Het uitgestelde rouwproces om een verloren zoon

Een bespreking van 'In alle stilte' staat op pagina 19 van de Kunstbijlage.

Aan het slot van de documentaire 'In alle stilte' die cineaste Karin Junger over Van Sebilles persoonlijke geschiedenis heeft gemaakt, zijn we getuige van dat hartverwarmende moment - en van de tranen die we in haar van de camera afgewende blik vermoeden. Maar de blijdschap en trots overheersten, zegt ze, terugblikkend op dat moment. Vooral de eerste dagen moest iedereen die foto zien: “Kijk, dit is 'm!”

Nee, ze heeft Martijn nog niet ontmoet sinds haar oudste dochter hem een paar maanden terug opspoorde. Hij wil geen contact. “Maar hij zal het op een gegeven moment niet uit de weg kunnen gaan. Althans, dat verwacht ik. Daar moet hij z'n eigen tijd voor vinden. Dat kun je niet forceren, dat ben ik ook niet van plan. Tenslotte wist hij niet van mij, van het bestaan van zijn twee zussen, en is hij onverhoeds dit verhaal binnengesleurd.”

Dat verhaal begint in 1966 in Eindhoven. Een tijd waarin traditionele normen en waarden geleidelijk afbrokkelen, maar van een vloedgolf van nieuwe vrijheid nog geen sprake is. En dan blijkt de 17-jarige Will in verwachting te zijn. Ongewenst natuurlijk, want ze zit nog op school, net als haar vriendje Klaas, met wie ze vanaf haar veertiende verkering heeft. Een ongelukje, verklaart Klaas in de film, te wijten aan een uit geldgebrek meer dan één keer gebruikt en dus waarschijnlijk lek geraakt condoom.

Hoe vertelt een schoolgaande tiener uit een traditioneel denkend katholiek milieu aan haar ouders dat ze zwanger is? “Ik héb het nooit verteld. Mijn moeder ontdekte het door mijn dagboek te lezen.” Dat haar moeder de belastende bladzijden daarna uit haar dagboek scheurde, past achteraf gezien naadloos in het door allen meegespeelde spel van verzwijgen en ontkennen. Want ongehuwde moeders pasten niet in de door kerk en maatschappij uitgedragen opvatting dat een kind een, vanzelfsprekend met elkaar getrouwde, vader en een moeder nodig had.

Ook de wetenschap sprak een woordje mee. Zo schreven de psychiaters Trimbos en Heijmans in hun standaardwerk 'De niet-gehuwde moeder en haar kind': “Wanneer men grote aantallen niet-gehuwde moeders gezien heeft, komt men tot de conclusie dat wij hier vaak met een randgebied van pathologie en normaliteit te maken hebben.” In hun visie was ongehuwd moederschap “een aantasting van de geestelijke volksgezondheid” en “maatschappelijk gezien, een groot euvel en een onmiskenbaar kwaad”.

Afstand doen van het kind en adoptie door een gehuwd paar dat geen kinderen kon krijgen, gold als de beste oplossing. En omdat in die jaren de vraag naar adoptiekinderen groeide, stonden de zwangere meisjes onder grote druk. Dat afstand doen voor hen mogelijk een traumatische ervaring was, werd niet onderkend.

Will van Sebille: “Het hele beleid was er op gericht je kind af te pakken. En daarna werd je duidelijk gemaakt dat het je eigen schuld was dat je het kwijt was. Daar ben ik nog steeds kwaad over.”

“Nadat mijn moeder had ontdekt dat ik zwanger was, ging 't allemaal razendsnel. Binnen één week was ik weg, in de auto naar een tante en oom in Zwitserland. Met als verklaring: Will is gezakt voor haar eindexamen (wat waar was), en nu is ze ingestort en moet ze tot rust komen. Ik heb van niemand afscheid kunnen nemen.”

Aan de ballingschap in Zwitserland kwam overigens na een paar maanden abrupt een eind, toen de oom en tante bezoek uit Nederland verwachtten: stel je voor dat die Will met haar uitdijende buik zou zien. Terug in Nederland werd ze ondergebracht in een tehuis voor ongehuwde moeders. In Leiden, “waarschijnlijk omdat het veilig ver van Eindhoven af lag.”

In de film is de periode van haar zwangerschap vormgegeven in nagespeelde scènes, met een look-alike in de rol van de jonge Will. Die flashbacks zijn gebaseerd op de brieven die zij en een vriendin aan elkaar hadden geschreven en die ze allebei bewaard bleken te hebben. “Het was heel mooi om die brieven aan haar weer te lezen. Ook voor mezelf, want ik zag hoe in de loop van die zes, zeven maanden mijn schrijftoon veranderde: eerst gaat 't nog over hockey en feestjes, maar langzaamaan begint daar de ellende doorheen te sijpelen. En soms deed ik ontdekkingen: 'Oh, zat 't zo!'. Want er zaten toch hele gaten in mijn herinnering.”

Hoe dat kan? “Je hebt het zo goed verdrongen, dat het ophoudt te bestaan. Je mocht het er nooit over hebben.” Desondanks vindt ze het achteraf ook zelf verbijsterend hoe schijnbaar moeiteloos ze na de bevalling de draad van opgewekt schoolmeisje weer oppakte. “Maar dat was ook de opdracht die je kreeg: verzwijgen, niets laten merken. Bovendien was ik de hele dag hard aan het werk om aangepast te zijn en de goedkeuring van mijn ouders terug te verdienen.” Dan, met een handgebaar onder haar kin: “En natuurlijk had je daar een streep getrokken. Je leefde alleen met je hoofd.”

Dat net-doen-of-er-niets-aan-de-hand-is, iedereen in haar omgeving deed er aan mee. Tot en met de verloskundige bij wie ze tijdens haar tweede zwangerschap terechtkwam. Ze was inmiddels keurig getrouwd. Met Klaas, inderdaad. 'Is het je eerste', vroeg de verloskundige. 'Ja', zei Will. Waarna het onderzoek volgde. “Je maakt mij niet wijs dat ze toen niks heeft gezien. Maar ze heeft er met geen woord over gerept.”

Pas in 1991 verbrak Will van Sebille het zwijgen. Samen met Liesje de Leeuw publiceerde ze 'Opgestaan is plaats vergaan', een bundel interviews met twaalf vrouwen die ooit afstand van hun kind hadden gedaan. Het leidde tot een radicale breuk met haar ouders. Bij Klaas was ze toen al weg, na een huwelijk van ruim dertien jaar waaruit twee dochters waren geboren.

Voor een buitenstaander is het wonderlijk te horen dat hun afgestane zoon in al die jaren nooit ter sprake kwam. “Het hoorde bij ons, maar we hadden het er nooit over. Op één keer na, tegen het einde. Klaas bleek er heel anders mee om te gaan dan ik, voor hem was alles wat er was gebeurd veel abstracter. Hij had mij destijds immers nooit zwanger gezien, hij was in zijn eigen omgeving gebleven. Maar dat was niet het breekpunt van ons huwelijk. We bleken gewoon niet meer zo veel te delen.”

In 1994 begon zij, na een loopbaan als lerares in het middelbaar beroepsonderwijs, een eigen adviesbureau, met veel educatieve uitgeverijen onder haar cliënten. In datzelfde jaar gaf ze een poëziebundel uit, die onder meer de uit 11 gedichten bestaande 'Cyclus voor een verloren zoon' bevat. “Ik dacht: 'Als ik geen portret van hem kan hebben, dan maak ik het zelf wel'.” En op dit moment is ze bezig aan een autobiografische roman.

Ook richtte ze een paar jaar geleden de Stichting Afstandsmoeders op; vrouwen die tegen onbegrip van hun omgeving aanlopen, kunnen daar terecht. Om dezelfde reden heeft zij aan de documentaire 'In alle stilte' meegewerkt: “We laten zien dat afstand doen van je kind geen vrije, individuele keuze was, maar werd afgedwongen. Hopelijk ontdekken andere afstandsmoeders door mijn verhaal dat ze waarachtig niet de enige 'slechte vrouwen' zijn.”

De ochtend van het gesprek hebben zij en haar partner, met wie ze alweer veertien jaar samenwoont, in Eindhoven een voorvertoning van de film bijgewoond. Een vrouw die er helemaal voor uit Vlissingen was gekomen, stapte na afloop op haar af. Ook zij, vertelde die vrouw, had gedwongen afstand gedaan van haar baby, en ook zij had daarna gezwegen, vijfentwintig jaar lang. Pas nu, sinds twee maanden, 'kwam het los'. Will van Sebille heeft haar maar kort gesproken, “maar ik wist: die vrouw moet nog het hele traject afleggen, zich weer herinneren wat er gebeurd is, alle ellende opnieuw beleven. In wezen is het een uitgesteld rouwproces.”

In de film zien we hoe zij op die foto haar zoon zo tussen een paar collega's uitpikt. “Ja, hij lijkt wel op mij. De ogen. Maar hij lijkt vooral op mijn vader.” (Haar vader die twee jaar terug overleed en met wie ze sinds 1991 geen contact meer had.) “Dat vind ik toch wel mooi”, zegt ze, “dat hij doorleeft in het gezicht van Martijn.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden