Het verhaal van Muts de kat

Journalist en voormalig wielrenster Marijn de Vries schrijft wekelijks een column op de sportpagina's van Trouw.

Er was een kat op station Coevorden. Hij heette Muts. Iedereen die wel eens op station Coevorden kwam, kende Muts. Hij was dan ook niet te missen: Muts had maar drie pootjes. Zijn vierde pootje was ooit afgezet, na een noodlottig ongeval. Muts hield van geaaid worden. En mensen houden van katten aaien, dus Muts werd veel geaaid.

Op een dag, een mistige dag in december, ging Muts mee in de trein. Onder de jas van iemand die nog niet helemaal uitgeaaid was. De hele reis richting het zuiden, langs station Gramsbergen en station Dalfsen, spinde Muts onder het kroelen dat hem ten deel viel. Maar in Zwolle aangekomen kwam er een abrupt einde aan het geaai.

Daar stond Muts. Moederziel alleen, op spoor 15 van een vreemd station.

Hij hobbelde wat rond, maar niemand wilde hem aaien zoals ze in Coevorden deden. Tot een conducteur hem zag en hem meteen herkende. Drie pootjes. De machinist van de trein terug naar Coevorden ontfermde zich over Muts. Het dier mocht op het dashboard liggen, voor het raam. Het uitzicht was fenomenaal geweest als het niet zo mistig was. Af en toe kreeg Muts een aai, tot station Coevorden weer in zicht kwam.

Als kind lag ik vaak wakker van de wereld. Van de zure regen, de honger in Ethiopië en de kernwapens in de Sovjet-Unie. Toen ik ouder werd, leerde ik dat ik dat niet moest doen: de wereld op mijn nek nemen. Dan zou ik mijn hele leven wakker liggen. Vanaf toen zocht ik naar een balans. De ene keer maakte de wereld me moedelozer dan de andere keer. Maar meestal was de balans neutraal.

Dit jaar was het anders. Nog nooit keek een oorlog ons zo recht aan, live, via de ogen van mannen, vrouwen en kinderen in Aleppo. Uit de monden van die mensen, in Engels net zo goed als wij, klinken hartekreten. De tussen kerstfoto's ingeklemde facebookfilmpjes, die al gaan draaien als je erlangs scrollt, maken het onmogelijk de verschrikkingen te negeren. Zou je denken. Dacht ik.

Maar dit jaar lijkt medeleven verder weg dan ooit. Of misschien is het er wel nooit geweest. Tenminste niet zoals ik dacht. Misschien ben ik wel zevenendertig jaar lang naïef geweest, met mijn geloof in het feit dat er in ieder mens, als het erop aankomt, inlevingsvermogen zit. Mededogen. En de wil te delen wat je hebt, als een ander het echt nodig heeft. Zeker als je rechtstreeks met die ander wordt geconfronteerd. Via het schermpje van je telefoon. Via je computer, of je tv.

Begrip moeten we hebben, voor de boze mensen in ons land. Voor de mensen die de grenzen dicht willen. Die vinden dat vluchtelingen maar verrotten moeten. Want ja, die boosheid komt ergens vandaan. Daar moeten we wat mee. Nou, ik heb het geprobeerd. Ik heb geprobeerd me voor te stellen waarom er zoveel mensen zijn die alleen maar aan zichzelf denken. Die drijven op angst. Want dat is het. Geen boosheid, maar angst. En angst is o zo makkelijk aanjaagbaar. De toekomst is nu eenmaal onzeker. Een verhaal over hoop en liefde is veel makkelijker te ondermijnen. Net als nuance.

Ja, ik heb geprobeerd te snappen waarom mensen zo egoïstisch zijn dat het zien van wanhopige ogen ze compleet onverschillig laat. Maar sorry. Ik kan er niks mee. En ik kan er ook niks mee dat ik om die reden word weggezet als elitaire wegkijker. Als deugmens, als linkse huilebalk.

Maar ik laat me er wel door beïnvloeden, tot mijn schaamte. En hoe. Ik heb geen zin in de haat die me overspoelt als ik er iets over zeg op de sociale media. Dus hou ik mijn mond. Laf als ik ben. Och, ik schreef toch over sport? Laat ik dat vooral doen. Sport verbindt, sus ik mezelf. Intussen grijpt de machteloosheid me naar de keel, als ik langs de beelden uit Aleppo scroll. Dus scroll ik door. Zo snel dat er niet eens een traan opwellen kan. Dus toch een wegkijker. Die niks zegt en niks doet.

In plaats daarvan deel ik het verhaal over lieve mensen die zich ontfermen over een verdwaalde kat. Zijn baas had niet eens door dat Muts weg was geweest. Hij lag al te snurken in zijn warme mand toen de man via Facebook vernam wat voor avontuur het dier had meegemaakt. Ik speur naar de kleine lichtpuntjes als deze. Lichtpuntjes als lampjes in de kerstboom, die als je je ogen toeknijpt vanzelf iets groter worden en schitterende sterretjes zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden