Het podium is de diva

(Trouw) Beeld
(Trouw)

Marina Poplavskaja (1978) deed Verdi-ervaring op in ’Don Carlo’, ’Aida’ en ’Otello’. Bij De Nederlandse Opera zingt

Humor is Marina Poplavskaja niet vreemd. Na een lange repetitiedag en pas-sessies met de kostuumafdeling, roept ze vanuit haar kleedkamer op de vraag wat ze tijdens het interview wil drinken: ’A wodka-martini, not shaken’.

Met het accent zou ze zo een exotische Bond-girl kunnen spelen, en met haar looks al evenzeer, blijkt een paar minuten later. Maar eerste indrukken zijn misleidend. Poplavskaja drinkt een beker thee en blijkt een opvallend serieuze en gedisciplineerde zangeres te zijn. Van Amsterdam heeft ze nog niets gezien, en ze is hier toch al ruim vijf weken. „Ik ben hier om ’Traviata’ te zingen, niets anders. Ik was hiervóór in Berlijn en in Rome en ook van die steden heb ik niks gezien. Nee, na de première verandert dat niet. Dan begint het grote werk. Het is pas afgelopen als de laatste noot van de laatste voorstelling is uitgeklonken. Helaas vlieg ik dan meteen naar Los Angeles voor mijn tweede ’Traviata’. Amsterdam zal moeten wachten.”

De rol van Violetta Valéry – la traviata, de van het rechte pad afgedwaalde – geldt als de mooiste, maar ook de lastigste Verdi-heldin. In 1853 was het onderwerp over de aan tuberculose lijdende Parijse courtisane die de ware liefde vindt, maar die vanwege de burgerlijke moraal weer moet opofferen en uitgeteerd sterft, zeer schandaal-gevoelig. Een opera over een welbekende Parijse prostituee, die leed aan een ziekte waaraan veel mensen in die tijd stierven en die ’hedendaags’ geld verdiende en spendeerde, dat was vragen om moeilijkheden met de censuur.

Verdi en zijn librettist Francesco Maria Piave baseerden zich op de novelle en het toneelstuk ’La dame aux camélias’ van Alexandre Dumas jr.; die publiceerde zijn grotendeels autobiografische en expliciete verhaal in 1848. In negentiende-eeuwse opera’s werden tot dan toe gebeurtenissen uit het (verre) verleden verteld. ’La traviata’ was te modern, kwam veel te dichtbij voor het publiek van toen. Er zat nog geen tien jaar tussen het ’waar gebeurde’ en de geïdealiseerde opera. Verdi kreeg het niet voor elkaar om de opera in eigentijdse kostuums te laten spelen; het verhaal moest van de censuur teruggeplaatst worden naar het jaar 1700.

Ondanks startproblemen –de première in 1853 in Venetië was een half fiasco– begon de opera een jaar later in een ander Venetiaans theater, en met een zangeres van Verdi’s keuze, aan de zegetocht over de wereld die tot op de dag van vandaag voortduurt. Zo’n icoon van een rol, waarin zoveel grootheden schitterden, dat moet extra angst inboezemen.

Poplavskaja zegt dat ze daar geen last van heeft. „Ik ben blij dat Violetta in deze periode van mijn leven langskomt. Daarvóór zou het niet goed geweest zijn. Mischien was ik stemtechnisch al eerder klaar voor een rol als deze, maar er moest nog iets veranderen in mijn persoonlijkheid, in mijn hart. Het zou niet goed zijn als alleen mijn stembanden deze vrouw aanvoelden; je moet ook aan een zekere kwaliteit van mens-zijn voldoen om Violetta te begrijpen. Volgens mij zijn mijn hart en ik er nu klaar voor.”

Verdi had heel specifieke wensen voor een zangeres die zijn creatie wilde zingen. Ze moest jong en gracieus zijn, én passie in de stem hebben. „De meeste Verdi-rollen zijn gemodelleerd tot in perfectie”, beweert Poplavskaja. „Maar bij het bedenken en schrijven van Violetta’s muziek heeft Verdi zichzelf overtroffen. In haar stopte hij elk klein detail van zijn eigen gevoelens. Hij heeft haar met zó veel zorg getekend, haar muziek zó stil en subtiel gehouden. Verdi ging door een hele speciale periode in zijn leven, leefde in een buitenechtelijke relatie en werd daarop behoorlijk aangekeken. De frustaties daarover zijn in Violetta – ook een outcast – geslopen. Violetta is gepersonificeerde schoonheid. Haar naam alleen klinkt al zo puur en fris – Violetta. In Dumas’ werk heet ze Marguerite, de bewuste vrouw in zijn echte leven heette Alphonsine. Uit elke muzikale wending, uit iedere frasering spreekt de liefde die Verdi voor haar gevoeld moet hebben. Een jonge vrouw, net tot volle bloei gekomen, maar nu al begrijpend waar het in de liefde om gaat. Dat wat anderen na tachtig jaar leven nog niet doorhebben, snapt zij nú al. En Verdi wist het ook.”

„Ze leeft op de rand, deelt plaagstootjes uit aan de dood. Haar pure naam contrasteert met haar grote moed. Te weten dat je eigenlijk al niet langer in dit leven bent, altijd alleen zult zijn, en dat elke kleine beweging fataal is, daar moet je een scherpe geest voor hebben. Om dat op het toneel duidelijk te kunnen maken, heb je meer nodig dan een stem alleen.”

Overigens deelt Poplavskaja niet de mening die je vaak hoort dat Violetta na de virtuoze eerste akte een ander mens en dus een andere zangeres wordt. „De hele opera is zij dezelfde vrouw. Verdi wist wat hij deed. Die virtuoze eerste akte, dat is alleen maar buitenkant. Het bubbelt als champagne, maar ze drinkt die terwijl er een naald in haar hart zit. Ze begrijpt de rol die ze moet spelen, wat er van haar verwacht wordt. En dus maakt het niks uit of ik de hoge c’s in de eerste akte moeilijker of makkelijker vindt dan die ene fortissimo hoge bes in de tweede. Het gaat hier niet om de hoogte van de noten; je kunt alle hoge noten perfect zingen, en compleet het drama missen.”

Poplavskaja heeft het niet op met traditie. Ze karakteriseert al die zogenaamde ingesleten kennis als stoffig. Wel dweept ze met dirigent Arturo Toscanini, en met zijn – volgens haar – enige legitieme erfgenaam Riccardo Muti. De live-opname die Maria Callas in Lissabon van ’La traviata’ maakte, intrigeert haar.

„Jammer dat dirigenten van nu niet meer de tijd nemen om een rol met een zanger door te nemen. Callas had dat geluk. Muti doet het nog wel, gaat aan de piano zitten en werkt samen met jou langdurig aan een rol. Ik vond het heerlijk om met hem te werken. Nu moet het meestal snel, snel. Maar muziek maken is als het bedrijven van liefde. Als je je partner niet voelt, is er geen lol aan.”

Poplavskaja houdt van het vak, van het podium, van het publiek. Toen ze vijf was zong ze al Russische volksliedjes voor grote mensenmassa’s. „Het podium is voor mij de perfecte plek. We repeteren maanden voor iets, je denkt alles over je rol te weten, en toch is het bij elke voorstelling weer anders. Je kunt de energie van het publiek en van het podium aanraken. Dat podium neemt je op, aanvaardt je, of gooit je ervan af. Het is niet zo dat je de ene dag beter bij stem bent dan de andere. Het is het podium dat jou accepteert of niet. Er bestaan geen diva’s, het podium zelf is de diva.”

’La traviata’ wordt begeleid door het Nederlands Philharmonisch Orkest olv Paolo Carignani. Regie: Willy Decker. Première vanavond. www.dno.nl

Marina Poplavskaja: ¿Je kunt alle hoge noten perfect zingen, en compleet het drama missen.¿ (FOTO KLAUS LEFEBVRE ) Beeld
Marina Poplavskaja: ¿Je kunt alle hoge noten perfect zingen, en compleet het drama missen.¿ (FOTO KLAUS LEFEBVRE )
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden