Het NS-Olifantenpad

Geachte heer Meerstad,

Gefeliciteerd met uw benoeming tot president directeur van de Nederlandse Spoorwegen. Ik lees dat u enige jaren geleden uw machinistenbevoegdheid hebt gehaald om uit eigen ervaring te weten hoe het is om een trein te besturen. Als u nog andere manieren zoekt om uw inzicht in het spoorbedrijf te verrijken, heb ik een suggestie. U zou misschien eens een paar weken als NS-passagier door Nederland moeten reizen met, en nu komt het lastige, met de blik van iemand die vrijwel nooit per trein reist.

Er zal u dan iets opvallen, vermoed ik. En wel dat de Nederlandse Spoorwegen hun klanten steeds minder gebruiksinformatie geven. Ik geef u een paar voorbeelden.

Van de week reisde ik –laagfrequente treingebruiker– van station Hilversum Centraal naar Amsterdam Centraal. Midden in de hal van het station Hilversum is een trap naar beneden. Op geen enkele manier valt te achterhalen waar die trap eigenlijk naartoe gaat. Een bordje ’Naar De Treinen’, een pijl met een pictogram, niets. Vaste gebruikers weten natuurlijk waar die trap heen leidt, maar ik zei al, de vreemdeling, de automobilist die een keer zijn auto laat staan, die ziet niets. Die moet gokken, want die trap leidt niet naar álle perrons van Hilversum CS.

Gaan we die trap af, dan komen we in een lage, brede gang met rechts twee trappen omhoog, naar perrons. Maar welke perrons? Elke aanduiding ontbreekt. Opnieuw moet je gokken, dat wil zeggen, zo’n trap oplopen om op het perron te kijken welk nummer het heeft, en dan zonodig weer terug. Als incidentele bezoeker denk ik dan: ik ben hier niet welkom. Dit is alleen voor vaste klanten, die over allerlei voorkennis beschikken. Misschien had ik een nieuwsbrief moeten lezen?

Ander voorbeeld. U zou eens vanaf het Muziekgebouw aan het IJ in Amsterdam, langs de IJ-oever naar het Centraal Station moeten lopen. Sta na ongeveer tweehonderd meter stil. Wat ziet u? Links een langgerekte bouwplaats met schuttingen, de rijbaan van de Admiraal De Ruyterkade en rechts het tijdelijk voetgangersplankier langs de IJ-oever. Ergens in die amorfe bouwmassa bevindt zich de ingang van het Centraal Station. Kunt u hem aanwijzen? Nee. Hij is namelijk op geen enkele wijze gemarkeerd. Pas ongeveer als je er voorbij loopt zie je dat links een gang is uitgespaard. Boven die gang is alle ruimte om een bord te plaatsen: ’Amsterdam CS, Ingang Noord’ , ik noem maar wat. Desnoods alleen het NS-logo. Voor dat soort doeleinden heeft u dat logo toch ooit laten maken? Deze info-drooglegging geeft je het gevoel dat treinreizen eigenlijk een semi- clandestiene activiteit is, zoals je tijdens de echte drooglegging moest weten op welk blinde deur te kloppen om in je goklokaal te komen. Ook het begrip ’olifantenpaadje’ dringt zich op. In de jungle staan geen bordjes, maar aan de slijtsporen in het gras zien de dieren hoe de route is.

Tot slot een vraag: is dit bewust beleid? De NS heeft zo nu en dan capaciteitsproblemen, dat is bekend, dus dit zóu een manier kunnen zijn om nieuwe passagiers te weren.

Veel succes in uw nieuwe baan, ik hoop nog eens van u te horen.

Met vriendelijke groet,

Jan Kuitenbrouwer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden