Het recht van de sterkste

De spanningen tussen China en Japan lopen snel op. De conflicten in de regio spitsen zich toe op minuscule onbewoonde eilandjes. Die liggen wel in de buurt van olie- en gasbronnen.

Zuid-Koreanen sneden een paar weken geleden hun vingers af vanwege een paar onbewoonde eilandjes waarop Japan een oogje heeft. En China claimt zoveel rotsen in de Zuid-Chinese zee dat het land deze hele zee als Chinees binnenwater beschouwt.

De eilanden zelf zijn soms niet meer dan de kale top van een koraalrif. Geen gewas kan er groeien, geen mens of dier kan er leven, maar toch verblijven er militairen in speciaal gebouwde kazernes om de boel te bewaken. De landingsbaan die de Chinezen hebben gebouwd op een van de Paracels is volgens waarnemers langer dan het eiland zelf.

Het eigenlijke conflict gaat dan ook niet over het land zelf, maar om de strategische ligging van de eilanden, en om het recht op de olie- en gasbronnen in zee en de rijke visgronden. Bijna alle landen in de regio doen er in steeds wisselende combinaties aan mee. Maar China speelt de hoofdrol.

Het land hongert naar energie, sinds de economie vanaf de jaren tachtig almaar sneller groeit en de welvaart stijgt. China moet alle olie importeren, en trekt in zijn eentje al bijna de hele mondiale energiebalans uit evenwicht. Maar ook de andere landen in Oost-Azië zijn van import afhankelijk. Alleen Indonesië, Brunei en Maleisië hebben eigen oliebronnen.

Geen wonder dus dat landen als China en Japan, de nummer twee en drie qua energiegebruik in de wereld (na de Verenigde Staten), hopen op vondsten van eigen bodem.

Vorige week liep een conflict tussen Japan en China over gasboringen in de Oost-Chinese zee hoog op. Japan trof voorbereidingen voor boringen in een strook zee dat beide landen claimen. Maar niet dan nadat China het gebied de afgelopen maanden veelvuldig had verkend. De landen hebben ruzie over hoe ze de lijn mogen trekken die hun wateren markeert. Dat is weer een gevolg van discussie over de soevereiniteit over eilanden en of je deze eilanden mag meetellen bij het bepalen van economische zones.

Officieel is het allemaal vastgelegd in het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties van 1982. Dat verdrag is door alle belangrijke spelers geratificeerd. Het verdrag stelt dat een land voor hooguit 12 zeemijlen (ongeveer 21 kilometer) recht heeft op de aanpalende zee. Dit zijn de 'territoriale wateren'.

Dan heb je nog de Exclusieve Economische Zone (EEZ), die begint in het gebied voorbij de 'territoriale zee'. Tot maximaal 200 zeemijlen (ongeveer 370 kilometer) mag een land hier exclusief de zee exploiteren. Dit geldt ook voor de zeebodem (continentale plat). Artikel 121 van het verdrag bepaalt dat onbewoonbare rotsen geen EEZ van zichzelf mogen hebben. Landen proberen hier onderuit te komen door te wijzen naar op de rotsen gebouwde vuurtorens of de handjesvol militairen die her en der zijn gehuisvest.

De geest van het Zeerechtverdrag is dat de EEZ niet rondom elk eiland apart getrokken mag worden. Recht hiertoe hebben volgens velen alleen archipels als Indonesië en de Filippijnen. Maar zelfs zonder die complicatie overlappen economische zones elkaar vaak. De zeerechtconventie bepaalt dat landen met overlappende belangen eruit moeten komen door onderhandeling. Daar begint het gedonder.

In november 2002 ondertekenden alle landen verenigd in de associatie van Zuidoost-Aziatische landen Asean (Brunei, Cambodja, Indonesië, Laos, Maleisië, Burma, Filippijnen, Singapore, Thailand en Vietnam) plús China een Verklaring voor de Gedragingen van Partijen in de Zuid-Chinese zee. Hierin spreken de landen af territoriale conflicten vreedzaam uit te vechten volgens de principes van het internationale recht. Ook is afgesproken dat de op dat moment nog onbewoonde rotsen en riffen niet bezet zullen worden.

Maar Japan heeft de Verklaring niet ondertekend en ook China trekt zijn eigen plan. De conflicten nemen de laatste tijd nog toe onder invloed van een groeiend nationalisme in met name deze twee landen. Hierdoor is het risico van gewelddadige botsingen toegenomen. Daar komt bij dat veel Aziatische landen de defensie-uitgaven de laatse jaren sterk hebben opgeschroefd. Ook hier steekt China de kroon.

Aziatische buren beginnen steeds openlijker van hun ongerustheid over China's rol en ambities in de regio blijk te geven. Reden waarom de Chinese premier Wen Jiabao begin deze maand, bij een bezoek aan Pakistan, zich genoodzaakt zag een opmerkelijke verklaring af te leggen. ,,China zal nooit naar hegemonie streven'', verklaarde Wen. ,,Zelfs als we sterker worden en meer ontwikkeld, zullen we nooit anderen in de weg willen zitten, laat staan een bedreiging voor anderen vormen.''

Het draait uiteindelijk allemaal om een machtsstrijd tussen China en Japan. Het boterde nooit tussen de landen die meermalen in oorlog waren en pas sinds 1972 diplomatieke betrekkingen onderhouden. Hartelijk werd het evenwel nooit. De Japanse premier Koizumi heeft sinds eind 2001 buurland China niet bezocht, en de Chinese president heeft sinds 1998 Japan niet aangedaan. Beide landen zetten, via propaganda en schoolboeken, de bevolking tegen elkaar op.

Beide supermachten willen de baas zijn in Azië. Japan, de tweede economie van de wereld, had lange tijd niets te duchten van China. Militair wist Japan zich eveneens veilig, vanwege verdedigingsverdragen met de Verenigde Staten. Maar China maakt zowel economisch als militair een enorme ontwikkeling door. Dat zet de competitie om macht, geld en grondstoffen op scherp. Daartussen balanceren de Verenigde Staten. Die hebben een militaire basis op het Japanse eiland Okinawa en militaire verdragen met Japan, de Filippijnen en Taiwan. Maar ze schurken ondertussen meer en meer tegen het opkomende China aan, een land waarvan de Verenigde Staten in toenemende mate afhankelijk worden vanwege enorme Chinese geldleningen aan de Verenigde Staten. De VS proberen ook, samen met onder meer Japan en China, het kernwapenprobleem van Noord-Korea tot een oplossing te brengen en tegelijk hun militaire rol in Oost-Azië te verkleinen.

Tegen dit krachtenspel kunnen de kleine spelers in de regio niets beginnen. Ze kunnen wapperen met historische kaarten wat ze willen. Het recht van de sterkste zegeviert.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden