Het Tataarse varken krijgt een Nederlandse stal

Viktor Glebov laat de jeep stoppen en wenkt me naar buiten. Bovenop een sneeuwhoop die net iets boven de muur uitkomt wordt duidelijk wat hij wil laten zien: een eindeloze rij grauw-witte stallen die ver weg in de schemering oplost. Ervoor staat een even eindeloze rij elektriciteitspalen. De omvang van de sovchoz is overweldigend.

Twee dagen eerder had de presidentiële rechterhand Raphael Khakimov trots uit de doeken gedaan hoe in Tatarstan kleinere, commerciële landbouwbedrijven zijn geïntroduceerd. Hier domineert echter nog duidelijk het grote staatsbedrijf. De sovchoz Sosnovoborski ligt in de omgeving van de stad Naberezjnje Tsjelni, bijna vijf uur rijden op de weg van Rusland naar Siberië. Die weg begint volgens de overlevering bij de orthodoxe kerk van de Heilige Barbara in de Tataarse hoofdstad Kazan.

Het is te ruiken dat de sovchoz is gespecialiseerd in varkens. Er leven zo'n zestigduizend beesten, waarvan de helft vleesvarkens en nog eens eenderde biggen. Zo'n 4800 fokzeugen zorgen voor 250 nieuwe kleintjes per dag. Er zijn 54 tractoren, tientallen vrachtwagens en 52 elektriciteitshuisjes. Tien bussen brengen de bijna negenhonderd man personeel van en naar hun dorpjes. Het is een vleesfabriek van een omvang die in varkensparadijs Nederland ongekend is.

Maar het kan altijd beter. Midden op het terrein staat een spiksplinternieuw lesgebouw dat half februari is geopend. Het lichtblauwe gebouw zelf is betaald door de sovchoz, maar het hele interieur komt uit Nederland: de stalen hokken, de computers, de temperatuurregeling, de ventilatiebuizen, de pijpen waardoor het voedsel wordt getransporteerd en al het andere dat anno 2000 in een Nederlandse stal aanwezig moet zijn. Het enige dat ontbreekt zijn de varkens, omdat er aan het gebouw nog gesleuteld moet worden.

Het heeft iets absurds, één zo'n ultra-moderne stal midden op een 26 jaar oude sovchoz. Niet dat het bedrijf zelf archaïsch is. De stallen zijn aardig schoon, de desinfectiebaden zitten vol natriumloog, en het management is naar men zegt aangepast aan de post-communistische omstandigheden. Maar terwijl Viktor Glebov, die voor de sovchoz het nieuwe lesgebouw moet gaan bestieren, zich buigt over de gecomputeriseerde klimaatregeling, hangen zo'n honderd meter verderop grote portretten van de 'werknemers van de maand'. Hier botsen de tijden.

,,De wil is er zeker, maar in de details gaat het nog af en toe mis', zegt Jos Mulder. Hij is namens het bedrijf IPC Livestock uit Barneveld uigezonden om een deel van de opleiding van de Russen en Tataren te verzorgen. Terwijl hij het project laat zien, wijst hij mensen op te hoog opgedraaide verwarmingen, slecht gegoten betonvloeren en ander ongerief. Net als de andere bedrijven die bij het project zijn betrokken wordt Mulder gefinancierd door het bureau Senter van de ministerie van economische zaken in Den Haag. Dat heeft dit project aangeboden, nadat de Tataarse regering een order had geplaatst ter waarde van 43 miljoen gulden voor de levering van onder meer stalinrichting en voedingsmachines. Senter wilde met het project de Nederlandse technologie promoten, maar ook de Russische varkenshouderij een handje helpen door Russen op te leiden om les te geven aan andere varkenshouders uit dat land. Pijnlijk is echter dat na drie jaar het miljoenencontract nog altijd niet is uitgevoerd.

De sovchoz zelf hoopt zijn eigen productie te kunnen verhogen met de Nederlandse methodieken, door varkens als het ware rapper te rouleren: meer biggen per worp (gemiddeld acht in Tatarstan tegen elf in Nederland), sneller weg bij de zeug, sneller op gewicht met minder eten, en dus sneller naar de slachterij. Dat kost net zoveel ruimte, maar levert meer op. Tijd is geld, ook in de varkenshouderij.

Viktor Glebov is inderdaad leergierig en, naar Jos Mulder hoopt, een voorbeeld voor de anderen. Hij laat zich de tochtstromen door de stal uitleggen en overlegt met Mulder over een stalen hek dat wegens een verkeerd gegoten vloer moeilijk opengaat. Bij grote omzetten kan met kleine veranderingen en een grotere zorgvuldigheid al aanzienlijke winst wordengeboekt, benadrukt Mulder. Hij vindt bijvoorbeeld ook dat de hokken in de traditionele sovchoz-stallen verkeerd zijn ingedeeld en een te groot dicht vloeroppervlak hebben, waardoor de varkens teveel op de gewone vloer poepen in plaats van op de daarvoor bedoelde roosters. Details, details, details.

De vraag is of het zin heeft om Russen op te leiden in gecomputeriseerde klimaatbeheersing, op het moment dat weinig Russische bedrijven zich dergelijke apparatuur kunnen veroorloven. De sovchoz zelf kan dat voor zijn oneindige rij stallen niet betalen, maar ook de meeste andere boeren die hier een opleiding gaan krijgen kunnen er alleen van dromen. Maar iedereen blijkt zijn eigen belang te hebben bij het project. De Russen van de sovchoz omdat ze de nieuwste technologie in huis hebben -dat is fijn om te laten zien, goed om later cursusgeld mee te verdienen, en het is toch grotendeels betaald door Nederland-, de Nederlandse bedrijven omdat ze daarmee reclame kunnen maken voor hun technologie -en het wordt toch betaald door Economische Zaken- en het ministerie omdat het wil dat als Rusland klaar is voor nieuwe technologie, het naar Nederland kijkt. Als het aan Viktor Glebov ligt dan komt er -als deze opleidingsstal eenmaal draait- weer een nieuw project met nog modernere technieken.

Het project moet echter ook concrete contracten opleveren, los dus van het inmiddels bevroren miljoencontract. De sovchoz is met drie Nederlandse bedrijven in gesprek. Er moeten nieuwe varkens komen, machines om krachtvoer te produceren, en speciale voedingsconcentraten voor de biggen. Op het eerste gezicht zijn dat kansrijke contacten, omdat de sovchoz als een van de weinige grote bedrijven in de omgeving winst maakt. Enige navraag leert echter dat de winst al moet zijn uitgegeven: de lonen zijn dit jaar verdubbeld tot het relatief hoge bedrag van gemiddeld 150 gulden per maand, en de betalingsachterstanden zijn ingehaald, zo zegt men. Directeur Sulaiman Tazipov geeft na wat aandringen ook toe, dat er misschien ,,hier en daar' nog wat ,,kleine schuldenpostjes uit het verleden' zouden kunnen zijn. Bijvoorbeeld bij de graanbedrijven die sinds december op last van de regering aan het goeddraaiende sovchoz-bedrijf zijn toegevoegd. ,,Maar', benadrukt hij, ,,die bedrijven zorgen ervoor dat we ons eigen varkensvoer kunnen maken'.

De sovchoz maakt deel uit van een vleesconglomeraat in Tatarstan, dat deels in handen is van de overheid. Maar hoe kan het dat er toch nog geld is voor investeringen? ,,Je moet Rus zijn om dat te begrijpen', luidt het antwoord. Enkele uren en een lunch met wodka later blijkt dat Tataarse ministerie van landbouw bereid is zich garant te stellen voor sommige contracten. Het is tenslotte een staatsbedrijf, en de Tataarse regering heeft de Nederlandse landbouw hoogzitten. ,,Het is ongelooflijk welke landbouwproductie jullie op een zo kleine oppervlakte kunnen bereiken', had de Tataarse president Mintimer Sjaimijev zich enkele dagen eerder laten ontvallen. Bij een bezoek aan Nederland in 1996 was hij danig onder de indruk geraakt, en had zichzelf voorgenomen vergelijkbare prestaties te boeken in Tatarstan. Met Nederlandse hulp.

Aan een nagenoeg gratis project kunnen Tatarstan en de sovchoz zich uiteraard geen buil vallen. En ze weten dat ze in Nederland wat kunnen leren. ,,We willen niet opnieuw de fiets uitvinden', grapt directeur Tazipov. Ook hij heeft Nederland bezocht, om les te krijgen in Barneveld. ,,Jos Mulder hier heeft ons de wereld van computers ingeholpen. Eerst liepen we er omheen, nu gaan we erin en kunnen we er zelfs weer uit.' De gedrongen directeur omschrijft zichzelf als een Napoleon (van wie hij inderdaad veel weg heeft), die zijn manschappen het licht aan het einde van de tunnel wil laten zien. ,,En ook al zien we het niet, dan wil ik weten dat het licht er komt. Ik weet nu zeker dát het er ook komt. Het ziet eruit als Nederlandse technologie.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden