Het nieuwe liedboek is ’echt wennen’

Over twee jaar moet het nieuwe ’Liedboek voor de Kerken’ verschijnen. In Drachten proefden kerkgangers alvast het nieuwe repertoire. „Er is ruimte voor geloofstwijfel.”

Gerrit-Jan KleinJan

De parkeervakken achter kerkelijk centrum De Oase in Drachten zijn tot op de laatste plek gevuld. Wie de nieuwbouwkerk nadert, hoort het aanzwellende geluid van gezang. Sonore basstemmen domineren. De kerkzaal (640 stoelen) is bijna vol, halogeenspotjes aan het plafond verlichten het publiek: mannen met truien en vrouwen met kortgeknipt haar. Ruim twee uur lang gaat het hier fortissimo.

Kerkgangers konden deze week in Drachten kennismaken met liederen uit het nieuwe ’Liedboek voor de Kerken’, dat in 2012 het vertrouwde zangboek met de roodlederen band uit 1973 moet vervangen.

De Interkerkelijke Stichting voor het Kerklied (ISK) selecteert in opdracht van zeven verschillende kerkgenootschappen, waaronder de Protestantse Kerk in Nederland (PKN), de Remonstrantse Broederschap en de Nederlands Gereformeerde Kerken, de nieuwe liederen. Het redactieproces is halverwege. „We zijn niet eenkennig met de keuze van nieuwe liederen”, zegt projectcoördinator Pieter Endedijk.

Endedijk organiseert zangavonden waarop, zo zegt hij, „kerkgangers zingend het materiaal kunnen ontdekken”. Een deel van het huidige liedboek, zo licht hij toe, wordt vervangen door gezangen ’die de pluriformiteit van de kerk weerspiegelen’. „In veertig jaar heeft er een enorme verbreding van stijlen en genres plaatsgevonden. Maar in het huidige liedboek staat slechts één stijl: het klassieke kerklied. In het nieuwe liedboek komen evangelische liederen, maar is er ook ruimte voor geloofstwijfel.”

In ’De Oase’ klinkt zo’n modern gezang door de witte kerkzaal. De melodie maakt onverwachte sprongen, het orgel begeleidt met schurende dissonanten. De tekst is provocerend: ’Ja, het liefst zou ook ik, als die andere drammers, God tot ingrijpen dwingen met die almacht van Hem.’

Bezoeker Gerrit Groenveld zingt hard mee, maar deze tekst verrast hem. „Het is wennen, écht wennen. Het is rauw. Het staat dicht bij het leven.”

Welke van de 491 ’oude’ gezangen zullen sneuvelen, is volgens Pieter Endedijk nog onderwerp van discussie, maar het nieuwe liedboek wordt zeker dikker dan de huidige bundel.

Wim Ruessink, de dienstdoende dirigent in Drachten, is verheugd over de opkomst – voornamelijk kerkgangers uit Friesland en Drenthe. „Stoere protestantse zangers uit het Noorden”, stelt hij vast. „Je hoort stemmen met body.”

Dit zijn ervaren zangers van een kerkkoor of cantorij, vermoedt de dirigent, want iedereen zingt alle nieuwe liederen zonder dralen mee, ook die waar moeilijke sprongen in de melodie zitten. „Nee, dit is geen doorsnee-gemeentezang”, lacht Ruessink. „Was dat maar waar.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden