan Het Dobberend Bos, naar een idee van kunstenaar Jorge Bakker. Het object bestaat uit 20 iepen die ronddobberen in de Rotterdamse Rijnhaven.

In het voorjaar van 2016 worden ze te water gelaten. Na eindeloos experimenteren en testen.

Wat doet u nu precies voor werk?

"Ik ben kunstproducent, maar ik noem mezelf ook wel art-director. Onze opdrachtgevers zijn gemeenten, stichtingen, projectontwikkelaars en architecten. Als zij vinden dat een bepaald gebied, een gebouw of ruimte een oppepper nodig heeft door er een kunstproject bij te betrekken en er aan toe te voegen, benaderen ze mij. Of ik benader hen, want acquireren blijft nodig. Als producent ben ik de spil tussen de kunstenaar en de opdrachtgever. Het is een symbiose: wat ik kan kunnen zij niet, en wat zij kunnen kan ik niet."

Wat kunt u wat zij niet kunnen?

"Dingen regelen. Wij zijn regelneven. Onderhandelen. Geschikte partijen vinden. Overleggen. Netwerken. Zoeken wie bij wie past. Zoals boybands worden samengesteld, zo stellen wij samen wie en wat er nodig zijn voor een kunstproject."

U moet dus wel thuis zijn in verschillende werelden. Weten wie wat het beste kan. Hoe ging dat bijvoorbeeld bij de Markthal?

"Ik wist dat Provast, de projectontwikkelaar van de Markthal, en Winy Maas, de architect, op zoek waren naar een oplossing voor het plafond. Winy had al aardig in zijn hoofd zitten wat voor soort kunstwerk het moest worden en welke kwaliteit het moest zijn. Toen dacht ik meteen aan Arno. 'Je moet Arno Coenen hebben', zei ik, 'Die kan dat.' Maar kunnen jullie het in vier maanden, vroegen ze toen. Waarop ik gelijk ja zei, want anders gaat de deur dicht en nemen ze een ander. En ze wilden uit meer kunstenaars kunnen kiezen. Uiteindelijk hebben na een selectie negen partijen een schets ingeleverd en bleef toch Arno over. Het is binnen het budget gebleven en binnen de tijd gehaald. Natuurlijk vond ik dat spannend, maar ik heb steeds alle partijen voorgehouden: Als we het samen willen, dan lukt het."

Kan een kunstproject het verschil maken tussen een redelijk succesvol gebouw en een wereldhit zoals de Markthal?

"Nou, we hadden niet voorzien dat het zóveel aandacht zou trekken, maar wisten wel dat het veel publiciteit zou genereren. Het jaarlijks aantal bezoekers was geraamd op 4 miljoen, dat zijn er 8,5 miljoen geworden. Ik denk dat dat voor een groot deel is toe te schrijven aan dat plafond. Kunst kan het verschil maken. Ik denk dat kunst veel vaker onderdeel wordt van een project. En daar bedoel ik echt niet alleen de rol van Mothership mee, hoor. Nederland loopt voorop in architectuur, in design, met deejays. En de kunstenaars met wie wij graag werken, komen allemaal uit dezelfde creatieve kleilaag. Wij voegen slechts een taartpuntje toe aan dat hele kunstveld."

U bent nu volop bezig met de ontwikkeling van Het Dobberend Bos, een idee van kunstenaar Jorge Bakker. Wat is dat voor project?

"Het originele kunstwerk van Jorge is veel kleiner, dat is een dobberend bos in een aquarium op miniatuurformaat. Toen we het zagen dachten we onmiddellijk: dit moet naar de openbare ruimte. Maar waar? Laten we het in het Markermeer doen, werd eerst geopperd. Maar ik zei: Joh, dat moet je niet in het Markermeer doen, dat ziet niemand. Dit moet je doen in een stedelijke context. Toen kwam al snel de Rijnhaven in beeld en dan gaat het circus draaien en begint ons werk. Voor een kunstenaar is dat ondoenlijk. Jorge is een lieve, aardige jongen, maar hij kan dat nooit alleen. Dus dan ga je zoeken. Wat is bijvoorbeeld het effect van groen in een stedelijke omgeving? Dat wilden we graag weten, dus gingen we te rade bij Hogeschool Van Hall Larenstein, die veel weten over urban green.

Onze grootste zorg is natuurlijk: hoe blijven die twintig bomen het beste drijven? Daarvoor schakelden we de studenten van de nautische opleiding in. Vond de school prachtig, natuurlijk, en de studenten ook. Maar die boeien moeten vervolgens wel gemaakt worden. Uiteindelijk vonden we een bruggenbouwer, die samen met studenten de eerste boei hebben gebouwd. We dachten eerst dat er een stalen ring om die boei moest, wilde die met boom en al blijven drijven. Loop maar even mee naar ons aquarium. Kijk, hier zie je een prototype dat uit de 3D-printer komt. Maar het tweede prototype heeft geen extra ring en ziet er beter uit en deze gaan we nu gebruiken voor het verder ontwikkelen van het bos. Het is eindeloos testen en experimenteren. Gelukkig hebben we nog even. Op 16 maart, op Nationale Boomplantdag, gaat Het Dobberend Bos te water. Het is een blijvend kunstproject en moet een orkaan kunnen weerstaan."

Zit er een bepaald ideaal aan de opdrachten voor kunstprojecten waar u instapt?

"Ik wilde vroeger heel graag naar de Kunstacademie, maar dat mocht niet van mijn vader. Ik kom uit een religieus milieu van Jehova's getuigen en die kunstacademie, dat was in de ogen van mijn vader seks, drugs en rock-'n-roll. Toen ben ik maar directeur van een bouwkranenbedrijf geworden. Toch merkte ik dat er iets missie-achtigs in mijn DNA zit. Een missie in combinatie met iets commercieels. Ik ging alsnog kunstacademie doen. Daar ging ik altijd al gelijk groot en naar de buitenruimte. Het atrium inpakken en zo. Gaandeweg viel mij steeds meer op dat kunstenaars nauwelijks aansluiting vinden bij de rest van de maatschappij. Omdat in de kunstwereld altijd wordt gedacht dat je dan artistieke concessies moet doen. Dat is niet zo, je hoeft niks in te boeten.

Een kunstenaar moet ook geen Boney M worden - die alles aan anderen overlieten en keihard belazerden en belazerd werden - maar je kunt altijd autonoom blijven. De kunst is: wie wil jouw werk? Hoe vind je die? Waar zitten ze?"

Maar daar bent u dan weer voor. Eigenlijk zegt u daarmee: Schoenmaker blijf bij je leest.

"Ja. Schoenmaker blijf bij je leest, alleen: Wij hebben die leest verzonnen en het is een specialisme geworden."

Uw motto is: Maak kunst toegankelijk voor een groot publiek. Een eigenschap van kunst is óók soms dat die ontregelt en juist niet voor iedereen te begrijpen is. Wat is er mis met moeilijke kunst voor een klein publiek?

"Oh, maar daar ben ik heel erg voor! Daar is helemaal niets mis mee. Al denk ik als ondernemer én kunstliefhebber wel eens: het systeem van subsidie is niet de enige weg die naar Rome leidt. Mijn punt is: ongeveer 5 procent van de Nederlandse bevolking geniet, laten we zeggen, actief van kunst. Dat betekent dat 95 procent dus niet van kunst geniet. Dat is niet omdat ze het niet willen, maar omdat ze het niet weten. En wij denken dat we via marktwerking en het werken in de openbare ruimte heel veel mensen in aanraking kunnen brengen met kunst. En op die manier willen we mensen enthousiast maken voor kunst. Stel dat we nog eens 5 procent meer mensen van kunst kunnen laten genieten, dan betekent dat een verdubbeling voor de kunstmarkt."

Hoe maak je kunst toegankelijk voor zoveel mogelijk mensen?

"Voor mij is het een tweede natuur om kunst toegankelijk te maken. Het is denken met mijn ballen, zeg ik wel eens. Heel instinctmatig. Ik merk dat ik vaak al in de eerste bespreking over een project de wildste dingen roep, qua concept, en direct weet welke kunstenaar het project zou moeten ontwerpen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden