Het Nederlandse rechtssysteem kan wat leren van de zorgsector

 Vrouwe Justitia op het gerechtsgebouw aan de Noordsingel in Rotterdam. Beeld ANP
Vrouwe Justitia op het gerechtsgebouw aan de Noordsingel in Rotterdam.Beeld ANP

De manier waarop de zorgsector experimenteert en innoveert, daar kan het verouderde Nederlandse rechtssysteem nog veel van leren.

Of het nu gaat over een echtscheiding, letselschade of een verstoorde arbeidsrelatie, als er advocaten of rechters aan te pas moeten komen, worden de problemen er doorgaans niet minder op. Sterker nog: de juridisering van een conflict leidt tot polarisatie en verdieping van de kloof tussen twee partijen. Op de claim volgt een tegenclaim, en op een eis een verdediging. Beide partijen zetten de hakken in het zand en het is nog maar de vraag of een rechter uiteindelijk voor een bevredigende oplossing kan zorgen.

Het zijn niet zozeer de rechters, advocaten, wetgevers, agenten en ombudsmannen die door slecht functioneren het rechtssysteem laten haperen, schrijft het Hague Institute for Innovation Law (HiiL) in een vandaag gepubliceerd rapport. Het ligt vaak aan de verouderde spelregels die soms al sinds de 19de eeuw de rechtsgang bepalen. Die voldoen niet meer als er problemen uit de 21ste eeuw moeten worden opgelost, aldus het team van auteurs onder leiding van hoogleraar privaatrecht Maurits Barendrecht van de Universiteit van Tilburg.

Dichtbij burgers

Hoewel het rapport de malaise in de totale rechtspraktijk schetst (van de aanpak van drugscriminaliteit via het strafrecht tot de burenruzie in het civiele recht) doet het in eerste instantie voorstellen ‘voor meer rechtvaardigheid’ op gebieden die dichtbij burgers liggen.

Als het gaat om de (v)echtscheidingen noemen burgers steeds de polariserende rechtsstrijd met advocaten en rechters als grootste probleem. Er liggen al vijfhonderd voorstellen om de ‘route’ bij een scheiding te verbeteren, door gebruik te maken van eerlijke en werkbare afspraken bijvoorbeeld. De sleutel tot een oplossing is in handen van het ministerie van veiligheid en justitie, maar dat is zeer afwachtend.

Hetzelfde geldt voor het ontslagrecht, als er iets mis gaat in de zorg, als iemand schulden heeft of als burgers een conflict hebben met de overheid. Geen instantie biedt oplossingen of bemiddeling aan, er is alleen het oorlogspad richting rechter.

Bij geschillen tussen buren signaleren de onderzoekers wél populaire experimenten. Maar die komen niet van de overheid, maar van de omroepen. Televisieprogramma’s als ‘De Rijdende rechter’ laten zien dat wat menselijke aandacht voor de twee partijen, een persoonlijk bezoekje aan het slagveld en een goed gemotiveerde uitspraak waarin de belangen van alle betrokkenen worden gewogen, vaak voor tevredenheid zorgen. Soms hoeft de televisierechter niets eens tot een uitspraak te komen en lossen de buren hun conflict tijdens de opnames al op.

Stelsel van regels

Die kant moet Nederland op, vinden ze bij het HiiL. Ietwat jaloers kijken ze naar de gezondheidszorg waar zowel buitenstaanders (industrie of researchinstellingen) als insiders (de eigen specialisten bijvoorbeeld) nieuwe behandelingen kunnen ontwikkelen. Als die goed blijken te werken en op hun effectiviteit zijn getest, worden ze aangekocht en ingevoerd. Zo blijft de zorg up to date.

Maar dan het rechtssysteem: de spelers daar zitten volgens de onderzoekers ieder apart, en gezamenlijk, muurvast in een stelsel van regels dat ze niet kunnen veranderen. Innovatie door buitenstaanders is hier kansloos. Een onafhankelijke tegenkracht die monitort wat juristen voor burgers doen, een soort inspectie, ontbreekt totaal. Juristen in welke functie dan ook, zijn volgens HiiL vastgeketend in wettelijke rollen.

De verandering zoeken de onderzoekers bij de opsplitsing van het machtige ministerie van veiligheid en justitie. Dat is volgens hen een kartel dat vernieuwing verhindert. Een nieuw ministerie moet de belemmeringen voor innovatie wegnemen: bij de behandeling van zaken die dichtbij de burger liggen, moet de bewezen effectiviteit dan vooropstaan. In de zorg kan het ook.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden