Review

Het tweede dode kind ligt alweer klaar

Dat ik dat nog mag meemaken: een literaire thriller die de naam verdient. Niet omdat hij goed geschreven is, dat zijn er vele. Maar onder andere omdat Hilbert Kuik zo prachtig landschappen weet te beschrijven zonder de vaart uit het verhaal te halen. Dat overigens zeer bizar is. Maar dat hindert niet: de werkelijkheid is soms nog veel gekker.

In 'Geen plek om te sterven' maken we in het eerste deel, dat in 1969 speelt, kennis met een ikfiguur, de pas afgestudeerde dokter Richard Wever. Hij is ontheemd, zijn wortels liggen in Indië en hij is van plan als scheepsarts de oceanen te gaan bevaren, net als zijn idool Slauerhoff. Maar het loopt anders. Een vriend van de familie, ook dokter, roept zijn hulp in. Hij wil eindelijk zijn heimwee achterna reizen en naar Indonesië gaan en Wever moet hem vervangen. Het verblijf in een dorpje in het oosten van het land bevalt hem wonderwel, tot hij een vreemde figuur ontmoet, evenals hij een bewonderaar van Slauerhoff. Die maakt hem tot getuige van drie moorden: hij liquideert oorlogsmisdadigers die verantwoordelijk zijn voor de uitroeiing van zijn familie. En Wever wordt van die moorden verdacht, maar niet vervolgd.

Het tweede deel speelt in 2000. De zoon van Wevers vroegere geliefde neemt na de dood van zijn moeder kennis van het dossier Wever en wordt er evenzeer door geobsedeerd als de dorpsveldwachter, die nooit met wroeten is opgehouden. Maar dan maakt Kuik een salto, het blijkt dat we voortdurend op het verkeerde been zijn gezet. Figuren op wier onschuld we zouden durven zweren blijken schuldig, anderen blijken niet te hebben bestaan. En van goede redenen om te moorden blijft weinig over. Een bijzonder spannende en geraffineerde thriller, ook te genieten als gewone, goede roman.

'Botero' van de Vlaming Stefaan van Laere daarentegen is een van de vervelendste boeken die ik ooit heb gelezen, ik zal er maar geen doekjes om winden. Je zou toch zeggen: er worden drie kinderen in vermoord, dat is wel iets dat je zou kunnen raken. Maar nee, het lijkt wel of die moorden onbelangrijke bijverschijnselen zijn. In het begin wordt het eerste jongetje gevonden, daarna krijgen we meer dan honderd bladzijden geleuter en geklep over saaie politiemannen die in saaie politiebureaus over saaie rangen, standen en hiërarchie kissebissen. Of innig tevreden thuis een boterhammetje nuttigen. Pats boem wordt dan de dader gevonden, maar het tweede dode kind ligt al klaar. Weer gezanik en gezeur, bijna op elke bladzijde afgewisseld met gekef en geloei tegen journalisten. En die man is zelf journalist, wat zou hem in vredesnaam zijn aangedaan? Welnu, er valt nog een dooie, maar er worden geen sporen gevolgd, op drie bladzijden voor het einde wordt weer plotseling een dader gevonden. Het enige aardige in dit boek zijn sommige Vlaamse uitdrukkingen. ,,Hij holde vierklauwens naar het kantoor.'' Mooi toch.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden