Het singletje

Eerst kwam de lp van vinyl. Het was 1948. Amerika. De afkorting lp staat voor long play - langspeelplaat. Vinyl is polyvinylchloride (pvc), een kunststof die vele toepassingen kent, van elektrische bedrading tot speelgoed, van infuus tot riolering, van dashboard tot grammofoonplaat.

Daarna kwam de single van vinyl, 45 toeren per minuut, de kleine plaat met één lied aan elke kant, de A- en de B-kant.

De introductie van de single op de Nederlandse markt werd door platenmaatschappij Bovema aangegrepen om mee doen aan een talentenjacht in de Amsterdamse Jordaan. Eerste prijs: een contract voor een nieuwe single. De initiatiefnemers van de talentenjacht, de revue-auteur Henk Voogd, alias Henvo, en de komiek Louis Noiret, eigen naam Louis Schwarz, hadden voor een Jordaanfestival in 1954 twee nieuwe liedjes geschreven, ze werden vertolkt door een volkszanger, het was een succes, maar de platenwereld had geen belangstelling: aardig repertoire voor de Jordaan maar niet voor de rest van Nederland. Daarop verzonnen ze de talentenjacht, op zoek naar 'de beste stemmen van de Jordaan'.

Op deze zangwedstrijd kwamen maar liefst 103 deelnemers af, na drie voorrondes was op woensdag 2 maart 1955 de grote finale in hotel Krasnapolsky, live uitgezonden op de radio door de Avro. De winnaar: cafézanger Jan van Musscher, alias Johnny Jordaan, met zijn aangrijpende vertolking van 'De parel van de Jordaan'. Tweede plaats: kroegbazin Helena Jansen-Polder, beter bekend als Tante Leen.

Twee dagen later was de plaatopname. Op de A-kant: 'De parel van de Jordaan, op de B-kant: 'Bij ons in de Jordaan', met de beginregels:

In Amsterdam heb ik mijn hart verloren

Als ouwe toffe jongen, zo recht uit de Jordaan

Daar ben ik in een keldertje geboren

En ga daar heel m'n leven, beslist niet meer vandaan

De single werd een groot succes. De volgende single werd een nog groter succes: 'Geef mij maar Amsterdam'. Johnny Jordaan werd een ster. In 1955 verkocht Bovema 360.000 platen. De krottige volkswijk, aan de rand van de grachtengordel, werd een hotspot.

De huizen waren er klein en bouwvallig. Vaak deelden meerdere gezinnen één woning. Sommige gezinnen woonden in onbewoonbaar verklaarde krotten. Het dagblad De Waarheid beschreef in 1951 een huis in de Jordaan: "Een benedenhuis, dat nog niet goed genoeg is om afval in op te bergen. Het achterhuis drijft van het water." Maar Johnny Jordaan had een hit met 'De afgekeurde woning':

Ik woon op een woning, men noemt het een krot

Maar ik zie geen enkel bewijs

Er staat aan de deur: 'Onbewoonbaar verklaard'

Voor mij blijft 't toch een paleis

In 1961 deed de Gemeentelijke Woningdienst een onderzoek naar de wensen van de bewoners van de Jordaan. Een van de vragen: 'Wilt u verhuizen?' 61 procent antwoordde: 'Ja!' Zij zagen hun krot niet als een paleis.

De verkrotting ging door tot de grootschalige renovatie in de jaren tachtig. De meeste bewoners trokken weg naar Nieuw-West, Lelystad, Almere en Purmerend. De nieuwe Jordaan werd bevolkt door kunstenaars, studenten en young urban professionals.

Henk van Gelder: Ons Amsterdam (maart 2005); Suzanne Rietmeijer: Ons Amsterdam (feb. 2016); Piet de Rooij: Geschiedenis van Amsterdam, IV (2007)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden